Le retour au Faso

Eén jaar en één maand na mijn terugkeer uit Burundi zit ik weer waar ik het liefste zit: op een vliegtuig richting Afrika. Het eerste deel van de vlucht gaat naar Casablanca. Achter mij zit een koppel op weg naar Marrakesh. Ze vragen zich af of ze een hotel met drie dan wel met vijf sterren zullen nemen en kiezen uiteindelijk voor de drie: ‘een mens moet het al eens zonder luxe kunnen stellen.’ Ik denk aan de twee koffers waarmee ik naar mijn nieuwe leven in Burkina Faso reis en aan het feit dat zelfs daar veel meer in zit dan veel Burkinabé zich kunnen veroorloven. Het is een vreemde scheve wereld. 

Ouagadougou ziet er nog precies zo uit als enkele jaren geleden. Zelfs tijdens het regenseizoen zijn de wegen stoffig en de honderden brommertjes en fietsen schieten vervaarlijk tussen de auto’s en om de putten heen. In alle kraampjes langs de weg liggen er bananen, appels en appelsienen. Het verschil zit in een glimlach en die ene appelsien die je extra krijgt bij aankoop van een kilogram. Het is even wennen aan het feit dat een en ander hier niet helemaal werkt zoals het hoort. De ventilator in de kleine salon van mijn voorlopig appartementje maakt wel geluid maar beweegt niet, uit de douche loopt maar heel gestaag een dun stroompje water, de kraan aan de wastafel krijg ik dan weer alleen met heel veel moeite dichtgedraaid, over de middag valt de elektriciteit al eens uit en het internet doet het naar het schijnt al drie dagen niet. Ook als ik niets doe, zweet ik me een ongeluk, de strijd tegen de muggen is bij voorbaat verloren en van het fietsen in deze stad zonder straatnamen raak ik al eens het noorden kwijt.

Une vie à l’extérieur

En toch ben ik heel blij dat ik hier ben. Drie jaar geleden heeft dit land mijn hart gestolen en voorlopig lijkt dat nog volledig terecht. Het land van de integere mensen (want dat is de betekenis van de naam die Thomas Sankara  aan het voormalige Opper-Volta gaf) is een oase van verfrissend vertrouwen na mijn tijd in Burundi, waar de geschiedenis het wantrouwen zo fundamenteel in de samenleving heeft gebeiteld. Over de prijs van een taxi vert hoef je hier niet eens te onderhandelen. Het enige dat je nodig hebt, is wat geduld want hij vertrekt zelden voor er minstens drie passagiers zijn.  
Terwijl ik aan het fornuis buiten de verse groenten klaarmaak die ik bij een vrouw om de hoek heb gekocht, bedenk ik dat het leven me hier wel zal bevallen. Zelfs in de stad klinkt de ochtend hier zoals de jungle. De gekko’s schieten vrolijk over de muren en de roofvogels cirkelen onophoudelijk door de lucht. De gedachte dat ik de komende maanden elke dag zal opstaan met de zon, is een heerlijke geruststelling. Als de nacht als een koele deken om de snikhete dag valt, gaan overal kleine lichtjes aan, verspreidt de geur van geroosterde maïs zich door de straten en gaan de flessen Brakina steeds vlotter over de toonbank. Mogelijk ben ik tegen kerst aan wat gezellig winters binnen zitten toe maar voorlopig heb ik het hier helemaal naar mijn zin.

Zidisha! (Groei!)

De komende maanden ga ik vrijwillig aan de slag als de eerste Client Relationship Manager in Burkina Faso voor Zidisha Microfinance: the world’s first crowdfunding platform to cut out intermediaries and connect individual web users and entrepreneurs across the international wealth divide’. Zidisha is vooralsnog een witte raaf in de veelbesproken wereld van de microfinanciering. De kredietgeschiedenis van de ondernemers die met Zidisha in zee gaan, wordt weliswaar grondig gecheckt maar verder weigert de organisatie mee te stappen in de idee dat ondernemers in ontwikkelingslanden voortdurend opgevolgd moeten worden om er zeker van te zijn dat ze hun lening zullen terugbetalen. Zidisha schakelt de geldverslindende lokale en internationale tussenpersonen uit en geeft ondernemers zelf de volledige verantwoordelijkheid over de aanmaak en opvolging van hun kredietplan. Op die manier zijn die ondernemers verzekerd van een maximale lening tegen een minimale intrest. De werkwijze van Zidisha, waar ik in een volgend blogbericht graag meer over vertel, heeft ondertussen al heel wat vruchten afgeworpen in Kenia en Senegal. Het is mijn opdracht om het systeem ook in Burkina Faso van de grond te krijgen.

Springplank

Ik zie die opdracht – behalve als een ongetwijfeld zeer boeiende en leerrijke ervaring – ook als een springplank naar een nieuw en ander leven. Ik hoop via de intensieve contacten met ondernemers uit het hele land een stevig sociaal en professioneel netwerk uit te bouwen en voeling te krijgen met wat leeft in de hoofden van de mensen hier. Op termijn wil ik proberen mijn eigen project of zaak op te starten. Samen met de vrouwen van Musaga het restaurant ‘Au Bon Voyageur’ oprichten vorig jaar in Burundi was in die zin een perfecte vingeroefening. Met nog zo een kleine maar stevige bijdrage aan kleinschalige economische ontwikkeling hoop ik aan te tonen dat internationale samen-werking zoveel anders kan zijn dan het vandaag is. Ik geef daar zelf een en ander voor op maar ik doe dat in het volle besef dat ik – als ik het niet probeer – nooit helemaal zeker zal weten dat het de moeite waard is geweest. 

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Sociaal ondernemer in Burkina Faso

    Mien De Graeve verhuisde in september 2012 naar Burkina Faso. Ze werkte er een jaar lang als vrijwilliger voor het online microfinancieringsplatform Zidisha.