‘Dit is mijn leven’: het verhaal van een meisje uit Caïro

Amal el-Rawy is niet vrij. Ze bevrijdt zichzelf van een strikte vader en een verstikkende moraal. Conservatieven winnen voorlopig de politieke strijd, meisjes als Amal winnen elke dag de sociale strijd van emancipatie binnen gezinnen. Planten zij in stilte het zaad van een Arabische lente van vrouwen? Het persoonlijke verhaal van een Egyptisch meisje uit Caïro.

Arabische meisjes verzamelen moed om hun eigen dromen te volgen en in te gaan tegen wat zij zien als een mentaliteit van het verleden. Ik had verschillende urenlange gesprekken met Amal el-Rawy. Hier is ze zelf aan het woord.

“Sinds ik de hoop op een liefhebbende vader verloor op mijn elfde leerde ik op mezelf terugvallen, mijn dromen voor mezelf te houden. Sterk en vastberaden vanbinnen en binnenkort ook vanbuiten. Dit is mijn leven. Elke dag zoek ik mijn eigen weg. Mijn vader weet dat hij me niet kan tegenhouden.” 

‘Hoe komt het dat ik als enige in mijn familie een andere waarheid zie? Voor de revolutie was ik niet zo bewust met politiek bezig, maar ik heb altijd geweten wat vrijheid is. Twee incidenten – voor altijd op mijn netvlies gebrand – hebben me van vaders’ pad doen afwijken. Toen ik acht was legde mijn privéleraar Arabisch eens zijn hand op mijn been. Hij was wel regelmatig zo handtastelijk. Ik was verstijfd van schrik en wist niet hoe ik moest reageren, maar ik wist dat het verkeerd was. Op een keer zag mijn vader zijn hand op mijn been. Toen de man weg was, kwam vader naar me toe en gaf me een slag in het gezicht. “Waarom laat je hem zijn hand op je been leggen?” riep hij. Alsof ik het had uitgelokt, het had laten gebeuren, en dat ik daarom slecht was.

Als achtjarig meisje wist ik nochtans snel dat de fout niet bij mij lag, maar dat vader rare gedachtekronkels had. Toch wilde ik hem nog een kans geven. Ik hoopte nog op een liefhebbende vader. Die hoop verloor ik op mijn elfde. Ik was aan het spelen met vriendinnen in het dorp van mijn grootouders. Jongens begonnen ons te plagen en glazen flessen naar ons te gooien. Ze sloegen ons. Ik liep naar huis en vertelde het aan vader. In plaats van me te steunen, begon hij tegen mij te schreeuwen. “Misschien hebben jullie iets gezegd of gedaan!” riep hij. De kloof tussen hem en mij is nooit meer gedicht. Sindsdien leerde ik op mezelf terugvallen, en mijn dromen voor mezelf te houden. Maar ik ben altijd blijven dromen, en botsen met hem.

Op mijn elfde wilde ik zanglessen nemen, maar hij verbood het. Tegen zijn begrip van de islam. Ik was misschien nu al een goede zangeres geweest, als ik toen was begonnen. Ik ben altijd blijven zingen, elke avond als ik rustig alleen op mijn kamer was. Maar ik moet zachtjes zingen. Als vader het hoort, komt hij mijn kamer binnen. Op een keer betrapte hij me. “Wat doe je? Je hebt een mooie stem, maar zing gewoon Koran”, zei hij. Soms komt hij plots mijn kamer binnen en loopt hij wat rond om te zien wat ik op mijn laptop aan het doen ben. Dan stelt hij allerlei vragen. Hij lijkt wel een detective. Als ik hem hoor naderen, open ik snel een andere webpagina of leg ik het boek weg dat ik lees.

Onlangs heb ik opnieuw het plan opgevat om zanglessen te nemen en deze keer laat ik me niet meer tegenhouden. Mijn ouders hoeven het niet te weten te komen. Ik ga me inschrijven voor zanglessen aan de Culture Club in Zamalek, maar ik zeg hen dat ik workshops over human resources ga volgen. Ik probeer vader wel stap voor stap te overtuigen: ik vertel hem over een koor waarin zeven meisjes met een hoofddoek meezingen.  Maar mijn droom is om alleen op het podium te staan, zoals de grote Egyptische zangeressen. Ik denk niet dat het aanvaard zou worden. Vrouwen met een hoofddoek mogen niet te sterk opvallen en vader wil niet dat er over mij geroddeld wordt.

Ik draag de hoofddoek om ongezien te blijven. Om commentaren te vermijden. Ik krijg nu al commentaren. Stel je maar voor wat er zou gebeuren als jongens op straat een meisje met los haar zouden zien. Het hek van de dam. Ik droeg eens een Nubische (Afrikaanse) hoofddoek, die een deel van mijn haar zichtbaar liet. De hele tijd kreeg ik onbeleefde commentaren. Ik wil me bevrijden van die bekrompen moraal, ontsnappen uit de verstikkende omgeving. Maar, de bevrijding zou niet noodzakelijk inhouden dat ik mijn hoofddoek afdoe, integendeel.  Ik zou hem afdoen, en hem daarna misschien wel uit vrije keuze weer dragen. Ik word ongelukkig als ik iets niet uit vrije wil en bewuste keuze doe.

Verbale intimidatie, dat onderga je hier als meisje. Maar ik ben er niet bang van. Ik ga er zeker niet minder door buiten komen. Jongens en mannen hier worden gewoon onmiddellijk geprikkeld door al wat van de norm afwijkt, net omdat de norm zo indringend is. Van zodra ze iets “anders” zien, moeten ze een commentaar geven. In veel gevallen zijn het arme jongeren die gefrustreerd raken als ze rijkere meisjes zien. Hun gedrag heeft dan zowel een seksuele als een sociaaleconomische connotatie. Ze zijn jaloers omdat ik tot een hogere klasse behoor of ze haten wat ze niet kunnen krijgen. Een tijdje geleden schreef ik me in voor een cursus zelfverdediging. Maar de leraar vindt geen enkele andere deelnemer, dus moet ik wachten. Het is niet evident voor meisjes.

Afspreken met meisjes is natuurlijk een hele opdracht voor Egyptische jongens. Het is sociaal niet aanvaard vóór het huwelijk. En de voorwaarden voor een – gearrangeerd – huwelijk zijn als een sleutel op de deur naar een toekomst: de jongen moet beschikken over een eigen appartement en een inkomensbron. Denk dan maar eens aan de grote werkloosheid onder jongeren. Als je trouwt uit liefde zijn al die voorwaarden niet belangrijk.

Vorig jaar probeerde vader me uit te huwelijken. Hij heeft het in zijn hoofd gestopt dat ik moet trouwen, voor zijn geluk, niet voor het mijne. Alles staat in functie van dat trouwen. Hij zegt altijd dat ik niet meer dan 60 kilogram mag wegen. Waarom? Omdat hij anders bezorgd is dat ik geen goede partij zal vinden. Alsof ik een product ben. Hij kwetst me met dat soort commentaren, maar hij beseft het zelf niet. Ik ga veel naar de gym en dan vraagt hij waarom ik dat doe. “Niet voor mijn gewicht, maar om fit te zijn”, zeg ik dan.

Hij wilde een jongen van een bevriende familie naar ons huis laten komen, samen met zijn vader, om mij te komen keuren. Ik heb dat altijd geweigerd. “Ze is dik, maar ze heeft veel geld. Ze is lelijk, maar ze komt van een goede familie”: zo wil ik niet het voorwerp van berekening zijn. Na lang aandringen, ging ik akkoord om de jongen in een café te zien. Zijn en mijn familie waren aanwezig. We zaten rond een tafel, heel ongemakkelijk allemaal. Ik negeerde het gebeuren en zei geen woord. We moesten aan een tafeltje alleen gaan zitten om elkaar “te leren kennen”. Een tafel verderop waren alle ogen op ons gericht. Ik heb de jongen beleefd afgewezen. Natuurlijk zei vader achteraf dat ik onbeleefd was geweest.

Ik denk dat mijn vader ongelukkig is omdat ik niet ben zoals andere meisjes. Maar hij is meer bezorgd om zijn geluk dan om het mijne. Mijn droom is niet trouwen, maar alleen wonen. Dat is natuurlijk het gekste idee ooit, voor een 22-jarig ongehuwd Egyptisch meisje. “Wij zijn niet zoals de Europeanen”, zegt vader dan. Mijn vader denkt dat ik in mijn hele leven nog met geen enkele jongen contact heb gehad.

Ik ben niet zoals hij denkt dat ‘wij Egyptenaren’ zijn. De meeste Egyptische meisjes zijn er op gebrand te trouwen. Dat is hun enige doel in het leven. Toen ik klein was zei ik al dat ik nooit wilde trouwen. Nu zeg ik dat ik niet wil trouwen om te trouwen. Meubels kopen voor een huis dat ze nog niet hebben: zo denken veel meisjes hier over het huwelijk. Ze willen trouwen om getrouwd te zijn en kinderen te krijgen, omdat het zogezegd moet om gelukkig te zijn. Dat ze daarvoor een man moeten vinden, lijkt wel bijzaak. Vandaar dat de meeste huwelijken gearrangeerd zijn. Liefdeshuwelijken gebeuren steeds vaker, maar het is nog steeds een ondergeschikte categorie van huwelijken. Ik probeer mijn vriendinnen te overtuigen dat trouwen meer is dan materieel welzijn verzekeren.

Onze hele familie heeft banden met de moslimbroeders. Mijn oom en tante zijn zelfs leden. Voor ik naar het referendum vertrok om te stemmen voor de grondwet, zei vader “schrijf maar een grote JA op het formulier”. Uiteraard stemde ik neen, maar dat vertel ik hem niet. Het is beter zulke discussies uit de weg te gaan.  

Vader kijkt de hele tijd naar televisiezenders van de moslimbroeders. “El Hafez”, de bewaker. Dat kanaal staat thuis 24/24u op. Het heeft zijn naam niet gestolen. Ze bewaken onze gedachten, ze hersenspoelen de mensen. Ze zeggen letterlijk dat zij die tegen de moslimbroeders zijn tegen de islam zijn. Of dat de mensen die tegen president Morsi betogen aan het paleis ongelovigen zijn of dronkaards die allerlei dingen doen tegen de islam. Onderaan in beeld rollen de hele tijd cartoonfiguurtjes voorbij met “JA aan de grondwet”-spandoeken. Belachelijk. Het zijn ook altijd dezelfde onderwerpen, maar vader gelooft dat het telkens om iets anders gaat. Op een dag verdween het kanaal van de kabel. “Heb jij het gesaboteerd?” vroeg vader me. Ik lachte dat dat wel het werk van God moest zijn.  

Sinds de moslimbroeders aan de macht zijn, heeft mijn vader aan zelfvertrouwen gewonnen. Hij ziet zijn strikte regels elke dag bevestigd op het televisiekanaal. Maar ook ik proef van een nieuwe vrijheid. De revolutie heeft een nieuwe dimensie aan onze persoonlijke relatie gevoegd: hij steekt nog een tandje bij met zijn strikte opvoeding, en ik ga nog koppiger op zoek naar mijn eigen weg.

Ik ging eens uit op een vrijdagavond. “Waarom vertel je me niet waar je naartoe gaat? Vanaf nu zal je me altijd toestemming vragen en zeggen waar je naartoe gaat, met wie en tot wanneer”, zei hij de volgende dag. Even later zag ik een Imam op een van de televisiekanalen uitleggen dat vrouwen volgens de Koran nooit het huis mogen verlaten zonder de toestemming van de man. Dus zei ik tegen mijn vader: “Je denkt dat je mij, een volwassen vrouw, de les mag spellen nu de moslimbroeders aan de macht zijn? Daar komt niks van in huis. Die regels kan je mij niet opleggen.”

Ze hebben waarschijnlijk een probleem met hun mannelijkheid. Waarom willen ze vrouwen anders ondergeschikt houden? Dat is zoals het politieke regime: zorg ervoor dat je onderdanen je nodig hebben, zo kan jij toch nog machtig en vol zelfvertrouwen lijken. Maak anderen zwak en afhankelijk, zodat jij sterk kan zijn. Zo bevorderen mannen een zwak beeld van vrouwen, zodat vrouwen net kwetsbaar worden voor seksuele intimidatie en zodat wij ons nog meer moeten bedekken om daaraan te ontsnappen. Ik ben geen feminist. Ik ben gewoon mijn hele leven opgegroeid onder deze mentaliteit. Trouwens, de Koran zegt dat je zo moet handelden opdat anderen van je zouden houden, niet opdat anderen jou nodig zouden hebben.’  

Amal is naarstig op zoek naar activiteiten waarin ze haar vrijheid kan beleven. Op ons aanraden nam ze contact op met die andere Amal die we in de sloppenwijk Manshiyet Nasr ontmoetten: Amal Salah. Zij is al wat ouder dan Amal el-Rawy, trouwde in een echt liefdeshuwelijk, organiseert praatgroepen over seksueel geweld en is actief voor sociale verandering. De gelijkenissen tussen beide Amals zijn treffend. Voor haar jongerenorganisatie Spirit of Youth is Amal Salah steeds op zoek naar vrijwilligers. Dit bericht kregen we onlangs van Amal el-Rawy: “Super! Amal Salah gaf me haar nummer. Ik praatte met haar en we gaan elkaar binnenkort ontmoeten! Ze doet ongelooflijke dingen en ik zou heel graag helpen.” Amal betekent “hoop”. Misschien komt er wel iets mooi uit deze ontmoeting tussen gelijkgestemde zielen?

Lees over Amal ook dit artikel.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur