Oog om oog, tand om tand in Botswana

Botswana is een land van tegenstellingen met als allergrootste troef de prachtige natuur en zijn bewoners. En net die bewoners blijken met uitsterven bedreigd. Niet te vatten wanneer je kuddes voorbij ziet paraderen of oog in oog met zo’n prachtig dier komt te staan. Het is vijf voor twaalf, wanneer schieten we in actie?

  • © Martin Harvey Overweldigende olifantenpracht. © Martin Harvey
  • © Martin Harvey Olifant die mijn moed testte. © Martin Harvey

Het is niet makkelijk om Botswana echt te leren kennen. Niet alleen omdat ik een beetje afgezonderd zit hier in de bush en dus maar een beperkt stukje zie, maar ook omdat ik heel wat verschillende dingen hoor. Ergens ook logisch. Spreek eens drie willekeurige Antwerpenaren aan en vraag wat ze van hun stad en burgemeester vinden. Hoewel, misschien is daar ondertussen meer eensgezindheid over. 

Ondanks de rijkdom van Botswana, zijn er blijkbaar toch heel wat dingen die beter zouden kunnen. Er is bv. nog steeds heel wat AIDS in dit land. Daar ben ik enorm van geschrokken. Meer dan de helft van het personeel moet af en toe nieuwe medicatie gaan halen. Er wordt ook in gehandeld omdat niet iedereen wil dat mensen weten dat ze besmet zijn. En dus verkopen sommige mensen hun medicatie omdat ze zich goed voelen en geloven dat het dus geen kwaad kan als ze even geen medicatie nemen. En enkele maanden later sterven ze. Ik werd er stil van. 
Ook op vlak van onderwijs, infrastructuur en armoede is er hier nog werk aan de winkel. Alles heeft duidelijk meerdere kanten en mensen tonen wat ze willen dat je ziet en vertellen je wat ze willen dat je weet of denkt. Zo kreeg ik positieve lovende verhalen, maar ook even goed negatieve beelden. En dat over exact hetzelfde onderwerp. 

De grootsheid van de natuur

© Martin Harvey

Olifant die mijn moed testte

Oog in oog staan met een olifant, dat voel je tot in het diepst van je ziel.

Naast al die dingen ben ik de afgelopen maanden het meest geconfronteerd met het in de natuur zijn, met de dieren hier. Het is moeilijk om niet onder de indruk te zijn. Ik kan met geen woorden beschrijven hoe het voelt om oog in oog te staan met een luipaard. Of om een olifant op je te zien afstappen tot op een paar meter van waar je op de grond zit.

Dat voel je tot in het diepst van je ziel. Niets anders doet er nog toe. Al de rest valt weg. Er is enkel de connectie tussen jou en de olifant. Het maakt je ook nederig en klein en je kan niet anders dan respect hebben voor deze majesteuze dieren.

Het is dan ook onbegrijpelijk voor mij dat er mensen zijn die olifanten en neushoorns doden voor hun hoorn en ivoor. En dan ben ik helemaal voor de ‘shoot-to-kill-policy’ van de president van Botswana. Duidelijke actie voor alle neushoorns en olifanten onherroepelijk uitgestorven zijn. Al is er ook hier een andere kant. De bron van het poachen zijn doorgaans niet de mensen die doodgeschoten worden. Vaak zijn dit mensen die om de één of andere reden in de problemen gekomen zijn en geld nodig hebben. Soms kom je zo tot schrijnende verhalen zoals dat bij ons vaak ook het geval is bij mensen die met drugs in aanraking zijn gekomen. In dit geval zijn de echte boosdoeners de opdrachtgevers. De mensen die er sloten geld mee verdienen. Die ervoor zorgen dat ze in China geloven dat de hoorn van een neushoorn kanker kan genezen. Daar is dus duidelijk ook nog werk aan de winkel op het vlak van educatie.

En wat nu?

Geen olifanten meer voor de volgende generatie? Zoiets gaat mijn voorstellingsvermogen te boven.

Het idee dat de volgende generatie deze dieren mogelijks niet meer zal kunnen zien, is gewoon niet te vatten. Ik heb zoveel olifanten gezien en toch is de kans heel groot dat er binnen onafzienbare tijd zo goed als geen olifanten meer zijn. En zoiets gaat mijn voorstellingsvermogen te boven.

En het is mogelijks nu al iets onomkeerbaars. Zoals het smelten van de poolkappen, het opwarmen van de aarde, het uitsterven van zoveel diersoorten en het vervuilen van water en onze aardbol in zijn geheel.

Hoe komt het toch dat wij er als de kippen bij zijn om alles te doen wat nodig is om te zorgen dat ons internet het weer doet wanneer dat plots en onverklaarbaar uitvalt, maar dat we roerloos blijven zitten terwijl de lucht die we inademen slechter en slechter wordt. Een beetje als een kikker die je wel langzaam kan koken, maar die uit de pot springt als je hem er plots ingooit. 

Het lijkt alsof we zelf moeten voelen of op zijn minst beleven wat iets betekent en wat de gevolgen zijn. En iets ver van ons bed of verder in de tijd, daar blijven we gewoon af. Alsof we nog steeds ons puberale korte termijn-denken gebruiken. En als ik er dan over nadenk, klopt dat misschien ook wel. Raken we dat nooit helemaal kwijt. Ook ik pleit schuldig. Ik had eveneens deze reis nodig om in te zien hoe slecht de olifanten erop staan. 

Als we nu eens met zijn allen gewoon even aan hetzelfde zeil trekken? Net zoals we dat in Antwerpen en bij uitbreiding België ook eens zouden mogen doen. Je hebt namelijk geen idee hoeveel vragen ik krijg over de verschillende talen in België, het feit dat we zo lang geen regering hadden en we hebben blijkbaar het imago om een land te zijn dat over alles discussieert. Ik kan dat niet ontkennen. Dus gewoon, voor één keer? Voor de olifanten? Met z’n allen? Zodat ook de volgende generatie nog kan ontdekken wat een mock charge is en het even in hun broek doen om vervolgens volledig verliefd te worden op olifanten én op Afrika.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Psychologe en nomade

    Sofie Leemans werkte als psychologe in een Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg, maar in februari 2015 besloot ze het roer om te gooien en even iets helemaal anders te gaan doen.