Jemen: “Telkens er dichtbij het ziekenhuis een bom ontplofte, voelde ik de grond daveren”

Christine Buesser, projectverantwoordelijke voor Artsen Zonder Grenzen, kwam in mei in Jemen aan. Ze deelt haar eerste indrukken met ons, eerst na aankomst in de hoofdstad Sanaa, en daarna vanuit Qataba, waar de mensen elke dag geconfronteerd worden met gevechten en bombardementen.

  • Ziekenhuis in Qataba. © MSF Ziekenhuis in Qataba. © MSF Ziekenhuis in Qataba. © MSF

Tien dagen vastzitten in Djibouti … Dat is niet wat ik in gedachten had bij mijn vertrek naar Jemen. De luchthaven van de hoofdstad Sanaa was net gebombardeerd en de landingsbaan was volledig vernield. Ik kon niet wachten om ter plaatse aan te komen en was gefrustreerd over het feit dat we met z’n vijven niet weg geraakten uit Djibouti, terwijl het team van Sanaa dringend extra personeel nodig had.

Aankomst in Sanaa

Maar na lang wachten kon ik dan toch aan boord gaan van een vliegtuigje dat naar de internationale luchthaven van Sanaa vloog. De aankomsthal was leeg. Geen wachtrij aan de loketten, verlaten gangen, met uitzondering van een paar zwerfhonden en -katten. De impact van de bombardementen was duidelijk te zien aan de kapotte ramen en half geruïneerde gebouwen en loodsen rond de landingsbaan.

Buiten de luchthaven stonden de verlaten en met afval bezaaide straten in schril contrast met de bijzondere architectuur van Sanaa, omringd door adembenemende bergen. Toen ik alle verwoeste gebouwen zag, bedacht ik dat de explosie bijzonder krachtig moet zijn geweest om al dat beton te doen instorten. Ik vroeg me af of de bewoners op tijd weg hadden kunnen komen.

In het Artsen Zonder Grenzen-huis ontmoette ik de rest van het team. Iedereen zat te werken rond tafels in de zitkamer, omdat het kantoor niet langer veilig was door alle luchtaanvallen. Na lange, slapeloze nachten en goed gevulde dagen zag iedereen er moe uit.

In eerste instantie moest ik de balans opmaken van de veiligheid in het gouvernement Ad Dali’, in het zuidwesten van het land. In maart moesten alle buitenlandse medewerkers daar immers uit de ziekenhuizen geëvacueerd worden, door de hevige gevechten en de bombardementen. Onze Jemenitische collega’s deden hun best om het project draaiende te houden, maar konden niet meer gaan werken omdat de situatie te gevaarlijk was. Ze wachtten vol ongeduld op onze komst om hen een handje toe te steken.

De volgende dagen bereidden we het materiaal voor dat naar Qataba verzonden moest worden: geneesmiddelen, extra dekens en hoofdkussens, en zelfs een kleine generator en een printer. Van daaruit zouden we ons een weg banen naar de stad Ad Dali’, aan de andere kant van de frontlijn.

Aankomst in Qataba

Ik ben in Qataba aangekomen op de dag dat de luchtaanvallen de legerstellingen van de Houthi’s troffen. Telkens er dichtbij het ziekenhuis een bom ontplofte, voelde ik de grond onder mijn voeten daveren en ging een schok door mijn hele lijf. Bij elke inslag kropen de vrouwen en kinderen dicht tegen elkaar aan in de gang van het ziekenhuis. Sommigen huilden. Andere patiënten hadden het ziekenhuis verlaten toen het bombardement begon, omdat ze wilden weten of hun familie het overleefd had, of omdat ze vreesden dat het ziekenhuis het volgende doelwit zou zijn.

De dagen daarna waren intens en chaotisch, omdat de gevechten weer oplaaiden en de frontlijn verschoof. De nachten waren kort omdat er dag en nacht zwaargewonden werden binnengebracht. Het team verzorgde niet alleen patiënten, maar werkte ook zonder ophouden verder om het gebouw met zandzakken te versterken en het ziekenhuis van meer medische uitrusting te voorzien.

De gevechten en bombardementen verstoren dan wel het dagelijkse leven, maar de meest vernietigende effecten van dit conflict zijn misschien wel het gebrek aan brandstof, basisvoorzieningen en -diensten, in het bijzonder water, hygiëne en gezondheidszorg. Bijna alle ziekenhuizen en apotheken in de gebieden waar we werken, moesten de deuren sluiten.

We boden niet alleen medische noodhulp, maar wilden er ook voor zorgen dat vrouwen en kinderen op een veilige plaats terecht kunnen voor het geval ze ziek worden. Het ziekenhuis van Qataba werd al snel overspoeld door schreeuwende baby’s, huilende kinderen en hun bezorgde moeders. Voor sommige vrouwen was het dokterskabinet de enige plaats waar ze hun angsten konden ventileren. Sommigen hadden zo’n grote psychologische schok ondergaan dat ze er zelfs lichamelijk last van hadden. Ze klaagden over fysieke pijn en hoofdpijn, misselijkheid en flauwtes. Ze waren zo bang dat ze niet meer sliepen. Ik wilde vaak zelf in tranen uitbarsten toen ik hen in de ogen keek en naar hun verhalen luisterde.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur