Wachten op de vonk. De lont hangt al in het Pakistaanse kruitvat.

Er is de voorbije weken veel gespeculeerd over de vraag of Pakistan in een Egyptisch scenario terecht kan komen. De economische toestand is dramatisch, het land staat tiende op de lijst van mislukte staten en de politieke klasse heeft geen geloofwaardigheid. Toch zien weinig mensen een volksopstand ontstaan. Tenzij de Amerikaan Raymond Davis vrijgelaten wordt.

Raymond Davis is een werknemer van het VS-consulaat in Lahore. De exacte details van zijn statuut daar zijn nog niet bekend, maar het is duidelijk dat Davis in de security-branche zit en dus met inlichtingenwerk bezig was. Op 27 januari geraakt Davis betrokken bij een onduidelijk incident op een drukke weg in Lahore, waarbij hij twee mannen neerschiet. Davis beweert dat de mannen hem gewapenderhand wilden beroven en dat hij dus schoot uit zelfverdediging. Een terreinwagen van het Amerikaanse consulaat die Davis wou komen ontzetten, rijdt tegen de richting in en veroorzaakt een bijkomend ongeval waarbij een derde Pakistaan het leven laat. Op 6 februari pleegde Shumaila Kanwal,de 18-jarige weduwe van een van de slachtoffers, zelfmoord. Een paar uur voordat ze bezweek aan het rattenvergif dat ze ingenomen had, vertelde ze journalisten op haar sterfbed in Allied Hospital in Lahore dat ze haar wanhoopsdaad beging ‘wegens de voorkeursbehandeling die de moordenaar kreeg en wegens de berichten dat hij op vrije voeten zou komen’.

In een omgeving waarin de Verenigde Staten sowieso verantwoordelijk gehouden worden voor alles wat fout loopt in het land –tot en met de zelfmoordaanslagen die opgeëist worden door de taliban toe– is dit voldoende om de straten te laten vollopen met woedende activisten.  De rechts-religieuze partijen Jamiat-ul-Ulema-i-Islami en de Jamaat-i-Islami brachten meteen hun aanhang op straat om wraak en gerechtigheid te eisen in de vorm van een doodstraf, die liefst door openbare ophanging uitgevoerd moet worden. De Tehrik-e-Taliban Pakistan, de Pakistaanse talibankoepel, vroeg op 13 februari ook de doodstraf voor Davis ofwel de kans om hem voor een talibantribunaal te kunnen brengen.

Tien woorden medeleven

Dat alles werd niet getemperd –om het zacht uit te drukken– door de eerste verklaring van de Amerikaanse ambassade die zeven paragrafen nodig had om de moordenaar in te dekken en slechts tien woorden over had om spijt uit te drukken over het voorval: ‘We regret that this incident resulted in loss of life’. Op 15 en 16 februari kwam senator John Kerry dat wat beter overdoen, met veel meer nadruk op het medeleven van de VS en met evenveel nadruk op het feit dat de relaties tussen Washington en Islamabad niet geschaad worden door het geval Davis. Hillary Clinton en president Obama hebben zich ook al uitgesproken over het incident, met vooral een nadruk op de onschendbaarheid van de diplomatieke immuniteit en met weinig woorden voor de slachtoffers en hun nabestaanden.

Een vreemde diplomaat

De passies in de media en op straat werden verder aangewakkerd door allerlei tegenstrijdigheden en onduidelijkheden in de zaak Davis. Van Amerikaanse zijde werd in de eerste uren van zijn aanhouding betwist dat Raymond Davis de ware naam van de betrokkene was, maar werd wel benadrukt dat hij volledige immuniteit genoot onder het Verdrag van Wenen dat de status van diplomatiek personeel regelt. Dat laatste is overigens het standpunt dat ook de Europese ambassades verdedigen, niet zonder enig zelfbelang. Dan was er het bedrijf waarvoor Davis zou werken, dat ingehuurd zou zijn door de Amerikaanse vertegenwoordiging in Pakistan. Hyperion-Protective Consultants LLC in Orlando, Florida bleek een lege, vervallen winkel te zijn, terwijl spitwerk van Amerikaanse journalisten aantoonde dat Raymond Davis wel medeoprichter was van Hyperion Protective Services in Nevada, terwijl de man in Colorado woonde. Het feit dat de VS gebruik maken van de diensten van schimmige privébeveiligingsfirma’s ligt gevoelig in Pakistan, waar de naam Blackwater (nu Xe) volstaat om kleine opstootjes te veroorzaken.

Ook het verhaal van de hold-up wordt betwist. In eerste instantie noteerde ook de Pakistaanse politie dat het om een uit de hand gelopen overval ging, maar achteraf wordt dat meer en meer in vraag gesteld. Op vrijdag 11 februari verklaarde Aslam Tareen, de politiechef van Lahore, uitdrukkelijk dat Davis niet geschoten had in zelfverdediging. Het feit dat de slachtoffers ook kogels in de rug of het achterhoofd hadden, wijst in die richting. Ook het feit dat Davis uit zijn wagen stapte en foto’s maakte van de slachtoffers verhoogt de achterdocht. Naast het oorspronkelijke verhaal van de straatoverval verscheen in de Pakistaanse pers dan ook een verhaal dat Davis de twee slachtoffers kende en dat er een dispuut onder geheimagenten zou zijn geweest. De politie trof in de wagen van Davis niet enkel het Glock pistool aan dat hij gebruikt had om de twee mannen te doden, maar ook een zaktelescoop, een heleboel gsmtoestellen, batterijen, stapels kogels, legerdolken en ander gesofisticeerde munitie.

Politiek opportunisme

De JI bracht woensdag, op de dag dat de geboorte van de profeet Mohammed gevierd werd, opnieuw duizenden demonstranten op de been in Lahore. De broer van een van de slachtoffers herhaalde tegenover journalisten dat de familie ‘enkel bloed in ruil voor bloed’ zal aanvaarden. Dat is niet alleen een verwerping van een mogelijke vrijlating op grond van diplomatieke immuniteit, maar ook van andere oplossingen die voorgesteld werden, zoals het aanvaarden van bloedgeld of het ruilen van Davis voor de in de VS opgesloten Pakistaanse vrouw Aafia Siddiqui –die 86 jaar kreeg omwille van een pogingen Amerikaanse belangen i Afghanistan aan te vallen.

Wat de toestand verder compliceert, is het feit dat de provinciale regering van Punjab (waarvan Lahore de hoofdstad is) en de federale regering in Islamabad proberen elkaar de hete aardappel toe te spelen. De federale regering wordt geleid door de Pakistan People’s Party van president Zardari, de Punjaabse regering wordt geleid door de Pakistan Muslim League van zijn aartsvijand Nawaz Sharif. Beide overheden schuiven de verantwoordelijkheid naar elkaar door en uiteindelijk kiezen ze voor de optie om ‘het gerecht zijn werk te laten doen’. Dat Hooggerechtshof, van Lahore besliste op 16 februari dat de zaak verdaagd wordt tot 14 maart, om de aanklager de kans te geven zich uit te spreken over de diplomatieke status en de eventueel daaraan verbonden immuniteit van Raymond Davis. De meeste commentatoren zijn van oordeel dat Davis enkel een beroep kan doen op functionele immuniteit, waaronder criminele daden niet vallen. Als Davis dus formeel beschuldigd wordt van moord –zoals het er nu naar uitziet– dan kan het gerecht hem niet zomaar overdragen aan de Verenigde Staten, maar moet het zelf een proces voeren.

Het uitstel van de rechtszaak speelt intussen in het voordeel van de rechts-religieuze partijen en bewegingen, die bijkomende weken van agitatie kunnen organiseren. Dat maakt een eerbaar compromis tussen de twee regeringen hoe langer hoe moeilijker. Anderzijds zullen beide regeringen er alles aan doen om hun relaties niet te diepgaand te laten beschadigen door dit incident.

Wederzijdse afhankelijkheid

De Verenigde Staten zijn in grote mate afhankelijk van de samenwerking met het Pakistaanse leger om de terugvalbasissen van de Afghaanse taliban en andere opstandelingengroepen in de tribale gebieden van Pakistan aan te pakken. Indien president Obama vanaf het najaar van 2011 wil beginnen met het verminderen van het aantal troepen in Afghanistan, kan hij zich geen breuk met Pakistan veroorloven. De Pakistaanse regering en het leger zijn dan weer afhankelijk van de grote Amerikaanse hulpstroom. In Partners or Patrons?, een artikel van Aoun Sahi in The News on Sunday van 6 februari, maakt de journalist een eindeloze lijst op van geldelijke steun die Pakistan gekregen of beloofd gekregen heeft sinds het zich achter de Amerikaanse War on Terror schaarde. In een nog langer tijdsperspectief (1947 tot 2006) komt hij tot een totaal van 33.606 miljard dollar in economische steun en 8932 miljard dollar in militaire steun. Op dit moment voorziet de Kerry-Lugar wet in economische hulp die zo’n 1,5 miljard dollar per jaar bedraagt, voor de komende vijf jaar. Het leger verwacht dan weer de levering van materieel met een waarde van 2 miljard dollar en daarmee houdt de militaire hulp niet op, want het Pakistaanse leger moet ook nog miljoenen krijgen voor zijn steun aan de ISAF-troepen in Afghanistan.

De Amerikaanse hulp is broodnodig om het land voor een finaal faillissement te behoeden, al vrezen de meeste Pakistanen terecht dat de militaire hulp alleen dient om het militaire establishment te versterken en dat de economische en humanitaire hulpstroom enkel ten goede komt aan degenen die de instrumenten van de macht bedienen. De ruim 170 miljoen Pakistanen kijken intussen aan tegen een voedselinflatie die de voorbije drie jaar 64 procent bedroeg. In een alarmistisch artikel van 5 februari citeer de International Herald Tribune Sakib Sherani, die pas ontslag genomen had als hoofdadviseur op het ministerie van Financiën: ‘De koopkracht van de gemiddelde loontrekkende is met twintig procent gedaald sinds 2008.’ Het artikel stelt ook dat Pakistan een reële werkloosheid van 34 procent kent en dat het fiscale deficit dit jaar zal oplopen tot 8,5 procent van het bruto nationaal product. De achilleshiel van de Pakistaanse economie is energie: alle steden worden getroffen door het rantsoeneren van gas- en elektriciteit, waardoor het bijna onmogelijk wordt om winstgevend zaken te doen. De overstromingen van vorig jaar zorgden bovendien voor een tijdelijke vernietiging van een goed deel van het landbouwareaal.

Iedereen op straat?

Levert dit alles de stof voor een “Egyptische volksopstand”, zoals het artikel in de IHT suggereerde –al werd daarin eerder verwezen naar de Iraanse volksopstand van 1979? Zeer onwaarschijnlijk, antwoorden zowat alle mensen waarmee ik hierover de voorbije twee weken in Pakistan sprak. Imran Khan, de Jean-Marie Dedecker van de Pakistaanse politiek roept wel op tot een revolutie, net als de MQM partij die vooral sterk staat in Sindh en eigenlijk deel uitmaakt van de huidige regeringsmeerderheid, maar weinigen geloven dat het zo ver zal komen. Will there be mass protests? vraagt Huma Yusuf zich af in Dawn van 7 februari. Yusuf denkt vazen niet, op basis van een rist argumenten. De belangrijkste reden waarom het -te verwachten– straatprotest bij vrijlating van Davis niet zal uitgroeien tot een volksopstand, is het feit dat de Pakistaanse samenleving zo diep verdeeld en wederzijds achterdochtig is, dat eenheid van doelstelling bijna ondenkbaar is. De ervaring van de demonstraties tegen Salman Taseer, die de wet op godslastering wou aanpassen, lijkt hem tegen te spreken, maar Yusuf geeft een voorbeeld waarbij de tegenstelling tussen deobandi’s en barelvi’s (beide soenni sektes) in Muzaffargarh leidde tot het beschuldigen van een imam van godslastering. Yusuf denkt ook dat het Pakistaanse publiek te cynisch geworden is over de mogelijkheid van reële verandering door politiek en niet geneigd is om een open opstand te voeren als er niemand op overtuigende wijze kan beweren dat daarmee alle problemen opgelost zullen worden. Ten slotte, zegt Yusuf, ‘zal een bevolking die jaarlijks meer dan vijftig zelfmoordaanslagen ondergaat wel tweemaal nadenken voor ze zich massaal op de straat begeeft. Demonstranten moeten veiligheid ontlenen aan de massa, maar bij ons heeft terrorisme ervoor gezorgd dat we massa’s vrezen.’

Zahid Hussain, auteur van twee zeer gerespecteerde boeken over de radicalisering van de Pakistaanse samenleving, zei vorige zaterdag in een uitgebreid interview dat tijd tegen de vrede werkt in dit geval. Hij dacht dat het incident de eerste 48 uur in der minne te regelen was, maar dat het intussen een giftig geheel geworden is dat niet zonder schade tot een conclusie gebracht kan worden. De beslissing van het Hooggerechtshof in Lahore verlengt de duur van het incident en verhoogt dus wellicht de schade. De kans dat daar gewelddadige straatprotesten bij komen, stijgt met de dag.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur