Strafvermeerdering voor Victoire Ingabire in beroep

Ik ben gelukkig niet erg bijgelovig, maar ik kon me wel meer geschikte dag indenken om te wachten op de uitspraak in het proces van Victoire Ingabire in beroep. Het verdict was voorzien voor mei maar werd een paar keer uitgesteld. Uiteindelijk zou het vonnis op vrijdag 13 december bekend worden gemaakt. Ik had net een lastige reis door Congo achter de rug en zou de volgende dag een vliegtuig naar België nemen. Ingabire’s echtgenoot zou me vanuit Nederland, waar hij met de kinderen woont, een sms sturen. Het verdict was hard: Victoire kreeg 15 jaar, bijna het dubbele van haar straf in eerste aanleg.

De feiten zijn gekend: Victoire Ingabire woonde met haar gezin sinds 1993 in Nederland en engageerde zich in het politiek gebeuren in de diaspora. Zeventien jaar later keerde ze naar Rwanda terug als presidentskandidate van een brede politieke beweging, de Verenigde Democratische Krachten (Forces Démocratiques Unifiées, FDU). Dat ze de verkiezingen van augustus 2010 niet zou winnen wist ze zelf ook wel. Maar ze stapte toch in de race: ergens moest iemand toch de eerste bres in het bastion van Kagame’s autocratie slaan.

Ze heeft de verkiezingen niet verloren. Ze heeft niet eens meegedaan. Ze werd op allerlei manieren tegengewerkt: administratieve pesterijen, een haatcampagne in de pers, fysieke intimidatie en gerechtelijke procedures. Twee maanden na de verkiezingen werd ze gearresteerd. Het proces startte in september 2011 en eindigde in april 2012. De uitspraak viel op 30 oktober 2012: Victoire Ingabire werd schuldig gevonden aan terrorisme, samenzwering ten einde de regering te ondermijnen en aan het ontkennen van de genocide. Ze werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht jaar. Een paar maand geleden schreef ik voor MO.be een stuk over die periode.

In beroep

Zowel Ingabire als de openbare aanklager gingen in beroep. Victoire vond dat ze nergens schuldig aan was, ze wilde vrijgelaten worden en haar politieke activiteiten verderzetten. De openbare aanklager vond acht jaar echt niet genoeg voor wat ze op haar kerfstok had.

Het proces viel in een woelige periode voor de regio: in buurland Congo zorgde nog maar eens een nieuwe rebellenbeweging, M23, voor de nodige ophef. Toen die in november 2012 Goma innam, dreigde een nieuwe regionale oorlog.

Rwanda werd al snel beschuldigd van steun aan M23, in die mate zelfs dat haar meest loyale bilaterale partners maatregelen gingen nemen. Eén van die partners is Nederland, Ingabire’s tweede vaderland. Nederland schorste een deel van haar budgetsteun. Net als de VS, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Zweden. De relaties met die landen werden nadien schoorvoetend genormaliseerd, maar de maatregelen hadden zeer gedaan. Rwanda had zich niet verwacht aan een dergelijke assertieve reactie.

Voorzichtig optimisme

Ingabire’s tweede proces kwam er in het voorjaar van 2013. Ik dacht niet dat haar strijd bij voorbaat verloren was. Ik had twee aanwijzingen dat het wel eens positief zou kunnen uitdraaien voor haar. Enerzijds viel het me op dat ze in de Rwandese pers een stuk minder verketterd werd dan ten tijde van haar terugkeer, haar arrestatie of haar proces in eerste aanleg. Anderzijds hoorde ik uit haar omgeving dat ze goed werd opgevolgd door de Nederlandse ambassade in Kigali. Ik dacht dat ze wel eens deel zou kunnen uitmaken van een package deal: Nederland herstelde de relaties maar ging een aantal eisen stellen. Misschien zat Victoire wel ergens mee in het spel van geven en nemen. Dacht ik.

Ook haar vrienden en familie in Den Haag hoopten hierop. Ze zou bijvoorbeeld strafvermindering kunnen krijgen tot vijf jaar. Daardoor werd het haar onmogelijk gemaakt om nog deel te nemen aan verkiezingen (waar het de regering in de eerste plaats om te doen was), en misschien kon ze dan ook nog eens vervroegd worden vrijgelaten. Het waren natuurlijk speculaties, maar haar familie klampte zich vast aan dit straaltje hoop. Dat waren natuurlijk speculaties, het bleef wachten op de uitspraak die was aangekondigd voor mei. Maar die kwam er niet.

Flora Jenny

Het klimaat veranderde in september, na een spectaculaire actie waarbij enkele tientallen studenten een petitie overhandigden aan de Eerste Minister. Daarin betuigden ze hun spijt over het schrappen van een aantal studentenbeurzen.  Zoiets is men niet gewoon in Rwanda, en de actievoerders werden met veel vertoon uit elkaar gedreven door de politie. Een veertigtal studenten werden opgepakt en verbleven die nacht in de cel. Het grootste deel van hen werd de volgende dag weer vrijgelaten. Vier bleven aangehouden als leiders van de actie. Ze werden mishandeld.

Niet iedereen werd gearresteerd. Een paar tientallen studenten waren weggeraakt van de plaats van actie. Eén van de mensen die niet waren aangehouden was Flora Jenny Irakoze. Flora was binnen het FDU de persoon die haar verschillende keren per week ging opzoeken in de gevangenis. Dankzij Flora kon ik zelf met haar blijven communiceren.

Even leek het dat Flora onder de radar van de politie zou blijven, maar dat was buiten de waard gerekend. Eén van de gearresteerde studenten had onder de mishandelingenen haar naam gelost. Er loopt ondertussen ook tegen haar een aanhoudingsbevel. Ze moest zich verstoppen. Ik heb ondertussen al enkele weken niets van haar gehoord. Ik hoop dat ze het goed stelt.

Onrechtvaardigheid en onverschilligheid

Na de studentenactie nam de repressie nam toe en het voorzichtig optimisme ebde weg. Het verdict werd nog een paar keer zonder opgave van redenen uitgesteld, de laatste keer op 1 november.

In eerste aanleg werd Victoire Ingabire veroordeeld tot acht jaar in een proces dat veel meer politiek dan juridisch was. De kans dat het proces in beroep niet gepolitiseerd zou zijn was natuurlijk nihil, maar even bestond er enige hoop dat ze als wisselgeld zou worden ingezet in een Wiedergutmachung met Nederland. In de weken voor de uitspraak was die hoop alweer vervlogen.

Het sms-je van Victoire’s echtgenoot was kort: “15 jaar.” Het was geen verrassing, we hadden het klimaat zien kantelen. Wel een verrassing was de schier totale afwezigheid van Ingabire’s lot in de Vlaamse en Nederlandse pers. Dit is blijkbaar geen nieuws meer. Ik ben er nog steeds niet uit waar ik het meest mee worstel: de onrechtvaardigheid of de onverschilligheid.

Dit artikel werd mee mogelijk gemaakt door een werkbeurs van het Fonds Pascal Decroos.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2623   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift