25 landen op het matje op de Internationale Arbeidsconferentie

De Commissie voor de Toepassing van de Normen van de Internationale Arbeidsconferentie heeft donderdagavond een akkoord bereikt over een lijst van 25 landen die dit jaar op de rooster worden gelegd voor overtredingen van de internationale arbeidsnormen van de IAO, de Internationale Arbeidsorganisatie.  Aan die 25 gevallen werden 2 gevallen van vooruitgang (‘cases of progress’) toegevoegd, om aan te geven dat het ook anders kan.  Samen 27 landen, die volgende week aan een onderzoek worden onderworpen in de Commissie.   Marc Leemans, voorzitter van de werknemersgroep in de Commissie voor de Normen: “Het feit dat er zo’n lijst is, is al belangrijk nieuws.  Want vorig jaar lukte zelfs dat niet, door een regelrechte boycot van de werkgevers. Er is nu heel wat werk voor de boeg in de commissie. Met ongetwijfeld nog stevige discussies. En hopelijk ook stevige conclusies”.

Dat er vorig jaar geen lijst van gevallen kwam, was ongezien in de geschiedenis van het toezichtmechanisme van de IAO.  Hetgeen de gehele IAO op zijn grondvesten deed daveren. Achtergrond: de werkgevers weigerden nog langer vrede te nemen met de opstelling van de onafhankelijke IAO- experts inzake het stakingsrecht. Deze experten stelden dat het recht te staken intrinsiek onderdeel is van de syndicale vrijheid en van het recht op collectief onderhandelen en bijgevolg gegarandeerd is door de IAO-conventies.  Een opstelling die overigens werd ondersteund door de vakbonden. 

Op de lijst waarvoor gisterenavond een akkoord werd bereikt werden, naar gewoonte, vier landen gezet die door de experts werden aangeduid als bijzonder problematisch.  Plus vijf andere die vorig jaar door de experts waren geselecteerd, maar toen niet konden worden besproken door de boycot van de werkgevers.  Na intensief overleg tussen de werkgevers en de werknemers - wat de werknemersgroep betreft aangevoerd door Marc Leemans - werd overeengekomen daar 16 problematische gevallen aan toe te voegen.

Wat opvalt is het hoge aantal van gevallen (negen) met overtreding van conventie 87 over de vrijheid van vereniging:

  • Bangladesh;
  • Belarus;
  • Cambodja;
  • Canada;
  • Egypte,
  • Fiji;
  • Guatemala;
  • Swaziland;
  • Zimbabwe. 

Vier  landen komen voor omwille van discriminatie op het werk (conventie 111):

  • Dominicaanse republiek: discriminatie van Haïtianen en donkerkleurige Dominicanen of op grond van HIV en Aids;
  • Iran: discriminatie op grond van geslacht of politieke overtuiging;
  • Korea: discriminatie van migranten of op basis van geslacht of tewerkstellingsstatus;
  • Saudi-Arabië:  discriminatie van migranten of op basis van geslacht, alsook afwezigheid van bescherming tegen seksueel geweld.

Drie landen staan op de lijst voor overtreding van de conventie 98 over het recht van werknemers zich te organiseren en collectief te onderhandelen:

  • Griekenland (of moeten we eerder de Europese Unie en het IMF zeggen): voor de vele ingrepen in het sociaal overleg;
  • Honduras: voor de gebrekkige bescherming tegen discriminatie van vakbondsleden en de uitsluiting van overheidspersoneel van collectief overleg;
  • Turkije: ook wegens onvoldoende bescherming tegen discriminatie van vakbondsleden en wegens de nieuwe beperkende wetgeving voor vakbonden.

Twee landen lopen spitsroeden voor een onvoldoende voor de strijd tegen de ergste vormen van kinderarbeid (conventie 182):

  • Senegal: onvoldoende optreden tegen ergste vormen van kinderarbeid, inz. verkoop en verhandeling van kinderen voor economisch nut;
  • Oezbekistan: in het bijzonder voor tewerkstelling van kinderen in de katoenpluk.

En verder nog:

  • Tsjaad: conventie 144 (onvoldoende tripartiete raadpleging);
  • Kenia: conventie 138  (kinderarbeid);
  • Maleisië: conventie 29 (dwangarbeid, met inbegrip van  gedwongen prostitutie);
  • Mauritanië: conventie 81 (ontoereikende arbeidsinspectie);
  • Pakistan: conventie 81 (ontoereikende arbeidsinspectie);
  • Paraguay: conventie 29 (dwangarbeid , inz. van autochtone bevolking met schuldlast op plantages);
  • Spanje: conventie 122 (ontoereikend werkgelegenheidsbeleid, inz. naar jongeren en langdurig werklozen).

Blijven de twee ‘cases of progress’:

  • IJsland: voor zijn actief werkgelegenheidsbeleid in overeenstemming met conventie 122;
  • Rwanda: wegens de vorderingen inzake kinderarbeid conform conventie 138.

Aardig wat werk voor de boeg in de commissie. Ongetwijfeld met nog stevige discussies. Hopelijk ook met stevige conclusies.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Werknemersvoorzitter en vice-voorzitter van de IAO

    Luc Cortebeeck is werknemersvoorzitter en vice-voorzitter van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO/ILO), voorzitter van Wereldsolidariteit en adjunct-voorzitter van het Internationaal Vakverbo