Staking van vuilnisophalers in Rio: vuil, vuiler, vuilst

Het stond in de sterren geschreven: een staking van de vuilnisophalers in Rio moest er ooit van komen. En wat blijkt? Voor een stad als Rio is deze staking een zwaardere straf dan de staking van leraren, buschauffeurs of voetballers samen. Het is een ramp.

  • Close-up van de afval voor onze deur
  • Berg afval in Complexo do Alemao
  • De berg voor ons huisje
  • Berg in Complexo do Alemao

De stad ziet er niet uit: bezaaid onder blikjes, plastiek en bordjes; de resten van een buitensporig carnaval. Maar eerlijk, dat is niets vergeleken bij de toestand in de favela.  De vuilnishoop voor ons huis is chronisch groot, maar neemt nu echt wel vrijwel onmogelijke proporties aan.  Het is er altijd al een 5-sterrenhotel voor ratten en kakkerlakken geweest, maar nu pas kan ik me ook echt voorstellen hoe de varkens, de paarden en de geiten die ik in sommige favela’s al zag, erop kunnen overleven.

330 euro per maand

De staking van de vuilnisophalers zegt heel veel over het Rio de Janeiro van vandaag.  Ten eerste is er de reden waarom ze staken: een te laag loon en slechte werkomstandigheden.

Momenteel verdient een vuilnisophaler een 800 Reais (267 euro), aangevuld met een vergoeding om te werken in ongezonde omstandigheden (een 400R). Maandelijks komt dat dus neer op een 1200R als brutoloon, waarvan er netto nog een kleine 1000R (330 euro) van overblijft. En dat is heel, heel weinig.  Een huis, een appartement of zelfs maar een kamer van minder dan 1000R, is buiten de favela onmogelijk te vinden.

Bijna alle vuilnisophalers leven dan ook in de favela. Dat is op zich geen probleem (de meeste mensen wonen liever daar dan in o asfalto-de stad buiten de favela), maar door het slechte onderwijsaanbod in de favela, krijgen hun kinderen geen eerlijke kansen, waardoor vele van hen zich genoodzaakt zullen zien om net zoals hun ouders de ‘vuile’ klusjes van Vadertje Staat op te knappen in ruil voor een hongerloontje. Dit heet onrechtvaardigheid en is wel een probleem.

Voor wie is de stad?

Het lijkt er echter op dat de regering daar niet onmiddellijk wakker van ligt. Verre van: het is zelfs moeilijk om zich van de induk te ontdoen dat ze het eigenlijk best wel handig vindt om een gigantisch reservoir van goedkope arbeidskrachten ter beschikking te hebben die in een gebied wonen waarmee ze met hun hongerloontje toch nog kunnen rondkomen en die dus niet te hard zullen morren. 

Maar waar ze niet op gerekend heeft, is dat ook zij beginnen nu te morren. ‘A cidade é para quem’ is veelgehoorde slogan in Rio. Voor wie is de stad dan wel, als zelfs een hardwerkende stadsarbeider er niet kan wonen?

Rotte plekken

De regering zal er gegarandeerd wederom in slagen om ook deze onrust de kop in te drukken. Het arbeidsgerechtshof verklaarde de staking alvast onwettig en 300 stakers werden ontslagen. Ook zal de stad weldra weer schoon zijn: er worden momenteel reserve-vuinismannen ingeschakeld om de stad zo snel mogelijk weer toonbaar te maken. Opgeruimd staat netjes.

Maar onrust die de kop ingedrukt wordt, duikt later weer op, vaak nog sterker en luider. En vuilnis die diep verstopt wordt, gaat stinken. De Wereldbeker zal doorgaan, maar het is nu al niet meer de Wereldbeker waarvan Dilma en haar regering zo van droomden. De buitenwereld, die ze zo graag wou verbluffen, is slimmer en ziet alle rotte plekken van Brazilië onder het laagje dure vernis.

Intussen, in de favela, lachen de bewoners om de talloze beelden van het afval in het centrum die overal op televisie en in de kranten te zien zijn.  “Dat beetje vuilnis, schrikken jullie daarvan? Welkom in de favela, hier is het elke dag zo.“  De stad zal morgen al opgeruimd zijn, maar ik durf er gif op innemen dat het voor ons nog wat langer zal duren vooraleer we weer onze ramen opnieuw kunnen openen zonder dat een vreselijke walm van afval van etensresten en zoveel meer ons tegemoet komt.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Tine Vanhee is freelance journaliste en woont voor enkele maanden in Rocinha, Rio’s grootste favela. Met haar blog wil ze u een correct beeld geven van het leven in een favela.