De Uru's van Lago Poopó houden eerste openbare aanklacht op Katawi

Na de ministerraad op de zeebodem op de Filippijnen en deze in de Mongoolse Gobi-woestijn, hielden de Uru’s van Lago Poopó – zij het op iets kleinere schaal en helaas zonder internationale media-aandacht - ook hun moment van openbare aanklacht. Op donderdag 26 september organiseerden ze een rite op het eiland Katawi, ten midden van het reusachtige meer Poopó. Het meer is langzamerhand aan het opdrogen en wordt door ernstige vervuiling bedreigd. De visopbrengst daalt aanzienlijk en flamingo’s worden dood aangetroffen. De Uru’s vragen aandacht voor hun zaak, want het meer is niet louter hun broodwinning, het is tevens hun huis.

  • © Emma Timmerman De Uru's houden voor het eerst een openbare aanklacht op het eiland Katawi, ten midden van Lago Poopó. © Emma Timmerman
  • © Emma Timmerman Een Uru sleept zijn bootje richting het meer, dat steeds verder en verder terugdeinst als gevolg van vervuiling en verdroging. © Emma Timmerman
  • © Emma Timmerman Een groep collega's, journalisten en geïnteresseerden waden zich een weg naar de houten boten, om naar het eiland Katawi geroeid te worden. © Emma Timmerman
  • © Emma Timmerman Mario. © Emma Timmerman
  •  © Emma Timmerman Tijdens het ritueel op Katawi maken de Uru's hun manifest bekend. © Emma Timmerman

Voor het eerst organiseren de Uru’s deze rite. Na een lange busrit op de hoogvlakte met geen water te bespeuren, behalve luchtspiegelingen die je telkens weer in de maling nemen, duikt het meer Poopó toch plots op. Het is ongetwijfeld een van de meest adembenemende plekken waar ik ooit zal komen. De Andes, met zijn prachtige bergtoppen die in de verte prijken en de eindeloze vlakte met het meer, dat in the middle of nowhere begint, geen zichtbare grenzen kent en waarop je roze horizonten van flamingo’s spot. Met opgetrokken broeken waden we naar de houten kano’s, vanwaar de Uru’s ons naar het eiland Katawi brengen. De trip maakt me helemaal zen, geen geluiden, behalve van de roeispanen die het water doen kabbelen.  Dit zou dan ecotoerisme kunnen zijn. Geen additionele energie, enkel de mankracht van Mario, die ons onvermoeibaar naar het eiland roeit, in zijn geweven poncho en strohoed – de traditionele outfit van de Uru’s – en met een dikke bol coca onder zijn linkerkaak. Soms doet hij zelfs de hele oversteek van het meer, 10u aan één stuk roeien.

De Uru’s zijn een kleine minoriteit van de Boliviaanse indigenas, de Uru’s van Lago Poopó zijn met zo’n 800. Ze kénnen dit meer, het is hun reilen en zeilen, hun werk, huis en hun leven. Aangekomen op het eiland zijn we getuige van een traditionele rite en daarna formuleren ze hun Manifest. De conservatie van dit meer gaat om de bescherming van hun eeuwenoude levenswijze, om het respect voor het ecosysteem dat zich zonder ongepermitteerde vervuiling perfect stand houdt, om de eis naar erkenning van deze natuurpracht als nationaal patrimonium. Hun eisen zijn niet meer dan terecht. Als je deze plek ziet, kan je bijna janken, van de schoonheid. Van het evenwicht tussen mens en zijn natuurlijke omgeving.

De getuigenissen zijn aangrijpend. De Uru’s hebben dit ecosysteem ernstig achteruit weten gaan, door de lozing van zware metalen in het meer zelf of in de rivieren die erin uitmonden. De mijnen van Huanuni, Poopó en Kori Chaka worden daarvoor verantwoordelijk geacht. Dit is mijn eerste fysieke aanraking met de impact van mijnbouw – na de euforie over de pracht van deze locatie –  maakt het me intriest.

De Uru’s willen behalve een structurele bescherming van hun leefmilieu ook een toeristische activiteit van deze trip maken. Het idee aan hordes ééndagstoeristen doet me een beetje huiveren. Want is ecotoerisme niet sowieso een contradictio in terminis? Geen Westerse toerist kan hier geraken zonder schade te berokkenen aan het milieu. Maar ik kan ze geen ongelijk geven de Uru’s, dit mag gezien worden. Ik kan alleen maar hopen dat deze trip voor hen die hier komen de ogen opent over hoe wonderbaarlijk schoon de natuur is, en hoe de mens zo harmonieus daarin kan leven, zonder het iets van zijn waarde af te nemen. En dat het inzicht brengt over het feit dat we écht een verantwoordelijkheid hebben bij het behoud hiervan, bij elk vliegtuig dat we nemen, bij elk kilo afval we produceren of bij elke gsm of laptop die we aanschaffen. Want aan de Uru’s zal het in ieder geval niet liggen, de druk op dit mooie Andesgebied.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2945   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift