Gaza: de beperkingen van humanitaire hulpverlening

Een hele bevolking zit vast in een openluchtgevangenis. De mensen kunnen er niet weg en alleen de meest essentiële levensmiddelen mogen het gebied in. De gevangenen hebben vertegenwoordigers verkozen en sociale diensten opgezet. Sommigen onder hen hebben zich verenigd in gewapende groepen en verzetten zich tegen hun opsluiting van onbepaalde termijn door raketten af te vuren over de gevangenismuur heen. Het zijn echter de gevangenisbewakers die op grote schaal allesverwoestende aanvallen op de openluchtgevangenis kunnen lanceren. Jonathan Whittall stelt de moeilijke vraag: moet Artsen Zonder Grenzen blijven en zorg bieden – en tegelijk getuigen – of moet ze Gaza misnoegd de rug toekeren en weigeren medeplichtig te zijn?

  • © Chris Huby © Chris Huby © Chris Huby

Gaza is een van de meest dichtbevolkte belegerde gebieden ter wereld: in de Gazastrook leven maar liefst 1,8 miljoen mensen.

Gesloten deuren

Humanitaire hulp is nog steeds toegelaten in Gaza en onafhankelijke organisaties zoals Artsen Zonder Grenzen kunnen noodhulp aan de bevolking bieden, maar de deuren van de gevangenis blijven potdicht. De mensen kunnen niet vluchten naar een veilig onderkomen, weg van het dreigende gevaar van een grootschalig offensief.

Iedereen betaalt de prijs voor het leven onder belegering en voor de verzetsdaden. Gezondheidsstructuren raakten beschadigd en er kwamen al medische hulpverleners om het leven. De bewering dat luchtaanvallen niet op burgers gericht zijn, is in zo’n dichtbevolkt gebied niet echt geruststellend.

Er zijn altijd beperkingen als het om humanitaire hulp gaat. Humanitaire organisaties zoals Artsen Zonder Grenzen kunnen immers wel de gewonden helpen, maar ze kunnen geen grenzen openstellen of geweld een halt toeroepen.

Die beperkingen zijn niet enkel in Gaza van toepassing. In 2012 beëindigde Artsen Zonder Grenzen haar projecten in de gevangenissen van Misrata in Libië. Onze dokters waren woedend omdat ze patiënten moesten behandelen die door de regering gefolterd werden.

Artsen Zonder Grenzen was misnoegd: “Het is onze taak om medische zorg te bieden aan oorlogsslachtoffers en zieke gevangenen, niet om steeds weer dezelfde patiënten tussen foltersessies in te behandelen.”

Beperkte impact

Nu het geweld in Gaza nog maar eens oplaait – Israël bestookt de strook vanuit de lucht en Hamas vuurt raketten af op Israël –, stelt Artsen Zonder Grenzen weer alles in het werk om de medische noden veroorzaakt door de luchtaanvallen op een gevangen volk het hoofd te bieden. Een chirurgisch team van Artsen Zonder Grenzen staat klaar om de gezondheidsinstellingen in Gaza te hulp te schieten wanneer die overstelpt raken.

Het is niet de eerste keer dat Artsen Zonder Grenzen haar acties opkrikt als gevolg van een escalatie van geweld. Artsen Zonder Grenzen leidt sinds 2010 een postoperatieve kliniek in Gaza-Stad, waar 80 procent van de patiënten ernstige brandwonden opliep. De organisatie houdt zich ook bezig met gespecialiseerde handchirurgie in het Nasser-ziekenhuis in Khan Younis en geeft opleidingen intensieve zorg aan het medisch en paramedisch personeel in het Nasser- en Al-Shifa ziekenhuis.

Bovendien bood Artsen Zonder Grenzen noodzorg in Gaza tijdens de militaire operaties Gegoten Lood in 2009 en Operatie Wolkkolom in 2012.

Tijdens vorige interventies, en zelfs op dit eigenste moment, werd de potentiële impact van Artsen Zonder Grenzen echter ingedijkt. Dat is deels toe te schrijven aan het goed functionerende medisch systeem in Gaza, hoewel de druk op het systeem sterk toeneemt door de belegering en het snel kan worden overstelpt.

Naast de beperkte impact wordt het ongenoegen van de medische teams van Artsen Zonder Grenzen overstemd door de propagandaoorlog die telkens uitbreekt wanneer een operatie zoals deze plaatsvindt en door de vrees dat een te luide uiting van kritiek ervoor zou kunnen zorgen dat de chirurgische teams van de organisatie de Gazastrook niet meer zouden kunnen bereiken.

Humanitaire hulp en de hulpverleners zouden altijd onbeperkte toegang moeten krijgen, niet als een gunst maar als wettelijke verantwoordelijkheid. De blokkade moet worden opgeheven.

Medeplichtig?

Zodra er geen bommen meer vallen en de mensen van Gaza de draad weer oppakken na deze aanslag op hun leven en waardigheid, zou Artsen Zonder Grenzen zichzelf moeten afvragen of ze in een dergelijke omgeving kan blijven werken. Wanneer wordt Artsen Zonder Grenzen door haar herhaaldelijke medische acties in onaanvaardbare situaties medeplichtig aan agressie en verdrukking?

Zou Artsen Zonder Grenzen ermee akkoord gaan in een gevangenis te werken waarvan de bewakers de sleutel hebben weggegooid en explosieven over de muur gooien naar het overbevolkte oord vol menselijk lijden? Moet Artsen Zonder Grenzen blijven en zorg bieden – en tegelijk getuigen – of moet ze Gaza misnoegd de rug toekeren en weigeren medeplichtig te zijn?

De medewerkers van Artsen Zonder Grenzen worden dagelijks met de beperkingen van humanitaire hulpverlening geconfronteerd. In Gaza nog des te meer door de duur van het leed en de internationale politieke configuratie die ervoor zorgt dat de wrede politieke impasse en het eindeloze geweld aanhouden.

Tijdens dit laatste noodgeval heeft Artsen Zonder Grenzen beslist om zorg te bieden en te proberen levens te redden. Tijdens dit offensief wordt Gaza met een uniek scala aan omstandigheden geconfronteerd, wat de pijnlijke realiteit – nog maar eens een antwoord bieden op de noden als gevolg van een Israëlische militaire operatie – tot een essentiële opdracht maakt: het offensief zou langer kunnen duren, een grondoperatie is net van start gegaan en de grensovergang in Rafah blijft grotendeels dicht. Die factoren zullen de chronische problemen van de Gazastrook – onvoldoende medicijnen en brandstof – alleen maar verergeren.

Hef de blokkade op

Terwijl de openluchtgevangenis van Gaza zich schrap zet voor meer luchtaanvallen en een grondoperatie zullen de grenzen van de humanitaire hulpverlening maar al te duidelijk blijven. In tijden van geweld zouden mensen vrij moeten zijn om te gaan waar ze willen (ook naar Egypte) en een veilig onderkomen te zoeken. De gewonden die gespecialiseerde zorg nodig hebben, zouden naar de dichtsbijzijnde ziekenhuizen buiten de Gazastrook moeten kunnen worden doorverwezen.

Burgers en burgerlijke voorzieningen – inclusief medische hulpverleners, gezondheidscentra en ziekenwagens – zouden nooit een doelwit mogen zijn. Humanitaire hulp en de hulpverleners zouden altijd onbeperkte toegang moeten krijgen, niet als een gunst maar als wettelijke verantwoordelijkheid. De blokkade moet worden opgeheven.

Toch wordt aan die meest fundamentele voorwaarden nog steeds niet voldaan. De blokkade in Gaza wordt in stand gehouden en Artsen Zonder Grenzen blijft werken in een openluchtgevangenis om er de gevangenen tussen de foltersessies in weer op te lappen.

- Jonathan Whittall, Hoofd Humanitarian Analysis, Artsen Zonder Grenzen

De mening in dit artikel is die van de auteur, en geeft NIET het officiële standpunt weer van Artsen Zonder Grenzen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur