‘Europa heeft me wel tien jaar jonger gemaakt maar ik wil terug naar Libië’

Vandaag genieten we in België van een ongekende en algemeen toegankelijke mobiliteit. We gaan met vakantie naar de andere kant van de wereld of overwegen een poos in het buitenland te werken. Wat we echter vaak vergeten, is dat deze vrijwillige mobiliteit lang niet toegankelijk is voor iedereen, integendeel.

© Sophie Samyn

we hadden koekjes gebakken op 21 september voor het internationale feest van de vrede

‘Europa heeft me wel tien jaar jonger gemaakt maar ik wil terug naar Libië.’ Dit vertelde Alisha mij huilend op een dag in Italië. Maar laat me bij het begin beginnen. Ik ontmoette Alisha in 2014. Ik werkte in een opvanghuis voor vrouwelijke asielzoekers in een klein provinciestadje in het Noord-Oosten van Italië.

De opvangcrisis was daar net begonnen, een jaar eerder dan in België. Het vervoer van de bootvluchtelingen gebeurde ‘s nachts, zo was het minder zichtbaar voor de mensen. Op een zekere nacht, na een telefoontje van de questura, de lokale politie, werden twee Filipijnse vrouwen van middelbare leeftijd bij ons opvanghuis afgezet.

Ze waren opgevist voor de kust van Italië en direct op de bus gezet. Tot dan toe hadden wij enkel Nigeriaanse, Eritrese en Syrische vluchtelingen opgevangen die vanuit Libië de oversteek hadden gemaakt. Ze stonden er met z’n twee een beetje verbijsterd bij. Doordat ze Engels konden, kwamen de verhalen snel boven en het is het verhaal van Alisha, een van deze twee vrouwen, dat ik heel graag wil delen.

Respectloos mobiel

Vandaag worden we in België geconfronteerd met een voordien nooit gekende en voor iedereen toegankelijke mobiliteit. We gaan met het vliegtuig naar de andere kant van de wereld met vakantie of denken eraan misschien een periode in het buitenland te gaan werken of te studeren.

‘Mobiliteit is niet altijd vrijwillig en betekent voor sommigen de onmogelijkheid tot terugkeer’

Toen ik Alisha ontmoette, was ik in Italië. Ik wilde graag werken in het buitenland om een andere taal te leren en wat ervaring op te doen.

Wat we hier echter vaak vergeten is dat deze vrijwillige mobiliteit lang niet toegankelijk is voor iedereen, integendeel. We leven in een tijd waarin grenzen steeds meer gematerialiseerd worden en migratiemogelijkheden verminderen.

Het einde van de Koude Oorlog betekende voor velen dat het recht op migratie en mobiliteit globaal openbaar goed werd.

Het recht op bewegingsvrijheid is vandaag echter een van de minst gerespecteerde in de wereld en migratie wordt in het Globale Noorden steeds meer beantwoord met een technocratische en gedepolitiseerde benadering in termen van nationale veiligheid. Bovendien is mobiliteit niet altijd vrijwilligig en betekent voor sommigen de onmogelijkheid tot terugkeer.

Groeiende aandacht, minder begrip

Ondanks de groeiende en aanzienlijke politieke aandacht voor migratie, is er een kloof tussen de Europese publieke beeldvorming en de ervaring en het leven van migranten. Analyses worden gemaakt van de reden achter migratie: economische ongelijkheid, demografische structuren, beschikbare informatie over betere levensomstandigheden, politieke crises enzovoort.

We worden voortdurend attent gemaakt op het verschil is tussen vluchtelingen en illegale migranten. Migranten worden zo in enge categorieën ingedeeld en zijn daardoor gedwongen hun verhaal aan te passen aan deze labels.

Ik werd vaak in de opvang geconfronteerd met horrorverhalen van jonge vrouwen, uitvergroot en compleet ongeloofwaardig, waarmee ze hoopten aan te tonen dat ze vluchteling waren.

