Sakura in Kyoto, een Japanse lofzang op schoonheid

In het westen komt Japan in het grote nieuws bij aardbevingen, tsunami’s en nucleaire rampen. Fukushima is intussen een ‘bekende’ plek voor de gemiddelde Europeaan, Hiroshima en Nagasaki hebben een pijnlijke plaats in de wereldgeschiedenis. Te midden van lelijkheid en rampen waar het wereldnieuws gewag van maakt,  is er de lente in Kyoto. De lente is het seizoen van de Japanse kersbloesems die Kyoto met een prachtige laag rozige glazuur bedekken. Een lofzang op de schoonheid van architectuur, taal en natuur in een parel van een stad.

  • © Elke Van dermijnsbrugge Sakura in de Toji tempel. © Elke Van dermijnsbrugge
  • © Elke Van dermijnsbrugge Arashiyama Bamboo Forest. © Elke Van dermijnsbrugge
  • © Elke Van dermijnsbrugge Sakura in Tenryu Ji Garden. © Elke Van dermijnsbrugge
  • © Elke Van dermijnsbrugge Sakura in Nijo Castle. © Elke Van dermijnsbrugge
  • © Elke Van dermijnsbrugge Een voorbeeld van machiya. © Elke Van dermijnsbrugge
  • © Elke Van dermijnsbrugge Sakura in de Toji tempel. © Elke Van dermijnsbrugge

Hoewel Kyoto, een parel van een stad in centraal-Japan, tijdens de grote zee-en aardbeving in 2011 helemaal niet werd getroffen (het epicentrum lag ongeveer 600 km noordoosten), viel het toerisme er toen helemaal stil.

De ramp gebeurde aan de vooravond van de lente, een seizoen dat buiten Kyoto zijn gelijke niet kent. De Japanse kersbloesems, sakura, bloeien uitbundig in de eerste helft van april.

Toeristen zakken jaarlijks in groten getale naar Kyoto af om de sakura, het symbool voor vergankelijke schoonheid, te aanschouwen.

Zowel Japanse als buitenlandse toeristen zakken jaarlijks in groten getale naar Kyoto af om de sakura, het symbool voor vergankelijke schoonheid, te aanschouwen.

In 2011 was het onwaarschijnlijk stil in de ‘besneeuwde’ straten, parken en langs de rivieroevers van Kyoto. De stad heeft een krachtig inhaalmaneuver gedaan om het toerisme opnieuw aan te zwengelen en met succes.

Ze maakte hiervoor de juiste keuzes: het stadsbestuur koos ervoor om de traditionele architectuur zoveel mogelijk te bewaren. Daarnaast kwam er een verbod op hoogbouw en werd er zorgvuldig nagedacht over de uitstraling van nieuwe gebouwen. Oud en nieuw gaan zo hand in hand en geven Kyoto de unieke uitstraling.

Architectuur: nee aan de Chinezen

Er wordt vooral ingezet op het restaureren van historische panden en deze duurzaam te herbestemmen.

Het is een moeilijke evenwichtsoefening voor het stadsbestuur om het bijzondere karakter van Kyoto te bewaren.

De druk van voornamelijk Chinese projectontwikkelaars en multinationals is groot.

Zij willen maar al te graag voet aan de grond in de stad en hebben er veel geld voor over om land te kopen waarop ze grootschalige bouwprojecten kunnen ontplooien.

Het stadsbestuur blijft echter de boot afhouden. Een kleine toegeving werd een paar jaar geleden wel gedaan met de bouw van een aquarium, op Chinese vraag. Chinese toeristen zijn dol op pretparken en aquaria en het grote argument voor de bouw van een aquarium was dat dit de toeristenstroom uit China zou verhogen.

De nee-stemmers haalden als argument aan dat Kyoto geen maritieme stad is en daarom dus geen boodschap heeft aan een aquarium. Het plan kwam er echter door.

© Elke Van dermijnsbrugge

Een voorbeeld van machiya.

Verder wordt er vooral ingezet op het restaureren van historische panden en deze duurzaam te herbestemmen. Daar slaagt Kyoto erg goed in: talloze hippe restaurantjes, cafés, boetieks en artistieke ateliers hebben er hun plaats gevonden.

Deze kleine houten rijhuizen, machiya genaamd, zijn voornamelijk uit hout opgetrokken en daarom worden draconische maatregelen genomen om brand te voorkomen. In Kyoto staat aan de voorgevel van de meeste huizen een rode emmer, gevuld met water. Het is een traditie die eeuwen teruggaat.

Bij brand kan de emmer, samen met de emmers van de aanpalende huizen, grote drama’s voorkomen. De traditie symboliseert de vereende krachten en de solidariteit onder burgers.

Daarnaast maken talloze tempels en schrijnen maken een belangrijk deel uit van het straatbeeld, zowel in de binnenstad als aan de rand.

Zeventien van deze sites staan geheel terecht op de werelderfgoedlijst van Unesco en worden zorgvuldig in ere gehouden.

Ook deze tempels zijn uit hout opgetrokken, maar de maatregelen om brand tegen te gaan zijn hier van een ietwat spirituelere orde. De dakranden worden gesierd met figuren die water symboliseren en de hoeken van de daken eindigen in een vissenstaart. Deze verwijzingen naar water zouden voor de nodige bescherming tegen brand zorgen, aldus de traditie.

Taal: de spiegel van de ziel

Het Kansai-dialect is het Limburgs van Japan.

Het dialect dat in Kyoto, en bij uitbreiding in de hele Kansai-regio, wordt gesproken, is een tikkeltje zangeriger en melodieuzer dan het standaard Japans. Het Kansai-dialect is het Limburgs van Japan, bij wijze van spreken. Zowel het dialect als het standaard Japans kent twee bijzonderheden die het vermelden waard zijn.

Ten eerste is er het gebruik van o- als voorvoegsel om respect te tonen. Tofu, bijvoorbeeld, is een belangrijk onderdeel uit de Japanse keuken en wordt daarom o-tofu genoemd. Sakura, de kersbloesems die symbool staan voor vergankelijke schoonheid, zijn onlosmakelijk verbonden met de Japanse lente en worden o-sakura genoemd. 

De tweede bijzonderheid gaat erover hoe het gebruik van bepaalde woordenschat en grammaticale constructies iets prijsgeeft over de persoonlijkheid van de spreker. Het woord ‘lekker’ bijvoorbeeld, kan onder andere als oishi of als umai vertaald worden. Een spreker die oishi gebruikt is voornaam, beleefd en introvert. Iemand die zich bedient van umai daarentegen, is openhartig en extravert. Erg handig bij een eerste afspraakje.

Bovendien werd Haruki Murakami geboren in Kyoto. Zijn literatuur en taalgebruik, zelfs de vertaalde versies, dragen de gesofistikeerdheid en traditie van de Japanse taal in zich. In Murakami’s boeken is dezelfde dualiteit als in Kyoto terug te vinden : eenzelfde spel tussen oud en nieuw, traditie en innovatie, natuur en cultuur.

© Elke Van dermijnsbrugge

Sakura in Nijo Castle.

Alleen schoonheid kan de mens redden

De lente in Kyoto is onwerkelijk en magisch. Het sneeuwt bloesems uit de bomen, het wit en roze aan de takken doen de hele stad baden in een mysterieuze gloed, zowel overdag als bij nacht.

’s Avonds worden de bloesems verlicht en lijkt de stad ontsnapt te zijn uit Alice in Wonderland .

Ga naar Kyoto in de lente en wandel langs de oever van de Kamo-gawa, bewandel het ‘pad van de filosofie’, beklim de berg Daimonji. 

Want alleen schoonheid kan de mens redden.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur