Een schets van de herinnering

Het dagelijkse leven hier confronteert mij met een heleboel fenomenen en problemen die een thesis (of in de meeste gevallen op z’n minst een doctoraat) waard zouden zijn en hun best doen om mij af te leiden van mijn eigen bescheiden onderzoek.

(Om er maar enkele te noemen:
-het steken van álles in een plastiek zakje aka het gigantische afvalprobleem
-de lange geschiedenis van het diepgewortelde racisme van Peruanen tegenover Peruanen
-de ongeziene verkeerschaos met bijhorende uitlaatgassen en astmapatiënten
- de degoutante kloof tussen arm en rijk in één stad
-de beroerde acteerprestaties en dito verhaallijnen in telenovela’s
-de ‘pueblos jóvenes’ (mooi eufemisme voor sloppenwijken) op de zandheuvels van Lima die bij de veelbesproken dreigende aardbeving letterlijk tot stof zullen vergaan
- de honderden verschillende soorten fruit, aardappelen en maïs, met bijhorende culinaire studie)


Desalniettemin doe ik mijn best om mijn ontdekkingsreis naar de historische herinnering van het gewelddadige verleden van dit land verder te zetten.
Een herinnering die bestaat uit duizenden verhalen van slachtoffers, daders hun families, hun geliefden. Een puzzel die nooit compleet zal zijn omdat er nu eenmaal ook velen zijn die de zwarte bladzijde willen omslaan en ondertussen een leven hebben opgebouwd waarin er geen plaats meer is voor het verleden.  Hoewel het thema bij velen een pijnlijk taboe is en de meesten die mijn pad kruisen het met een gringa1 als ik liever over de toekomst van ‘El Peru glorioso’ hebben,  blijft bij anderen de nood groot om te weten wat er gebeurde tijdens de tiempo de miedo (tijd van angst). De toekomst is immers in handen van de generatie wiens kindertijd getekend werd door het conflict.

“Waar hangt mijn zoon?”

Cathy Meza (29, sociologe) is kind van deze generatie. Samen met acht anderen richtte ze in 2009 het collectief ‘Arte por la Memoria’2 op, bestaande uit artiesten, advocaten, sociologen en cineasten. Tijd voor een andere invalshoek na alle teksten en betogingen waar niemand meer van op kijkt, zo dachten ze. Kunst kan immers op een subtiele maar treffende manier de vinger op de wonde leggen. Met hun reizend museum bleven ze niet enkel in Lima, maar trokken ze vooral naar de meest getroffen plaatsen zoals Huancavelica en Ayacucho. Daar waar iedereen wel een echtgenoot, kind, moeder of neef verloor. Vermoord door Senderista’s, of simpelweg verdwenen na de komst van militairen.
Cathy vertelt mij een anekdote uit Huancavelica, waar één van de werken een soort van altaar was met foto’s van slachtoffers. Een vrouw blijft een hele tijd naar het werk staren.
 “Waarom hangt mijn zoon er niet bij?”
 Ze leggen haar uit dat er eenvoudigweg te veel slachtoffers zijn om alle foto’s op te hangen.
“Maar mag ik hem er bij hangen?”
De vrouw gaat naar huis en keert terug met een klein pasfotootje, de enige foto die ze heeft van haar zoon. Ze hangen hem er bij. Later blijkt dat de vrouw de verdwijning van haar zoon nooit aangaf. Geen geld, en vooral veel onwetendheid over de precieze stappen om dat proces te ondernemen.

 

Na afloop van de waarheidscommissie werd er een register geopend waarin alle slachtoffers zich kunnen laten registreren om in aanmerking te komen voor reparaties. Alle slachtoffers, met uitzondering van leden van subversieve groepen (Sendero Luminoso, MRTA). Maar kwam het geweld niet net van verschillende kanten? Is dat niet net wat een burgeroorlog zo gruwelijk maakt? Naast de subversieven worden er in de praktijk nog meer slachtoffers uitgesloten. Op verschillende plaatsen in het land zijn er registratiebureaus maar door de geografie van het immense Peru zijn deze voor velen onbereikbaar. Anderen weten simpelweg niet van hun bestaan.  

Kinderlijke onschuld, volwassen gruwel

In het archief van de Waarheidscommissie kijk ik de mappen met de lokalisatie van begraafplaatsen in. De nabestaanden tekenden plannetjes van hun comunidades3 waarop ze met kruisjes de plaatsen aanduidden waar de forensische antropologen kunnen beginnen graven. Het verleden opdelven in de vorm van botten. Even laat ik mij misleiden door de bijna kinderlijke onschuld van de tekeningen, tot ik weer besef welke gruwelijke realiteit ze verbergen.

MOVADEF, de terugkeer van de terreur?

Het herinneringsdebat woedt hier weer hevig. Niet alleen door de vangst van ‘Camarada Artemio’, één van de overblijvende kopstukken van Sendero, maar vooral door de (mislukte) poging van MOVADEF om zich in te schrijven als politieke partij. MOVADEF (Movimiento por la Amnistía y Derechos Fundamentales) is de politieke arm van wat overblijft van Sendero Luminoso en hangt een radicale maoïstische ideologie aan die geweld verheerlijkt als middel om revolutie te realiseren.

Zijn ze dan alles al vergeten? Het gros van MOVADEF bestaat uit jonge, radicale idealisten. Twintigers, voornamelijk uit Lima, die de terreur niet van dichtbij meemaakten. Bovendien is deze donkere bladzijde van de Peruaanse geschiedenis niet eens opgenomen in de onderwijsplannen. Het gevaarlijke vergeten ligt op de loer.

 

1 Gringo,-a: buitenlander, vnl. in de zin van Noord-Amerikaan of Europeaan

http://arteporlamemoria.wordpress.com

3 dorpsgemeenschappen

­

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2859   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Historica en doctoraatstudente

    Eva Willems is historica en doctoreert aan de UGent over geschiedenis, herinnering en transitional justice in Peru na de burgeroorlog met het Lichtend Pad in de jaren ‘80.