C'est pas facile à Ouagadougou

‘C’est pas facile.’ Die uitspraak hoor je in Ouagadougou wel zo’n honderd keer per dag en ik betrap mezelf er op dat ook ik ze begin te doen. Bijna steevast worden die woorden, na enig peinzend staren, gevolgd door een berustend ‘ça va aller’. Veel andere opties zijn er immers niet.

  • Lion UPC De strategisch geplaatste affiche van de 'parti du Lion' UPC Lion UPC
  • Roch MPP De stad is overspoeld met affiches - hier die van Roch Kabore (MPP) op een kunstwerk in onze wijk Roch MPP
  • Atelier Saaga Atelier Saaga, de kunstkiosk van Boureima vlak naast Le Foyer Atelier Saaga

Het leven is echt niet makkelijk. Niet in Molenbeek en Beiroet en evenmin in Parijs, op de wankele vluchtelingenbootjes voor de Griekse kust, in Bamako of het door Boko Haram geteisterde noorden van Nigeria. Het lijkt soms alsof de ernst van de drama’s die de voorbije weken en maanden de wereldbol beheersten het leven van elke dag ook zwaarder doet vallen. Mogelijk komt pech gewoon in golven.

Blanke niemendal

Ook ons gezin heeft de dosis wel gehad de voorbije weken. Toen Armel na een festival in Uganda terug thuis kwam, vond hij de groentetuin die hij onlangs samen met een vriend heeft opgestart volledig verwaarloosd terug. De vriend had bovendien het geld dat hij van Armel had gekregen voor mest voor de tuin en voor het onderhoud van de moto die hij hem tijdens zijn reis uitleende, opgedaan aan alles behalve waar het voor bestemd was. En aan de moto waren ineens zoveel kosten dat hij uiteindelijk bij het schroot is beland…

Pacôme wordt op school uitgelachen omwille van de ‘blanke mama’ die hem af en toe komt ophalen en viert zijn onmacht daarover thuis bot op zijn zusje en op ons. Hij werd tijdelijk gered door een aanval van malaria en een buiktyfus die me enkele dagen tot ziekenhuis en platte rust veroordeelden.

Net op dat moment liet het meisje dat ons sinds de komst van de kinderen hielp in huis en met de opvang van de kinderen, ons – nadat de kwaliteit van haar werk de voorbije maanden steil bergaf was gegaan – doodleuk in de steek. Toen we haar na twee dagen eindelijk aan de lijn kregen, luidde het dat ze besloten had ‘een beetje te rusten’. En in Le Foyer moest ik ten einde raad één van mijn medewerksters ontslaan. Ze had de voorbije twee maanden telkens milde nieuwe kansen van me gekregen. Die legde ze onverschillig en gevoelloos naast zich neer. Op de dag van haar ontslag schold ze me de huid vol. Ook zij haalde het wapen boven dat het meeste kwetst: dat ik een blanke niemendal van een patron ben, dat ik niets van dit land snap en dat ik het nooit ver zal brengen.

De dark side

Vorige week las ik de oprecht mooie blogpost van mijn collega Roeland in Benin, die samen met zijn gezin besliste tot een voortijdige terugkeer naar België. De dark side valt hen zwaar. Te zwaar. Ik herken veel. Over hoe hard mensen vaak zijn voor elkaar. Over hoe ze soms het uiterste doen om de ander naar beneden te halen zodra die vooruitgang boekt. Ik zou er aan toe kunnen voegen hoe vaak het begrip solidariteit hier een overschatting is van familiale of sociale druk. Hoe het gedrag van de Ouagalezen in het verkeer nog het meest op dat van een leger kamikazes lijkt. En hoe burgerzin in de eerste plaats aan de orde is tijdens volksopstanden en staatsgrepen. Ook ik zit daar wel mee.

Complimentjes

Daar staat tegenover dat Le Foyer – na een hele tijd naar adem happen – de voorbije twee maanden weer volop bloeit. De hoop op verandering na democratische verkiezingen weerspiegelt zich duidelijk in een licht stijgende conjunctuur. Het weghalen van die ene rottende appel in mijn ploeg heeft de sfeer en het enthousiasme onder mijn werknemers weer stevig opgepoetst, en ook dat laat zich voelen. Een nettere keuken, een vriendelijker bediening, een veel vloeiender organisatie. We krijgen weer dagelijks complimentjes van tevreden en blij verraste klanten en dat maakt alles goed.

