De vaart achter de Congolese luchtvaart

Ik had me nochtans voorgenomen niet meer te bloggen over vliegreizen. Ik dacht immers dat ik alles al had meegemaakt.

  • © Ivan Godfroid De brandweer waakt op het vliegveld van Beni. © Ivan Godfroid
  • © Ivan Godfroid Ondanks de inhuldiging van de nieuwe luchthaven blijft alle luchtverkeer via de oude lopen. © Ivan Godfroid
  • © Ivan Godfroid Om ter stoerst doen als het vliegtuig zijn motoren start. © Ivan Godfroid
  • © Ivan Godfroid Hoog in de wolken lezen over vliegtuigcrashes... © Ivan Godfroid
  • © PH. John Bompengo - Radio Okapi De mooie intrigerende toren van de verkeersleiding in de nieuwe luchthaven. © PH. John Bompengo - Radio Okapi

Naar Kinshasa reizen vanuit Butembo is een hele onderneming. Een berijdbare weg dwars door Congo bestaat niet meer.

De enige mogelijkheid is via de lucht. Want over de weg naar Kisangani en daar dan de boot nemen naar de hoofdstad zou minstens drie weken vergen. Voor een workshop van vier dagen lijkt dat niet meteen de juiste proportie.

Veel keuze is er niet. Eén enkele nationale luchtvaartmaatschappij maakt alsnog de verbinding vanuit Goma of Beni: CAA. Het alternatief is eerst oostwaarts naar Entebbe te reizen, een dagreis met de wagen, en daar dan Ethiopian Airlines of Kenyan Airways te nemen, via Addis Abeba of Nairobi. Twee dagen onderweg, maar wel goedkoper.

Door zijn monopoliepositie in het binnenland kan CAA stevig doorrekenen. Een binnenlandse vlucht naar Kinshasa is dan ook een pak duurder dan een autoreis naar Entebbe + een internationale vlucht naar Kinshasa, duurder ook dan een vlucht naar Brussel. Benieuwd of de nieuwe luchtvaartmaatschappij Congo Airways, ondanks de moeilijke bevalling, hierin een verschil zal kunnen maken.

Gouverneur kaapt vliegtuig

Eerst moest ik het traject Butembo-Goma zien af te leggen met een kleine lokale maatschappij, Busy Bee. Ik moest zeker ten laatste om half acht ’s ochtends me aanbieden op de aerodroom. Waarom, dat heb ik nooit geweten. De Busy Bee-bediende zelf kwam pas om 8 uur aan, en de ontvanger om 10 over 8.

Het vliegtuigje had rond 20 voor 9 moeten aankomen om 20 minuten later weer het luchtruim te kiezen. Maar om halftien was er nog steeds geen vliegtuig te bespeuren. Passagiers werden uiteraard niet ingelicht, dat doet hier niemand. Stel je voor dat je informatie achteraf niet correct zou blijken te zijn. Dat keert zich gegarandeerd tegen jou. Dus moet je als passagier maar raden wat er gebeurt.

Gelukkig kwam een medewerker van onze bank me groeten. Hij was slimmer geweest: hij moest een collega ophalen en belde daarom om het kwartier naar Busy Bee of ze het uur van aankomst al kenden. En zo wist hij me te melden dat het nu niet lang meer zou duren. Hij kende ook de reden van de vertraging: de gouverneur van de provincie had een vergadering in Beni, dus had hij het vliegtuig opgeëist om hem meteen naar Beni te vliegen zonder tussenlanding in Butembo. Een officiële vliegtuigkaping noem ik dat. Anders kan ik dat niet omschrijven.

Dooddoener

Intussen was een schoolbus aangekomen die een dicht opeengepakte massa eerste leerjaarskinderen losliet over het vliegveld. Zij mochten het vliegtuigje bezoeken. Als ik hun aantal zag, en die moesten allemaal eens in en uit het vliegtuig, begon ik bang te worden mijn aansluiting in Goma te missen. Het CAA-vliegtuig zou om 12u30 opstijgen naar Kinshasa.

Het bleek nog mee te vallen. Om 10u45 hingen we in de lucht. Maar het vliegtuig ging wel weer eerst naar Beni, want voor die vlucht hadden een aantal passagiers geboekt. Uiteindelijk landden we om 12u20 in Goma. Alle passagiers waren al aan boord van de Airbus, maar ik werd gedwongen eerst opnieuw luchthaventaksen te betalen. Dat ik zopas in Butembo al 15$ had moeten neertellen vond hij normaal. Ik veranderde immers van maatschappij, dus moest ik opnieuw taksen betalen. Als antwoord op mijn protest had hij meteen zijn dooddoener klaar: “ik ben maar een uitvoerder, meneer”. Omdat ik beslist niet mijn aansluiting wou missen, bleef er niets anders over dan naar zijn pijpen te dansen.

© Ivan Godfroid
Om ter stoerst doen als het vliegtuig zijn motoren start.
© Ivan Godfroid

Vliegtuiglectuur

Nog nagrommelend nam ik plaats in de airbus. Maar toch ook blij dat ik het gehaald had. Om 12u30 stipt stegen we op.

Lekker ontspannen nu, dacht ik. Even kijken wat er te lezen valt. Kijk eens aan: het nummer 1 van april 2015 van een nieuw tijdschrift, het Taï-magazine, “Afrikaans magazine voor luchtvaart en reizen”. Arend in het Swahili is Taï.

Nu moet je weten dat films in vliegtuigen altijd vermijden ook maar iets te maken te hebben met luchtvaartongelukken. In dit eerste nummer van Taï daarentegen wordt haarfijn in vier gedetailleerde bladzijden in twee talen uiteen gedaan hoe op de luchthaven van Zürich een vliegtuig is gecrasht. Een en twintig passagiers en drie bemanningsleden kwamen om. Ik slikte en keek door het raam naar het wolkendek om de loop van mijn gedachten een ander perspectief te geven.

© Ivan Godfroid
Hoog in de wolken lezen over vliegtuigcrashes…
© Ivan Godfroid

Het einde van de tracasseries

De dag voor mijn terugkeer uit Kinshasa zag ik op de nationale televisie hoe de president met een indrukwekkend gevolg een splinternieuwe internationale luchthaven opende in Ndjili. Wat een geweldige samenloop van omstandigheden, vond ik, dat ik bij de allereerste gebruikers van de infrastructuur zou horen. Bovendien werd hij aangekondigd als het einde van de tracasseries! Wat zal dat een verademing zijn!

De ontgoocheling was groot toen de ochtend erop bleek dat we toch naar de oude internationale luchthaven met zijn wereldberuchte chaos werden geleid. Iemand die het kan weten zei me vandaag nog dat ook de internationale vluchten langs daar blijven lopen. Dus die inhuldiging was alvast niet een inhuldiging voor de gebruikers maar enkel maar voor het staatshoofd en zijn gevolg. Je vraagt je af wat daar de bedoeling kan van zijn.

Gevaarlijk wapen

Een uur later, wanneer ik eindelijk in de wachtzaal was beland, maakte ik de balans op. Niemand had me mijn ticket uit de handen kunnen rukken, ik was aan alle verzoeken voor thee, sigaretten en bijdragen in vervoerskosten kunnen ontsnappen. Ik had een mobiele telefoon aanvaard, een kadootje voor de zoon van de DGM-ambtenaar in Beni die net in zijn staatsexamen is geslaagd. Ik keek wel even nors toen die geüniformeerde me uit de wachtrij kwam plukken, maar het bleek enkel maar om me te vragen hem die dienst te bewijzen. Wat een opluchting.

Ik bleek wel in het bezit te zijn van een gevaarlijk wapen: een potje pilipili van 100 ml dat ik in Kinshasa aanschafte. Ik kreeg de keuze: het achterlaten of mijn handbagage in de kofferruimte laten vervoeren. Ik bedacht snel wat ik kwijt zou spelen mocht ze niet aankomen, en koos dan toch uit eigengereidheid mijn bagage af te staan, evenwel niet zonder hem tot driemaal toe te vragen of ik die in Beni wel zal terugzien. Hij gaf me zijn woord van eer, en als iemand me zijn woord van eer geeft, dan geloof ik dat. En inderdaad, mijn bagage, inclusief pilipili, is veilig aangekomen.

Geen enkel verschil

Die avond las ik nog op Radio Okapi’s website dat toch ook de oude terminal zal gerenoveerd worden voor binnenlandse vluchten. De DG van de Regie der Luchtwegen gaf zelfs te kennen: “Op het vlak van veiligheid is er geen enkel verschil tussen een binnenlandse of een internationale vlucht”.

Dat… had hij nu beter niet gezegd. Ik draag altijd in mijn handbagage een vlijmscherp plooibaar opinelmes met een houten handvat. Daar ben ik in Zaventem mee gestopt toen de metaaldetector zo scherp werd afgesteld dat het steevast werd gevonden. Op zich een hele geruststelling. Maar in Congo ben ik er nog steeds overal ongehinderd mee doorgekomen. Ook nu weer. En als er dan toch geen verschil is met de internationale vluchten… hoop ik dat geen enkele terrorist hierbij ideeën opdoet.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Globochtoon

    ‘Van waar ben je?’. De vraag zet me elke keer aan het denken. Van waar je geboren bent? Dan ben ik van Rwanda. Van waar je ouders komen?