‘Migranten worden in enge categorieën ingedeeld en zijn daardoor gedwongen hun verhaal aan te passen aan deze labels’

Politiek asiel aanvragen was de enige optie die ze aangeboden kregen. En dit verhaal is gekend: burgeroorlog creëert vluchtelingen die vervolgens een helletocht doorstaan om hier te geraken -zeer jammerlijk zo op die bootjes, maar hoe zou het anders kunnen?- waarna Europa de arme vluchtelingen verwelkomt en een nieuwe kans geeft.

Daartegenover staat de minder geliefde illegale migrant die om economische redenen naar Europa komt en die voor een groot deel buiten het publieke debat valt, hoewel echte vluchtelingen slechts een minderheid uitmaken van de migrantenbevolking in Europa.

Het gebrek aan aandacht voor de Europese historische en hedendaagse verantwoordelijkheid in de oorlogen of ongelijkheid die mensen drijft om te migreren even terzijde gelaten, weten we ook gewoon bitter weinig over de verhalen achter deze personen en heterogeniteit van hun ervaringen.

De wezenlijke beweegredenen en dynamieken die een mens ertoe aanzetten te migreren dagen ons begrip van homo economicus uit. Migratie is ingewikkeld. Het fenomeen uitsluitend interpreteren in termen van bedreiging of medelijden -zoals nu gebeurt in de politiek en media- ontneemt migranten elke vorm van menselijkheid en waardigheid.

Dit is het verhaal achter iemand van op die bootjes, een verhaal over mobiliteit en grenzen maar vooral over liefde.

Libië, land van werkgelegenheid

Alisha werd geboren in La Union in de Filipijnen. Toen ze nog jong was verhuisde ze met haar familie naar Baguio in de Bergen. Ze hadden het niet slecht, haar moeder gaf les, haar vader kweekte kippen. Alisha werd verpleegster en begon te werken. Ze trouwde jong, kreeg twee kinderen en adopteerde een kind van haar moeder.

Het nieuwe gezin verhuisde naar Manila omdat Alisha getransfereerd werd naar een ander ziekenhuis om te werken als psychiatrisch verpleegkundige. Toen Alisha’s vader stierf, werd de hele familie voor het eerste echt geconfronteerd met financiële moeilijkheden. Het waren zware tijden.

‘In 2011 waren er ongeveer 18.000 Filipijnse migranten in Libië, waarvan de meeste aan het werk in ziekenhuizen’

In 1982 vertrok Alisha naar Libië om er te gaan werken als verpleegster. Ze vertrok met een werkvisum geregeld door een agentschap in de Filipijnen.

Terwijl Libië vandaag een transitland is voor migranten op weg naar Europa, is dit niet altijd het geval geweest. Vanaf de jaren ‘70 werd Libië een bestemming voor veel migranten. Na de ontdekking van oliereserves in de jaren ‘60 werd Libië een relatief welvarend land in de regio.

Er was veel werkgelegenheid en er waren legale migratiemogelijkheden, niet anders dan in vele rentier-states in het Midden-Oosten. Vanaf midden jaren ‘80 ging het geleidelijk bergaf met de economie in Libië maar in 2009 waren er volgens IOM nog steeds naar schatting 2.5 miljoen migranten in het land.

De Filipijnen zijn dan wereldwijd weer de grootste exporteur van verpleegsters/verplegers. Volgens Charles Jose, de woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken, waren er in 2011 ongeveer 18.000 Filipijnse migranten in Libië, waarvan de meeste aan het werk in ziekenhuizen.

Alisha vertrok dus begin de jaren ‘80 net als vele andere jonge vrouwen à l’avonture. Ze werd zo verantwoordelijk voor het welzijn van de hele familie door het geld dat ze hen elke maand zou sturen.

© Sophie Samyn

feestje in het opvanghuis

Verborgen liefde

De Filipijnen is tot op vandaag zeer afhankelijk van arbeidsmigratie. Werkeloosheid en in ieder geval zware werkomstandigheden motiveren veel jonge mensen om te vertrekken, waaronder veel verpleegkundigen.

Doorgaans wordt in dit verhaal gefocust op de verbeterde levensomstandigheden voor individuele migranten en hun families en op de voordelen van remittances voor de economie. Als gevolg van de massale uitstroom van geschoolde verplegers/verpleegster, en zelfs de sluiting van ziekenhuizen, stuit het land nu echter op serieuze problemen in zijn gezondheidszorg.

Ver weg van haar man en kinderen, werd Alisha verliefd op de Libische Massaud. Ze kreeg zijn naam niet uitgesproken zonder dat haar ogen zich vullen met tranen. ‘Hij was de man van mijn leven’, vertelde ze me. De liefde was wederzijds en ze gingen samenwonen in Tripoli en kregen drie kinderen.

‘Ver weg van haar man en kinderen, werd Alisha verliefd op de Libische Massaud, ze gingen stiekem samenwonen in Tripoli en kregen drie kinderen’

Dit gebeurde allemaal stiekem want Massaud had schrik dat zijn familie haar nooit zou aanvaarden. Toen Alisha’s man in de Filipijnen stierf aan kanker, gingen ze de confrontatie aan. Tegen hun verwachtingen in kregen ze de zegen van de familie om te trouwen. Het waren de mooiste jaren van haar leven. Alisha werkte hard en stuurde geld naar de Filipijnen en geleidelijk aan werd Libië voor haar thuis.

In 1999 stierf Masaud in een auto-ongeval. Vastberaden voor haar familie te blijven zorgen, besloot Alisha hun huis te verhuren aan prostituees. Ze ging zelf terug gaan wonen in een kamer in het ziekenhuis waar ze werkte en de meeste van haar collega’s verbleven.

Ze werkte hard, zorgde voor de kinderen en had af en toe de kans naar de Filipijnen te gaan om de rest van haar familie te zien.

Libische lente

Tijdens de opstanden in 2011 ging Alisha terug in haar huis wonen. Het ziekenhuis sloot voor een periode en niemand wist wat er ging gebeuren. Ze begon een relatie met een Filipijnse man die zich schuilhield in haar huis. Het was Massaud niet, vertelt ze me, maar uiteindelijk trouwde ze ermee om een schandaal te vermijden.

‘Op een avond kwam Alisha thuis van het ziekenhuis en vier mannen hadden haar huis ingenomen’

Eind 2011 vluchtte Alisha naar de Filipijnen. De Filipijnse overheid stelde vluchten ter beschikking om Filipijnen te evacueren. Ze ging bij haar moeder wonen, terwijl haar drie kinderen achterbleven in Libië.

Na twee jaar keerde ze echter terug naar Libië en begon er weer te werken. In 2014 bestond volgens het ministerie van Buitenlandse Zaken in Libië, naar schatting 60 procent van het Libische ziekenhuispersoneel uit Filipijnse dokters en verplegers.

Begin 2014 veranderde de veiligheidssituatie in Tripoli. Het werd gevaarlijk om alleen rond te lopen. Op een avond kwam Alisha thuis van het ziekenhuis en vier mannen hadden haar huis ingenomen. Ze droegen geweren en hun gezicht was bedekt. Alisha liep naar het huis van Syrische vrienden die vlakbij woonden. Toen ze daar aankwam, waren zij aan het inpakken, klaar om te vertrekken.

Europa als enige uitweg

Haar Syrische vrienden brachten haar in contact met een smokkelaar die haar naar een veilige plek ging brengen. Alisha’s man regelde het nodige geld en kort daarna werd ze opgehaald met een auto. Twee Libische mannen brachten haar naar een huis waar een hele groep mensen zat te wachten, onder leiding van Bengalezen.

‘Ik wilde niet naar Europa, wat had ik daar te zoeken? Maar het was alsof dat de enige uitweg was’

Ze werden er opgesloten en moesten drie dagen wachten tot ze op een avond op een boot werden gezet. In het huis hoorde Alisha verhalen over Europa, over asiel aanvragen, over opvanghuizen en vluchtelingenkampen. ‘Ik wilde niet naar Europa,’ vertelde Alisha me. ‘Wat had ik daar te zoeken? Maar het was alsof dat de enige uitweg was.’

In een korte tijd, tussen 2011 en 2014 veranderde Libië in een emigratieland. Door de aanhoudende onveiligheid emigreerden duizenden migranten. De zee werd vaak gezien als de veiligste manier om aan het conflict te ontsnappen.

Door de ontstane smokkelnetwerken werd Libië tevens een passage voor vele anderen, waaronder Syriers, op weg naar Europa. Door de val het Libische regime was er een soort doorgang ontstaan. Khaddafi was immers een trouwe bondgenoot geweest van Italië in het tegenhouden van migranten.

Tien jaar jonger

Voor Alisha vertrok uit Tripoli moest ze haar documenten afgeven. Er werd niet gevraagd waarom, dat was gewoon zo. Iedereen deed het. Hoe meer Alisha me over haar leven vertelde, hoe zeer ik merkte dat er iets niet klopte. Alle gebeurtenissen, de mannen, de leeftijden van haar kinderen, er ontbrak precies een stuk leven. Op een dag confronteer ik haar ermee.

‘Ik kon alles ter plaatse uitvinden, daarom heb ik er maar tien jaar vanaf gedaan’

‘Als alles waar is, had u uw eerste kind wel heel jong,’ zeg ik vlakaf. Aarzelend vertelde ze me de waarheid. We hebben toen tot huilens toe zitten lachen.

Toen Alisha toekwam in Zuid-Italië moest ze haar gegevens doorgeven. Documenten had niemand. Naam, Familienaam, geboortedatum… ‘Ik kon alles ter plaatse uitvinden,’ ze lachte me toe, ‘daarom heb ik er maar tien jaar vanaf gedaan.’

Na een paar maanden bij ons in Italië, eind 2014, vertelt Alisha me dat ze terug naar Libië wil. Ze vindt Italië mooi en leest over de cultuur en geschiedenis maar het zou nooit haar thuis worden, zei ze. Het zal wel weer overgaan in Libië, zo erg is het niet. Ze wilde bij haar man en kinderen zijn en het gemis werd haar te veel.

‘Ja, dat gaat wel niet zomaar,’ vertelde ik haar toen. Ik was nog nooit geconfronteerd geweest met iemand die terug wilde en terug naar Libië leek op dat moment gewoonweg onmogelijk. Er zijn geen boten die die kant op gaan en zonder documenten kan je het vliegtuig niet nemen.

Bovendien was de luchthaven in Tripoli net gesloten door aanhoudende gevechten. Vastbesloten, plande ze een afspraak op de Filipijnse ambassade om alvast een paspoort aan te vragen. Ze is koppig, Alisha.

© Sophie Samyn

Onze uitstap in Venetië

Humanitaire redenen

Ze is uiteindelijk nooit in Rome geraakt, uit schrik dat ze haar terug naar de Filipijnen zouden sturen. Geleidelijk aan geeft ze haar droom op naar Libië terug te keren, doorloopt ze de asielprocedure, gaat naar de Italiaanse les en krijgt tegen alle verwachtingen in een verblijfsvergunning.

‘In Italië geven de verschillende regionale commissariaten ook verblijfsvergunningen voor humanitaire motieven’

In Italië geven de verschillende regionale commissariaten, die verantwoordelijk zijn voor de behandeling van de asielaanvragen en beslissingen, ook verblijfsvergunningen voor humanitaire motieven.

Dit is een vage categorie van toepassing op mensen die niet in aanmerking komen voor internationale of subsidiaire bescherming, maar die serieuze en objectieve humanitaire motieven hebben, gebaseerd op internationale conventies (in het bijzonder het Europees verdrag voor de rechten van de mens) in verband met de gevolgen van een eventuele deportatie.

In 2015 kreeg Alisha, volgens gegevens van het Italiaanse ministerie van Binnenlandse zaken, net als 15.768 anderen dit soort tijdelijke verblijfsvergunning. Het werd al vanaf 2011 ingevoerd als maatregel voor tijdelijke bescherming als reactie op de aankomst van de bootvluchtelingen tijdens de Arabische lente. Velen van hen zetten hun tocht door naar andere landen in Europa en komen elk jaar terug om hun verblijfsvergunning te verlengen.

Complexe dynamiek

Vandaag werkt Alisha, ondertussen 63 jaar oud, in het zwart bij een Italiaanse familie in huis en blijft elke maand geld naar “huis” sturen, naar de Filipijnen én naar Libië. In Italië zijn er volgens het Istituto Nazionale Previdenza Sociale naar schatting 830.000 badanti (huispersoneel die zorgen voor zieken, bejaarden en het huishouden doen), waarvan slechts een derde regulier tewerkgesteld is met een contract.

‘De verzorgers zijn meestal vrouwen die al kinderen hebben in hun thuisland en via deze job erin slagen hun familie te onderhouden’

Het merendeel zijn Oost-Europese vrouwen, maar ook Zuid-Amerikaans en Aziatische vrouwen. Het zijn meestal vrouwen die al kinderen hebben in hun thuisland en via deze job erin slagen hun familie te onderhouden. Er is weinig interesse voor de impact van die migratie op de thuislanden.

InIl paese delle badanti’ beschrijft Vietti hoe de familieverhoudingen van deze vrouwen geherstructureerd worden terwijl vele kinderen opgroeien zonder de fysieke aanwezigheid van een moeder.

De wereldwijde zorgketen betrekt de mannen, kinderen, familieleden en buren van geëmigreerde vrouwen in een complexe dynamiek die het leven in kleine plattelandsdorpen in het thuisland uit evenwicht brengt.

Het heeft niet alleen de arbeidsmarkt getransformeerd in Italië -deze vrouwen vullen jobs in de thuiszorg in waarvoor Italianen zelf niet willen tekenen, maar ook het leven in sommige delen van Oost-Europa, de protagonist van de meest onopgemerkte transnationale migratie van begin deze eeuw.

© Sophie Samyn

Onze uitstap in Venetië

Geen weg terug

Op een dag namen we samen de trein naar Venetië, Alisha en de andere vrouwen van het opvangtehuis. Iedereen had zich mooi opgemaakt en in de gekleurde massa van mensen uit alle uithoeken van de wereld deden we voor een dag gewoon alsof we toeristen waren.

We trokken foto’s van alles en van elkaar. We aten onze picknick zoals veel andere toeristen en windowshopten langs de vele toeristenwinkels, telkens geïnteresseerd vragend naar de prijs maar twijfelend weglopend met de boodschap dat we er over gingen nadenken.

‘Als je de overtocht van de Middellandse Zee doorstaat, dan is er geen weg terug meer’

Toen we achter het San Marcoplein zicht hadden op de open zee, kwamen even de herinneringen boven van de overtocht. ‘Als je dat doorstaat, dan is er geen weg terug meer,’ daarover waren ze het allen eens.

Tussen januari en juli 2017 kwamen volgens IOM alweer 86.121 migranten aan in Italië. Elk met een eigen verhaal en met ergens een familie wiens leven mee transformeert.

Ik deel Alisha’s verhaal als pleidooi om af te stappen van de berichtgeving over migratie, die balanceert tussen medelijden en alarmisme, gebaseerd op het onderscheid tussen vluchteling en illegaal en dat ongestoord het verschil tussen “ons” als legitieme burgers en “hen” als vreemdelingen legitimeert.

Laat ons de complexiteit van migratie aanvaarden en luisteren naar de verhalen van migranten op hetzelfde niveau als hoe wij naar elkaar luisteren. Enkel zo kunnen we vooroordelen wegwerken waarmee migranten dagelijks in onze samenleving geconfronteerd worden.

Misschien kunnen we het daarna hebben over de zogenaamd historisch en geografisch geïsoleerde conflicten en ellende waarvoor mensen vluchten. Zodat we eindelijk zowel hun Europese (post)koloniale erfenis, als de hedendaagse Europese politieke en economische belangen kunnen erkennen die de conflicten en ongelijkheid voortdurend blijven produceren en onderhouden.

Ik probeer Alisha te bellen om te zeggen dat ik over haar heb geschreven, maar het lukt me niet haar te bereiken. Wellicht heeft ze een nieuw nummer of misschien is ze wel weer vertrokken, terug naar huis of een nieuwe liefde achterna.

 

Paper voor het vak Area Study: Maghreb olv Sami Zemni en Koenraad Bogaert (Universiteit Gent)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift