Solidariteit in Afghanistan

Samantha Pace, een Amerikaanse gynaecologe, vertelt over de menselijke drama’s in het verloskwartier in één van de landen met de allerhoogste sterftecijfers ter wereld: Afghanistan.

  • Moeders en kinderen in de kraamkliniek van Artsen Zonder Grenzen in Khost, Afghanistan. © Andrea Bruce/Noor Images Moeders en kinderen in de kraamkliniek van Artsen Zonder Grenzen in Khost, Afghanistan. © Andrea Bruce/Noor Images Moeders en kinderen in de kraamkliniek van Artsen Zonder Grenzen in Khost, Afghanistan. © Andrea Bruce/Noor Images

Hoewel ik mijn werk zou beginnen in Khost, een stad op de grens tussen Afghanistan en Pakistan waar Artsen Zonder Grenzen een kraamkliniek heeft, zorgde de veiligheidssituatie rond de Afghaanse verkiezingen voor vertraging.

In tussentijd kreeg ik een tijdelijke opdracht zo’n 20 kilometer ten oosten van het centrum van Kabul, in het Ahmed Sha Baba-ziekenhuis. Het ziekenhuis telt slechts zeven kraambedden, elf bedden waar – in tegenstelling tot bij ons in het westen – vrouwen eerst in een aparte ruimte hun weeën doormaken, en één onderzoekstafel. Toch worden er gemiddeld 1000 baby’s per maand op de wereld geholpen. Dat is een krankzinnig cijfer, een echte babyfabriek!

Geen privacy

Op mijn eerste dag keek ik vol verbazing toe hoe vrouwen met volledige ontsluiting, die eigenlijk volop aan het bevallen waren, zaten te wachten in de kraamafdeling, zich al wiegend en stil kreunend sterk houdend voor de weeën. Uiteindelijk zou een kersverse moeder een van de zeven kraambedden verlaten, veegde een schoonmaker snel het bloed en vruchtwater weg, en klom een van de wachtenden op het bed om haar kind op de wereld te zetten. Vroedvrouwen gingen van bed tot bed, en controleerden of de moeders niet te hard bloedden en of de baby’s voldoende gestimuleerd werden en goed ademden.

Hoewel de kraamafdeling uitgerust was met enkele gordijnen om toch een schijn van privacy te bewaren, werden die zelden gebruikt. In de bevallingskamer waren er al helemaal geen gordijnen te zien. Privacy was ver te zoeken. Bovendien is er geen enkele pijnbestrijding: het enige pijnstillend middel is lidocaïne, dat gebruikt wordt om scheuren en inknippingen na de bevalling te herstellen.

Verbondenheid

Ik zag ook vier vrouwen in verschillende fases van hun zwangerschap, die naar het ziekenhuis kwamen omdat ze hun kind al dagen niet meer hadden voelen bewegen. Een snelle echografie maakte duidelijk dat het hartje inderdaad niet meer klopte. Zulke verhalen zijn natuurlijk altijd tragisch, maar er was een vrouw die bijzonder van streek was. Ze had thuis drie dochters, en ze kwam naar ons toe met een volgroeide, maar dode zoon in haar buik.

We wekten de bevalling op, wat vaak pijnlijker is (zowel fysiek als mentaal) wanneer de baby dood is. Ze schreeuwde van de pijn toen haar baarmoederhals begon te ontsluiten en smeekte ons om een keizersnede. Een andere patiënte met weeën, en een gezonde zwangerschap, reageerde op de schreeuw van de arme vrouw, en begon tussen de weeën in over haar rug te wrijven en haar troostende woorden toe te fluisteren.

Voordat ze naar het ziekenhuis kwamen, kenden de vrouwen elkaar totaal niet, maar toen ze samen aan het bevallen waren, een van een levend kind, de andere van een dode baby, hadden ze haast familie kunnen zijn. Kraamafdelingen in ontwikkelingslanden zijn confronterend en meedogenloos, maar er is ook veel solidariteit en er heerst een zekere verbondenheid.

Onmetelijk verdriet

Nadat de eerste vrouw uiteindelijk op natuurlijke wijze van haar dode zoon bevallen was, nam ze mijn hand toen ik voorbij liep, en via een van de vroedvrouwen die voor ons vertaalde, bedankte ze me oprecht voor mijn goede zorgen. Ik was sprakeloos… Hoe kon ze er met dat onmetelijke verdriet nog aan denken om ergens dankbaar voor te zijn? Ik draaide me weg om mijn tranen te verbergen.

De tweede dag waren er twee doodgeborenen – een volgroeid kind dat onverklaarbaar stierf tijdens de bevalling, en een ander dat ofwel prematuur of in de groei beperkt was, en overleed tijdens een stuitbevalling (waarbij het achterste eerst komt in plaats van het hoofdje). Ik keek hoe twee volwassen mannen bij dit kwetsbare, levenloze blauwe kindje stonden, en het probeerden te reanimeren. De vroedvrouwen hadden snel schermen gebracht om de eerbaarheid van de moeder te beschermen in aanwezigheid van de mannelijke dokters, maar ze probeerde om het scherm heen haar kind te zien.

Bij elk overlijden erkent zowel het Afghaans als het internationaal personeel dat in rijkere, veiligere en stabielere landen, veel van deze moeders en kinderen waarschijnlijk waren gered. Maar zelfs bij zo’n overweldigende en ontnuchterende statistieken blijven ze dag na dag onvermoeibaar vechten om zwangere vrouwen hier, in een land met een van de hoogste moedersterftecijfers ter wereld, veilig te laten bevallen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur