Over Tico's en Nica's

‘Zes jaar was ik toen ik hier met mijn ouders aankwam. Er woonden een veertigtal mensen, nu zijn we met zo’n 2000 en zijn er 200 gastenverblijven.’ Terwijl hij de gifgroene kikker – symbool voor Costa Rica, zijn land – bekijkt, vertelt hij over het eiland dat zijn thuishaven werd: Tortuguero.

  • © Fien Van den Steen De Nica's en de Tico's: Een identiteit, een samenhorigheidsgevoel, aan weerskanten van de grens. © Fien Van den Steen
  • © Fien Van den Steen Miguelito toont trots de oogst van de dag. Elke Centraal-Amerikaanse nationaliteit krijgt een karikaturale beschrijving van hem mee. © Fien Van den Steen
  • © Fien Van den Steen Tortuguero is een klein dorpje aan de Caraïbische kust van Costa Rica. © Fien Van den Steen
  • © Fien Van den Steen 's Avonds schaken de mannen van Tortuguero op het dorpslein. De kleine gemeenschap is exponentieel gegroeid en staat tegenwoordig bijna volledig in het teken van het toerisme. © Fien Van den Steen
  • © Fien Van den Steen Met zich op het Cocibolcameer werkt Miguelito. Het hart van Nicaragua is een toeristische trekpleister en trekt mensen uit alle landen uit. NIca's en Tico's. © Fien Van den Steen

Aan de Caraïbische kust, alleen bereikbaar via boot, ligt Tortuguero.

Plaats van de schildpadden. Genoemd naar de vele schildpadden die in de stranden van dit eiland hun eieren leggen.

‘Elke schildpaddensoort heeft zo haar periode om aan land te komen.’ 

Dit natuurkundig fenomeen trekt massaal toerisme aan. Al gebeurt dat soms abusievelijk. ‘Onlangs bekeek ik een reportage op tv waarop de stranden zwart kleurden van de schildpadden. ‘Tortuguero’, verkondigde de reporter trots. Maar dat beeld kwam niet van hier. De getoonde schildpaddensoort broedt hier gewoonweg niet. Aqui no!’

Toerisme vormt hier duidelijk het hoofdinkomen van de bevolking. Maar aan de zandweggetjes te zien en de hostels en gastenverblijven in opbouw, gok ik dat het om een recente ontwikkeling gaat. ‘Vroeger leefden we van de visvangst en kokosnotenpluk. Een keer per week vaarde er een boot langs waaraan we al onze waren verkochten. Vissen en kokosnoten.’ Vis is er nog, maar kokosnoten zijn nauwelijks te bespeuren – op een Caraïbisch eiland nota bene. ‘De mensen kijken niet meer om naar de bomen. Vandaag leeft de meerderheid van het toerisme!’ zegt hij met en doffe blik.

Toerisme creëert werkgelegenheid en trekt dus (werk)volk aan. Vandaar de bevolkingsboom de laatste veertig jaar in Tortuguero. Van tien naar tweehonderd huizen. Bevolking maal 20. Al is dat een simplistische rekensom die voorbij gaat aan de werkelijke dynamiek achter een bevolkingsevolutie. ‘Het merendeel zijn Nicaraguanen’, verklaart hij. 

© Fien Van den Steen

Tortuguero is een klein dorpje aan de Caraïbische kust van Costa Rica.

Het Zwitserland van Latijns-Amerika

Dat brengt me terug bij een veelbesproken issue in Nicaragua: de arbeidsmigratie van Nicaraguanen naar Costa Rica. Naar schatting leven er 1 miljoen Nicaraguanen in Costa Rica. Op zoek naar werk, een beter inkomen. Een heuse hap uit de bevolking van Nicaragua: ongeveer 6 miljoen inwoners. Een heuse toevloed voor de bevolking van Costa Rica. Al gaat het ook over een groot deel seizoensmigranten, die slechts enkele maanden per jaar in Costa Rica werken en vervolgens terugkeren naar Nicaragua. 

Costa Rica wordt smalend het Argentinië van Centraal-Amerika genoemd. Het Zwitserland van Latijns-Amerika. Het land heeft qua welvaart en ontwikkelingsniveau een andere weg afgelegd dan haar buurlanden. Wat volgens die buren een arrogante houding oplevert van eerstgenoemde. ‘Onlangs was er een voetbalwedstrijd. Alle landen van Centraal-Amerika waren vertegenwoordigd in de tribune. Toen Costa Rica een doelpunt tegen kreeg, juichte iedereen. Zelfs de Panamezen’, vertelde ze verbaasd. Fonkelende ogen van trots. 

Het onkruid van het racisme

Maar de verhouding tussen de Nica’s en de Tico’s – zoals de Nicaraguanen en de Costa Ricanen respectievelijk genoemd worden – is wel heel bijzonder. De verschillende vlagen van migratie in de geschiedenis hebben ieder hun specifieke verklaring. Zoals de arbeidsmigratie in de jaren 1950 en 1970 en de vlucht voor het militaire conflict in de jaren 1980. Daarnaast verloopt de relatie tussen beide landen soms op gespannen voet. Een uitgebreide historische verklaring ligt aan de wortels van dit conflict. Een resem vooroordelen en racisme is het onkruid dat er vandaag welig op tiert. 

Een resem vooroordelen en racisme is het onkruid dat vandaag welig tiert.

‘Ik kan aan de overgebleven visgraten zien of een Tico of een Nica de vis heeft opgepeuzeld,’ zegt Miguelito, Nicaraguaan aan het Cocibolcameer. Als ober krijgt hij heel wat mensen over de vloer. Toeristen, Nicaraguanen en Costa Ricanen. ‘Nica’s zijn aimabel en goedlachs, de Tico’s zijn hautain. Nica’s eten met smaak, peuzelen de vis op tot op het bot. De Tico’s maken hun handen niet vuil.’ En zo gaat hij gedreven door met zijn waslijst van vooroordelen. 

Ook Honduras moet eraan geloven wegens ‘geen opvoeding en barbaars’. Dat de Hondurese onder ons net de meest aanstekelijke lach heeft en als enige erin slaagt haar vis deftig op te peuzelen, is de uitzondering die de regel bevestigt. Voor hem. ‘Euhm’, bedenkt hij zich, ‘ik dacht dat je Nicaraguaanse was.’ Gelach van heel het gezelschap, ongeacht onze nationaliteiten.

© Fien Van den Steen

Met zich op het Cocibolcameer werkt Miguelito. Het hart van Nicaragua is een toeristische trekpleister en trekt mensen uit alle landen uit. NIca’s en Tico’s.

Overleven en vooroordelen

De vooroordelen gaan verder aan de andere kant van de grens en nemen er een grillige vorm aan. Het toenemende aantal Nicaraguanen zou er criminaliteit in de hand werken. De jobs inpikken en met de vrouwen gaan lopen. De eigen welvaart komt in het gedrag en de eigen verworvenheden dreigen verloren te gaan. 

De argumenten waarmee zowel hier als aan de andere kant van de oceaan – in Europa – geschermd worden, lijken wel elkaars echo. De recente geschiedenis heeft weer gedemonstreerd dat waar massale migratiestromen zijn, mensen op hun achterste poten gaan staan. Angst voor zelfbehoud duikt op en racisme wordt in de hand gewerkt. ‘Ze pikken onze jobs in.’ Of ‘ Het zijn allemaal criminelen.’ ‘Toename van misdaad en gewelddadigheid, naar de oorzaak hoef je niet ver te zoeken’. En ‘doordat die arme sloebers naar hier komen, wordt onze eigen welvaart bedreigd’. Argumenten van enkelen die verzuring in de hand werken en solidariteit van tafel vegen. 

Hierbij ontbreekt de fundamentele vraag. Waarom emigreren mensen? Of zoals de verzuchting die een Hondurees uitte: ‘Wij zijn het systeem niet, beoordeel ons niet op basis van onze politici.’ Is het zo onmenselijk om te zoeken naar overlevingskansen – in dit geval migratie – als je huidige land je die kansen niet biedt? 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2643   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift