Verdeel en heers, een aloude strategie aan het werk in Peru

Verdeel en heers, of hoe je sociale bewegingen die opkomen voor rechtvaardigheid uit elkaar speelt en zo de mond snoert. Het verhaal van het consultatieproces in Peru’s belangrijkste olieblok 192 is jammer genoeg tekenend. In het midden van de chaos heeft Pluspetrol stilletjes de aftocht geblazen en heeft een nieuw oliebedrijf Pacific Stratus Energy zich zonder veel problemen genesteld in het hartje van de Amazone.

  • © Geert Huylenbroeck Straatbeeld Iquitos, iedere dag wordt overleven moeilijker. © Geert Huylenbroeck
  • © Chaikuni Fernando Chuje, leider van Feconat. © Chaikuni
  • © Chaikuni De Kichwa hebben weinig vertrouwen in de naleving van de akkoorden. © Chaikuni

Het was een hele poos stilte van mijn kant. 2015 is nog niet mild geweest voor ons: een ondergelopen huis, een gearresteerde echtgenoot, kinderen met malaria, …

Na een lang ziekenhuisbezoek met mijn jongste kind, vind ik eindelijk de tijd wat bedenkingen neer te pennen over het voorlopige resultaat in het consultatieproces van Peru’s belangrijkste olieblok.

Dat was een belangrijk proces, het eerste over een concessie in productie, en het eerste in een zone die natuurrampgebied werd verklaard. Om over de humanitaire ramp niet te spreken. 

Het eerste wat je ze moet nageven is dat de Peruaanse overheid en de multinationals experten zijn in intercommunitaire relaties (relaties onderhouden met de inheemse bevolking). Ze kennen spijtig genoeg beter dan wie ook het reilen en zeilen in en rond de inheemse organisaties: hun zwaktes, die van hun leiders en die van alle ngo’s en geinteresseerden die rond hen heen zwermen.

Oh, en ze genieten van het verdeel-en-heersspel dat ze steeds toepassen. Dit gaat ongeveer als volgt: voer maanden- of jarenlange dialogen, draai de raadgevers een rad voor de ogen zodat ze je vertrouwen en ze de facto jouw bemiddelaars worden, onderteken zelfs akkoorden. Zo hou je de inheemse organisaties bezig totdat de gemeenschappen het wachten vanzelf beu zijn, alle roddels en verhalen die je in de zone rondstrooit over hun leiders en raadgevers gaan geloven en dan gaat de bal van de verdeeldheid vanzelf aan het rollen. Het leuke is dat de organisaties daarna zo bezig zijn met zichzelf te legitimeren, de andere in vraag te stellen, enzovoort dat niemand meer maalt om het nakomen van de ondertekende akkoorden.

Ik dacht dat een ezel zich geen twee keer aan dezelfde steen stoot.

Zo verging het de inheemse organisaties ook in het consultatieproces over een nieuw contract in olieblok 192, dat doorging van mei tot eind augustus dit jaar. De balans: veel verdeeldheid, lichte akkoorden die tot nu toe niet worden nageleefd, twee inheemse organisaties verdeeld door nieuw opgerichte organisaties zonder veel legitimiteit, twee organisaties die akkoorden ondertekenden die tot op heden niet worden uitgevoerd, en twee andere inheemse organisaties die bijna een maand alle productie in blok 192 stil hebben gelegd omdat ze niet tot akkoorden konden komen met de overheid en omdat die het proces eenzijdig beeindigde.

Die laatste twee zijn de organisaties die in maart dit jaar de beslissing namen om, na meer dan drie jaar rondetafelgesprekken met de overheid in multisecotriale commissies, akkoorden te ondertekenen die een antwoord moesten bieden op de grote problemen veroorzaakt door de afgelopen vijfenveertig jaar olieontginning op hun territoria. Akkoorden die tot op heden ook niet worden nageleefd. Een ezel stoot zich geen tweemaal aan dezelfde steen dacht ik?

Bovendien beschuldigt de ene groep de andere van verraad. Zij die in maart akkoorden ondertekenden, hielden toen geen rekening met nieuw verkozen leiders van de andere organisaties. Die laatsten keurden op hun beurt een voorstel goed van de overheid waar de eersten niet achter stonden. Dat voorstel ging over het respecteren van het recht op directe winst van de inheemsen door het toekennen van een privéfonds dat zou bestaan uit 0,75% van de opbrengst van de dagelijkse olieproductie (de andere groep wilde op zijn minst 2,25 %).

De verschillende inheemse groepen pasten zo verschillende tactieken toe, tekenden verschillende akkoorden, volgden de raad van verschillende groepen en strekkingen.

Is er te weinig intern leiderschap? Toch om de overduidelijke verdeel-en-heersstrategie van zowel overheid, als Pluspetrol, en misschien wel bepaalde raadgevers, te counteren. Maar er zijn zeker ook andere oorzaken: zoals de versterking van bepaalde leiders door ngo’s, en andere actoren, die intern al lang opzij zouden gezet zijn. Het consultatieproces werd zo dus een heel teleurstellend verhaal voor de inheemse beweging en krijgt $nog een lange staart. Het Ministerie van Cultuur, dat een belangrijke officiele waakhondfunctie heeft in Peru’s consultatieprocessen, mag zich ernstig beraden over zijn rol in dit hele verhaal. 

© Chaikuni

Fernando Chuje, leider van Feconat.

Voor mij zijn er minstens twee problemen die het hele proces ondermijnd hebben:

  1. De verwarring die bestond of bestaat over het doel van het consultatieproces, zowel bij de inheemse groepen als bij sommige raadgevers. Het doel was duidelijk niet een oplossing te zoeken voor de problemen van het verleden, maar om garanties te kijgen voor de toekomstige ontginning.
  2. Het totale gebrek aan oprechte politieke wil om de humanitaire en natuurramp van dat verleden, vijfenveertig jaar olieontginning, aan te pakken.

De Kichwa-organisatie FECONAT, waar ik mee als raadgever voor optreed, bereikte uiteindelijk negen akkoorden in het consultatieproces. Haar leiders kwamen vorige week opnieuw bijeen in de stad Iquitos, waar de overheid een stand van zaken kwam geven van de opvolging van de akkoorden. Veel woorden, weinig daden… FECONAT eist een concrete kalender en zal in oktober en november verscheidene keren naar Iquitos of Lima afzakken om te waken over de concretising van de akkoorden. De leider Fernando inspireert en geeft hoop op een ander leiderschap in de toekomst.

De onderhandelingen over een nieuw contract waren extreem moeilijk, zeker met de lage huidige olieprijs. Op 30 augustus kreeg het bedrijf Pacificic Stratus Energy, na vijftien jaar Pluspetrol Norte S.A., olieblok 192 in handen. Het contract werd maar voor twee jaar toegekend en staat ter discussie, tot in het Peruaanse parlement toe.

Vrije markt brengt vrijheid? Laat me niet lachen.

In dit campagnejaar (in 2016 wordt In Peru een nieuwe president gekozen) werd het thema eenvoudig gepolitiseerd, maar zeker is dat het hele proces verre van transparent was. Een onderzoekcommissie zal moeten uitmaken of er sprake is of was van ondermeer belangenvermenging.

Ook het bedrijf Pacific Stratus Energy, een holding van het Canadese Pacific Rubiales, staat ter discussie: in Colombia zou het bedrijf schuldig zijn aan ernstige mensenrechtenschendingen. In Loreto kwam een deel van de bevolking samen met hun regionale en lokale vertegenwoordigers op straat: door de lage olieprijs betekent het huidige contract een economische ramp voor de regio die afhangt van de canon petroloera.

Loreto stelt voor dat Petroperu, Peru’s staatsbedrijf, de productie op zich neemt. Met de stakingen bereikte ze alvast een voorstel tot wetswijziging die dit mogelijk moet maken. Het voorstel werd door President Humala niet gehomologeerd en ligt nu opnieuw op de tafel van het Parlement. Van Pacific Status moet intussen niet verwacht worden dat het in de volgende twee jaren zal investeren in de nodige infrastructuur in dit heel oude olieblok.

Pluspetrol Norte S.A. is intussen weg uit de zone, maar blijft actief in het aangrenzende olieblok 8 en blijft uiteraard juridisch verantwoordelijk voor de enorme milieu en sociale problemen die het nalaat in olieblok 192 of ex-blok 1AB.  OEFA, Peru’s orgaan voor milieucontrole probeert met alle mogelijke middelen Pluspetrol te dwingen om de noodzakelijke opkuiswerken uit te voeren van alle in kaart gebrachte vervuilde zones. Dat zijn er op zijn minst 92. Er loopt intussen een dwangsom tegen het bedrijf. Afgaande op het door Pluspetrol ingediende exitplan, dat nog steeds niet werd goedgekeurd, is het bedrijf niet van plan om de opkuiswerken serieus te nemen. De inheemsen hebben weinig vertrouwen dat Pluspetrol zal opkuisen of zijn boetes en dwangsommen zal betalen.

© Chaikuni

De Kichwa hebben weinig vertrouwen in de naleving van de akkoorden.

De inheemse organisaties concentreren zich nu best op de juridische strijd tegen Pluspetrol, een bedrijf dat een veilig onderkomen vond in het belastingsvriendelijke Nederland. Opkuisen en vergoeden, luidt de boodschap.

Het moge nu duidelijk zijn dat de Peruaanse overheid niet van plan is om garant te staan voor de rechten van zijn meest kwetsbare groepen.

Of twijfelde iemand daar nog aan? Hier diep weggestoken in Loreto zien we alvast hoe de criminaliteit toeneemt en de levensomstandigheden in het algemeen steeds moeilijker worden. Niet enkel voor de inheemse bevolking. Vrije markt brengt vrijheid? Laat me niet lachen. De vrije markt versterkt de vrijbuiterij van de multinationals.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Juriste in Peru

    Sarah Kerremans woont sinds 2009 in de Peruaanse Amazone. Als juriste verdedigde ze in België vier jaar de rechten van asielzoekers en mensen zonder papieren.