Creatieve hub

Daar staat tegenover dat ik nog altijd geen gram heb ingeboet aan overtuiging van wat ik doe en waarom ik dat doe. Het verhaal van lokaal en duurzaam is meer dan ooit aan de orde en de rol van cultuur als bouwsteen voor de samenleving kan niet overschat worden op het moment dat die overal ter wereld in zijn kern wordt geraakt. Enigszins tot mijn eigen verbazing merk ik dat ik – nadat ik bij de Stad Gent een programma over het belang van creativiteit voor de ontwikkeling van de stad van de toekomst aan anderen overliet – rond mijn Foyer een kleine creatieve ‘hub’ aan het bouwen ben. Enkele maanden geleden koos de getalenteerde bronsartiest Boureima Ouedraogo ervoor om naast Le Foyer zijn kiosk te openen, en daar meteen ook het werk van bevriende kunstenaars tentoon te stellen en te verkopen. Heel recent besliste ook landgenoot Pierre Tilmant zijn foto -en videostudio 6M.Productions op de site van het ATB te vestigen. Zijn besprekingen en ontmoetingen met artiesten organiseert hij natuurlijk in Le Foyer, bij een goed glas of een lekkere maaltijd. Het restaurant maakt daarmee één van zijn baselines (‘espace à esprit ouvert, accueillant la détente et la discussion, au coeur battant de la ville’) weer een beetje meer waar.

Woestijnwind

Daar staat tegenover dat ik elke dag weer – als ik onder die heerlijke zon en met de woestijnwind in mijn haren op de moto richting het restaurant rijd – heel zeker weet dat ik dit alles letterlijk en figuurlijk voor geen geld ter wereld wil opgeven. Soms denk ik dat ik niet eens in de verleiding kan komen om dat te doen, ook niet als de dark side brede schaduwen dreigt te werpen. Ik wist vanaf dag één dat het geen eindig engagement zou zijn, en dat wordt het, met zaak, man, kinderen en fijne vrienden elke dag nog een beetje minder.

Titanenstrijd op groot formaat

De socio-politieke ontwikkelingen in Burkina Faso zijn vanzelfsprekend nog een boeiende reden om het anker hier absoluut niet te lichten. Over één week, op zondag 29 november zullen ongeveer 5 en een half miljoen Burkinabè naar de stembus trekken voor de eerste werkelijk democratische presidents- en parlementsverkiezingen. De campagne draait sinds een drietal weken op volle toeren. Het is een strijd die vooral door twee titanen op groot formaat wordt gevoerd. Roch Marc Christian Kabore (MPP, de sociaal-democratische partij die 4 bonzen van de CDP van Blaise Compaore oprichtten na hun ontslag uit die partij eind 2012) en Zéphirin Diabré (UPC, de partij die de via de File de Chef de l’Opposition of FCOP de oppositie tegen Compaore leidde, Diabré is de man die de zorgen van Burkina Faso wil counteren met een ultra-liberale politiek en o.a. de inplanting van een nucleaire centrale) bieden aan sneltempo en met grove middelen tegen elkaar op. Echt veel verschillen die middelen niet van wat altijd gangbaar is geweest onder Blaise. Cadeaus (of dat nu briefjes van 2000 FCFA, gegrilde kippen of gloednieuwe moto’s zijn) worden gul verdeeld onder gemotiveerde militanten en onbesliste burgers. Aan de zetel van de MPP in onze wijk is het elke avond feest. De parade van de UPC die ik deze week op de grand marché kruiste, leek op een losgeslagen overwinningsmars. De Burkinabè die het bouwen van barricades nog fris in de vingers hebben, laten geen enkele kans schieten om hun steun aan de een of andere kandidaat te betuigen, ook als ze een torentje van autobanden moeten bouwen om er een affiche aan op te hangen.

Hoop voor 29 november

Het kan allemaal nog op 29 november. De hoop die ik met veel kritische jongeren hier deel, is dat minstens één van de minder kapitaalkrachtige en dus minder zichtbare spelers (de onafhankelijke en weinig doorzichtige Jean-Baptiste Natama, de jonge en zeer besliste Tahirou Barry en zijn PAREN, de meest standvastige van de sankaristen, Bénéwendé Sankara en zijn UNIR-PS, …) genoeg stemmen haalt om de ietwat arrogante titanen uit balans te brengen, een tweede ronde onvermijdelijk te maken en minstens in het parlement flink wat gewicht in de schaal te leggen. Dat kan de democratische verlichting waarvan Burkina Faso een transitie lang heeft geproefd alleen maar ten goede komen.

We hopen en geloven dat voor de bevolking de herinnering aan de volksopstand sterk genoeg is om heel nauwgezet te blijven volgen wat een nieuwe leid(st)er – ook als hij of zij met oude strategieën aan de macht komt – uitspookt. Tegelijk is de angst dat er door het wegvallen van de gemeenschappelijke vijand scheuren kunnen komen in de eenheid van die bevolking niet helemaal onbestaand. Het kamp Roch en het kamp Zéphirin kunnen dan wel eens lijnrecht tegenover elkaar komen te staan. De gekke priester en onheilsprofeet die eerder de val van Blaise Compaore en de staatsgreep van Diendere had aangekondigd, is formeel: de verkiezingen zullen tot een bloedbad leiden. Zo ver zie ik het niet komen. Het mag dan allemaal niet makkelijk zijn, één ding is zeker: de Burkinabè zijn creatief en moedig genoeg om altijd weer een oplossing te verzinnen. Ca va aller, op de één of andere manier!

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2751   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Sociaal ondernemer in Burkina Faso

    Mien De Graeve verhuisde in september 2012 naar Burkina Faso. Ze werkte er een jaar lang als vrijwilliger voor het online microfinancieringsplatform Zidisha.