Gezichten

10 februari: feestdag van het departement Oruro. En dit jaar meteen ook Domingo de Tentaciones, eerste zondag van de Vasten (met als evangelie de bekoringen van Jesus, vandaar de naam). Met een optocht van fanfares worden de laatste Carnavalsdansen ingezet. Vanaf volgende week ontwaakt Oruro uit zijn feestroes.
 Als CEPA hebben we al lang de evaluatie 2007 en de planning 2008 achter de rug. Als ik dan dat stapeltje paparassen bekijk, denk ik: nee, het zijn de ménsen die het werk een gelaat zullen geven. Aangezien nogal wat lezers de Andeskrabbels mensen hier ter plaatse kennen, deze keer dus alleen maar wat gezichten.
 
1. Angel en Isabel lieten de Carnavalsoptochten in de stad aan zich voorbijgaan, maar zaten op een van de zeven bussen die mensen vanuit de stad naar hun dorp Turco brachten om ginds deel te nemen aan de vieren in de lokale gemeenschappen, de ayllus. Intussen zijn ze terug en opnieuw aan het werk, tussen groenten en bloemen, in de serres en velden van Chuzekery, achter de heuvels rond de stad. Ze hunkeren naar regen, want de aardappelen staan in volle bloei.
 
2. Marcelo Lara is een van de weinige antropologen in Oruro die zich niet beperkt tot het met superlatieven beschrijven van de pracht en praal van het Carnaval van Oruro. Waarom hebben die stadsmensen die dezer dagen klank en kleur, mythen en riten ontlenen aan de Andesvolkeren, verder zo weinig respect en aandacht voor hen?, is zijn vraag. “Casas de cultura” in de dorpen als interculturele ontmoetingscentra, is zijn antwoord.
 
3. Johnny Terrezas, Quechua, komt zelfs tijdens de  verlofdagen de auto van CEPA op punt zetten. Hij komt uit het straatjongensmilieu en werkte in de confectie,
vleesverwerking, schoenenmakerij, vervoer,… Nu is hij niet alleen de chauffeur van CEPA, maar ook op velerlei manieren de contactpersoon tussen het Centrum en de doelgroepen. Het is spijtig dat hij binnenkort een kleine hartoperatie moet ondergaan, maar we vertrouwen er op dat alles goed komt.
 
4. Francisca Condori is afkomstig uit de etnische minderheidsgroep van Chipaya. Zij is een toonbeeld van gedienstigheid in de bibliotheek. Maar nog nooit heb ik iemand zo fel te keer horen gaan tegen de discriminatie van de vrouw, als toen zij het over haar ervaringen in haar eigen cultuurgroep had. Zij is de eerste universiteitsstudente van de “Nación Originaria Uru” (Chipaya, Muratos, Iru Ito). In voorbereiding van haar thesis in de antropologie, kan ze dit jaar samenwerken met een Duise lingüiste over haar eigen Chipaya-taal.
Ook Viviane Cuisa is vanuit de bibliotheek van CEPA, antropologie beginnen studeren. Alleen de thesis ontbreekt. Zal ze er toe komen de veranderingen in haardracht in verband te brengen met identiteitswisselingen?
 
5. Bij Emilio Madrid is het nog niet gelukt. Ondanks tal van onderzoeken en meerdere publicaties, kwam hij er nog niet toe een thesis te presenteren. Misschien dan toch in 2008? Hij leeft en werkt voor CORIDUP, de overkoepelende organisatie van rurale gemeenschappen die in vier waterbekkens rond het Poopó-meer (Desaguadero, Huanuni, Poopó en Antequera) opkomt voor milieubescherming en daarbij mijnbedrijven en regering ter verantwoordong roept. Een antropoloog in dienst van volksorganisaties. Samen met Angela (agronome) en Silvana (scheikundige) en bijgestaan door Cesar Padilla (cooperant van Broederlijk Delen), vormen zij de ecologische stoottroep van CEPA.
 
6. Minder opvallend is het werk van Oscar Roca (psycholoog) en Alicia Cuiza (afgestuurde in de psychologie die een thesis klaarstoomt over ecologisch bewustzijn). Zij zijn het die er in 2008 voor zullen zorgen dat het werk van CEPA naar buiten toe zichtbaar wordt en binnenin efficient verloopt. Alles wat met vorming en distributie te maken heeft, valt onder hun bevoegdheid.
Norma Mollo, Aymara-journaliste, zal dit jaar vanuit CEPA de nationale milieu-liga LIDEMA in Oruro vertegenwoordigen.
Don Franklin, als administator, heeft geen gemakkelijke en een soms ondankbare taak: permanent verantwoording eisen voor alles wat wordt opgebruikt aan materialen en fondsen, vanuit de visie dat alles waarover we beschikken eigenlijk tot het “patrimonium van de armen” behoort.
 
7. Aan Eva is de begeleiding van de groepen Eco-vrouwen en Eco-jongeren toevertrouwd, m.a.w. het vrijwilligerswerk binnen CEPA. Germán blijft verantwoordelijk voor het motiveren en begeleiden van autoriteiten en scholen opdat er in de rurale gemeenschappen meer groen en minder zwerfvuil zou te zien zijn.
De grootste uitdaging is echter voor Limbert, onlangs afgestudeerde pedagoog uit het Aymara-dorp Corque. Hij staat voor de opdracht de Tambo CEPA Chuzekery, aan de rand van de stad, uit te bouwen tot een vormingscentrum met een permanent programma in interculturaliteit, milieu-educatie en interreligieuze dialoog.
 
8. CEPA is uiteraard geen eiland; is verweven in een netwerk van organisaties, waar ook mensen werken die ooit met CEPA of met het Diocesaan Centrum voor Sociale Pastoraal verbonden waren.
Zo is Ely López, antropologe, overgestapt naar UMAVIDA en zorgt vanuit La Paz voor de coordinatie van dit oecumenisch netwerk van ontwikkelingsorganisaties waarvan in Oruro alleen CEPA lid is. Meteen verdiept ze zich in interreligieuze en milieu-spiritualiteit.
Luis Alberto Aguilar, mijnwerkerszoon en ook antropoloog, is al een tijdje prefect (gouverneur) van Oruro en nam in zijn kielzog, Maribel, Victor, Roberto, Tito, Milton, Fernando,… met zich mee om zijn departementaal plan “Ontwikkeling met Identiteit” waar te maken. 

Sandra Berdeja (onderwijzeres - antropologe - advokate) werkt nu op het Ministerie voor Justicia en Ricarado López (Aymara-antropoloog) op dat van Buitenlandse Zaken. Ze werken rond temas waar ze in CEPA warm voor liepen.
Mirka Aguilar wil nu op de eerste plaats moeder zijn voor haar drie dochtertjes en geeft, na zeven jaar intens werk, de leiding van CETHA Socamani (een vormingscentrum voor jongvolwassenen uit de Andesgemeenschappen) door aan Judith, die daar reeds vele jaren werkt als agronome.   
Carol Rocha en Eliseo Quispe, beiden antropologen, blijven zich plichtsgetrouw in Pastoral Social - Cáritas wijden aan de problematiek rond “tierra y territorio” in de rurale gemeenschappen. Een weinig gekende, maar uiterst waardevolle en fundamentele bijdrage ter versterking van de traditionele gemeenschapsstructuren.
 
En zo zou ik nog een tijdje door kunnen gaan…. Alleen maar om te zeggen dat er voor 2008, al heel wat mensen de handen uit de mouwen hebben… Ik stond er bij en kijk er naar,… bemoedigend en met bewondering .

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3210   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift