Van Mahagi via Bunia naar Dungu

Naar aanleiding van mijn thesisonderzoek omtrent bescherming van de lokale bevolking in Haut-Uele, vat ik mijn reis aan in Kampala om door te reizen naar Mahagi, Bunia en uiteindelijk Dungu.

Mahagi

Na twee nachten reizen kom ik aan in Mahagi, een stadje aan de grens met Oeganda. Het ziet er nog net hetzelfde uit als de vorige jaren. Ik word door maman Immaculee rondgeleid doorheen Mahagi, waar ik steeds formeel wordt voorgesteld als partner ‘Aksanté’ (www.aksante.be) uit België. Om niemand uit te sluiten word ik van de ene naar de andere bureau geleid waar we steeds eerst moeten plaats nemen in de ‘wachtzaal’ om dan de bureau van de ‘chef’ binnen mogen en hem te groeten. Ik besluit om een aantal ex-kindsoldaten thuis op te zoeken. Het zou de derde keer zijn dat ik hen ontmoet.

In 2008 ondervroeg ik hen voor het eerst voor mijn thesisonderzoek omtrent meisjes-ex-kindsoldaten. Vorig jaar zocht ik hen opnieuw op in het kader van een cultureel project en organiseerde interview- en tekensessies. Dit gebeurde steeds in het bureau van AFDDHO, dat ook diende als ontmoetingsplaats. Nu is het mijn beurt om hen thuis te bezoeken.

Ik ben blij te horen dat Faustin zijn studies verder wil zetten. Hij vertelde me dat hij na ons interview vorig jaar goede resultaten haalde. Hij werkt nu eerst wat bij de douane om zijn studies te kunnen betalen aan de Universiteit, die hij in september zal aanvatten.

Marie komen we tegen onderweg. Ze is ondertussen bevallen van haar derde kind, nu zes maanden jong. Ze vertelt dat het kind besmet is met een seksueel overdraagbare aandoening en dat ze sinds de geboorte al veel ziekenhuisopnames achter de rug heeft. De baby is nu al zichtbaar getekend door de ziekte. En toch blijft Marie haar even mooie glimlach als altijd behouden. Een dame om U tegen te zeggen!

Chantal ontmoeten we thuis. Maman Immaculee vertelde me eerder al dat ze haar zoon een maand geleden is verloren. Isaac, anderhalf jaar oud, doodsoorzaak: ongekend. Om het leed te verzachten bekijken we foto’s en filmpjes van vorig jaar. Hun levensverhaal eindigt dus niet bij het verlaten van het rebellenleger. Vooral de dagelijkse realiteit en moeilijkheden die ze vandaag moeten doorworstelen wegen zwaar, misschien zelfs zwaarder nog dan de traumatische ervaringen die ze jaren geleden opliepen.

De tijd laat me niet toe om hier langer te blijven en vertrek dinsdag middag richting Bunia, met het openbaar vervoer, een busmaatschappij met de naam ‘La Vie est un Combat’ of LVC. Niet veel later begrijp ik waarom die deze naam draagt. Tussen Mahagi en Ngote komen we tot stilstand. Door de zware regenval afgelopen nacht, ligt de baan er nogal modderig bij, waardoor een vrachtwagen met twee containers er niet in slaagde een scherpe bocht te nemen en de baan blokkeerde. We zouden blijven stilstaan tot de volgende ochtend. Veel slaapcomfort was er niet en dus werd er veel gediscussieerd. Van interpretatie van de Bijbel tot de koloniale tijd. Het ging er hevig aan toe en lang, in het Lingala en het Frans (enkel als ze wilden dat ik het ook zou begrijpen).

Bunia

Eenmaal aangekomen in Bunia, zijn we getuige van de ‘cinq chantiers’ van president Kabila. Met grote machinerie wordt de boulevard van Bunia heraangelegd. Na twee dagen modder ploeteren op een baan die economisch relevant is, aangezien die Kampala met Bunia verbindt, lijkt dit slechts een politieke stunt naar aanloop van de verkiezingen.

Sinds vorig jaar kent Bunia veranderingen aan de lopende band. NGO’s hebben een andere locatie gekregen, er worden ernstige wegenwerken uitgevoerd, gebouwen en hotels schieten er uit de grond als paddenstoelen. Volgens papa Flory, verantwoordelijke voor het nationaal programma van ontwapening, demobilisering en re-integratie van ex-kindsoldaten, een teken dat de vrede in Bunia en omstreken is weergekeerd.

Bunia blinkt van de nieuwe golfplatendaken, tót aan de rand van de stad (en ook niet verder dan dat). En dat wordt graag getoond op 30 juni, de dag waarop de Democratische Republiek Congo zijn onafhankelijkheid viert. Zowel lokale ngo’s, commerçanten als het team van de ‘cinq chantiers’ tonen met graagte in een mars hun aanwezigheid aan de stad.

Dungu

Iets noordelijker, op zo’n 340km van Bunia, schittert het minder. Sinds 2005 is het Verzetsleger van de Heer (LRA) zich in Centraal Afrikaanse Republiek, Zuid-Soedan en Haut-Uele in het Noordoosten van Congo gaan vestigen. Het LRA is reeds 25 jaar actief en geen enkele instantie slaagde er tot op heden in om hun gewelddadig optreden te stoppen, noch om de bevolking er voldoende tegen te beschermen.

In 2008 vond de gezamenlijke militaire operatie Lighting Thunder plaats, waarop de LRA hun strategie aanpaste door zich in kleinere groepen op te splitsten en hevig te reageren op deze interventie. Sindsdien is de aanwezigheid van peacekeepers en humanitaire organisaties sterk gestegen. Toch is de vraag of hun acties voldoende zijn afgestemd op de lokale context en gemeenschappen, diens capaciteiten en veiligheidspercepties om de nodige bescherming te bieden.

Vandaag start ik mijn onderzoek in het kader van mijn thesis in Dungu, waarbij de focus zal liggen op veiligheidsperceptie vanuit community perspectief en hoe die kunnen bijdragen tot een efficiëntere burgerbescherming tegen LRA in deze regio. Vanaf hier deel ik je mijn ervaringen en bevindingen bij het uitvoeren van dit onderzoek.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift