De liefde voor een berg

Vandaag verlaten we Kirkuk en we rijden in de richting van Sulaymania. Die stad ligt op ongeveer een uur rijden.  Tussen de twee steden is een prachtig groen landschap te zien met groene heuvels die glooien in de wind. We stoppen op een heuveltop net buiten de stad en ik wordt  bijna omver geblazen door de krachtige wind. 

  • © Bahram Maaruf Op weg naar Piramagrun kwamen we de ruïnes tegen waar de guerillastrijders zich verstopten en het dal beneden in de gaten hielden voor konvooien van het Iraakse leger. © Bahram Maaruf

Het enige wat mij mateloos stoort, is het vuilnis dat je bijna overal ziet. Het is alsof dit volk, dat een bergvolk is, helemaal geen respect heeft voor hun prachtige natuur. Heel jammer want zonder al dat vuil, zou dit een paradijs zijn.

Er werd mij verteld dat de jonge generatie wel let op vervuiling en zelfs in groep de natuur gaat schoonmaken. Maar wat ik tot nu toe heb gezien kan niet door enkele groepen alleen worden opgeruimd. De mooie rivieren en stroompjes liggen vol. Als je in een dal kijkt, zie je hopen vuilnis, langs de wegen en op de plaatsen waar mensen picknicken… Ik word  kwaad terwijl ik dit schrijf, want de schoonheid van de natuur is hier zo adembenemend dat de vervuiling een doorn in het oog is. 

Mijn vader heeft mij duidelijk gemaakt dat je niet zomaar de mentaliteit van een volk kan veranderen. Ze zijn getekend door decennialange vernedering en mishandeling en velen hebben dieperliggende psychologische trauma’s. Nu ze eindelijk hun vrijheid gekregen hebben, komen de basisbehoeftes die bij ons zo vanzelfsprekend zijn op de eerste plaats. Ik denk aan voeding, gezondheidszorg en veiligheid. De zorg voor de natuur komt helemaal niet vooraan. Ik kan het hen dus onmogelijk kwalijk nemen, want ik heb bijlange geen idee hoe de situatie was onder het regime van Saddam Hoessein.

De regering doet heel hard haar best om de mensen bewust te maken. Er zijn campagnes op televisie en zelfs in populaire series wordt er de nadruk op gelegd. Ook in het onderwijs wordt er veel moeite gedaan om de kinderen aan te sporen meer respect te hebben voor het milieu. Bewustmaking begint deels bij een jonge generatie. Hopelijk zal het over enkele jaren zijn vruchten afwerpen.

Gigantisch stuwmeer

Net voor Sulaymania draaien we af richting Dokan. Dat is een gigantisch stuwmeer waarvan de rivier helemaal doorloopt tot Kirkuk. Of beter doorliep. Saddam verlegde de loop van de rivier zodat ze nu tot in Tikrit in het zuiden loopt. Er zijn plannen om dat terug recht te trekken, zodat Kirkuk in de zomer geen woestijnstad meer is. Op de weg naar Dokan ligt de berg Piramagrun waarvan de besneeuwde top te zien is vanop honderden kilometers afstand. We besluiten uiteindelijk om te voet zo dicht mogelijk bij de berg te naderen .

We rijden tot de weg eindigt en gaan te voet verder. Wat echter dichtbij leek, is in werkelijkheid heel ver. Bij elke stap die we nemen, wordt de berg groter en groter.  We willen   steeds dichter gaan om meer van deze majestueuze kolos te zien. Uiteindelijk  stoppen we en komen we tot het besef dat we niet genoeg tijd zullen hebben om de voet te bereiken.

Ik kom op deze tocht naar Piramagrun tot het besef dat dit, zoals in de geschiedenisboeken staat, echt een paradijs op aarde is.

Ik kom op deze tocht naar Piramagrun tot het besef dat dit, zoals in de geschiedenisboeken staat, echt een paradijs op aarde is. Achter ons strekken de groene velden zich uit zo ver het oog kan zien en voor ons liggen kleine paadjes tussen bomen die de indruk geven dat  je je in een sprookjesbos bevindt.

Uiteindelijk komen we aan de eerste rotswand. Tegen deze wand staan opeengestapelde stenen als van een ruïne van een huis. Het blijken de uitkijkposten van de guerillastrijders te zijn die er nu verlaten bijliggen. Het zicht van hieruit  was perfect om in het dal konvooien te zien aankomen en je te verschuilen voor het Iraakse leger. Nu worden ze enkel nog gebruikt door de herders die hun schapen en koeien laten grazen op de heuvelflanken.

Vuilnis

Heel de tocht valt het mij op dat er nergens vuilnis ligt. Eindelijk een plek waar de schoonheid van de natuur niet verstoord wordt door het vuil. Ik ben opgelucht en blij als een klein kind, want ik vreesde al dat er in dit land geen plekken meer waren die niet aangetast zijn door mensenhanden. Volgens mijn vader komt dat doordat de mensen niet komen op plekken waar ze met de auto niet geraken.

Uiteindelijk rijden we terug naar Sulaymania omdat mijn vader een afspraak heeft met een journalist van een lokaal radiostation. De schok die mij overvalt wanneer we we de stad binnenrijden is enorm. Ik ben er acht jaar geleden nog geweest, maar nu lijkt het alsof we in een Europese stad aankomen. Het contrast met Kirkuk is gigantisch. Overal zijn mooie winkels en appartementsgebouwen opgetrokken of nog in aanbouw.

Ik heb mij bewust bescheiden gekleed om mij niet boven de lokale bevolking te plaatsen en minder op te vallen. Terwijl we in een restaurant zitten en onze bodyguard naar de wc is, vragen de obers waarom ik als Europeaan geen Europese kleren draag. Ik ben gekleed in een traditionele Koerdische broek en droeg teenslippers, maar toch kunnen ze zien dat ik niet van hier ben. Ik vind het grappig en ben teleurgesteld op hetzelfde moment. Mijn opzet is mislukt. Ik val toch meer op dan ik dacht.

Chamchamal

We rijden na onze afspraak in het donker terug naar Kirkuk. Op onze weg rijden we voorbij een klein stadje genaamd Chamchamal. Terwijl mijn vader aan het praten is aan de telefoon, kijk ik wat naar buiten. Ik zie op korte tijd twee schoten afgevuurd worden. De kogels zijn herkenbaar in het donker door hun oranje, gele flits die een paar seconden duurt en dan weer verdwijnt. Ik maakt mijn vader erop attent en hij zegt dat Chamchamal het Texas is van Koerdistan.

De criminaliteit is hier heel hoog en het aantal vetes en wraakacties ligt het hoogste van alle steden. Het is zo erg dat als de politie iemand oppakt voor het gebruik van een wapen, de familie hem gaat terughalen uit het politiebureau. Als iemand een moord pleegt, gaat de familie van de dode zelfs zo ver dat ze de moordenaar gaan halen in het politiebureau en hem zelf te executeren. Om dat te vermijden brengt de politie zware delinquenten meteen over naar Sulaymania om de overheid de tijd te geven om ze zelf te berechten.

© 2014 – C.H.I.P.S. StampMedia – Bahram Maaruf

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3229   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur

  • Bahram Maaruf is 22 jaar oud en studeert sociaal-cultureel werk aan de Katholieke Hogeschool Leuven. Zijn vader is een oud guerillastrijder uit Iraaks Koerdistan.