Uit liefde voor vrijheid, niet uit haat voor onderdrukking

In Gafsa (zuid-Tunesië) liepen we het bureau van de islamistische An-Nahda partij binnen. Na minder dan een minuut zaten we bij Mohsen Soudan, de plaatselijke lijsttrekker. Hij geniet zichtbaar van de nieuwe vrijheid die hij na de revolutie als moslim en als politicus geniet. Tijdens het regime van Ben Ali werd hij zoals vele andere islamisten vervolgd en zat hij meer dan 2 jaar in de gevangenis. We vragen hem wat vrijheid voor hem betekent, en spraken met islamistische én seculiere jongeren over An-Nahda.  

Mohsen laat zich inspireren door de Indiase econoom Amartya Sen: “Vrijheid is een voedingsbodem voor ontwikkeling. Vrijheid bevrijdt het potentieel in de mensen. Kijk naar Gafsa. Onze stad werd jarenlang verwaarloosd en gediscrimineerd tegenover de toeristische kuststreken. Maar we hebben vruchtbare grond, waterbronnen, mogelijkheden voor zonne-energie, fosfaatwinning, landbouw, en vooral: veel jeugd. Zoveel van onze jongeren verlaten Tunesië en dat doet me pijn. We moeten het potentieel in hen wakker maken en hen hier kansen bieden, investeringen in Gafsa aanmoedigen. Het vertrouwen in de politiek moeten we stap voor stap weer opbouwen. Dat is hét belangrijkste punt voor An-Nahda.”

Als we hem vragen hoe An-Nahda de islamitische wet, de sharia, wil toepassen in een land dat al lang seculier is, geeft Mohsen een verrassend antwoord: “Ik ben filosoof van opleiding en professor filosofie. Ik ben eerder gespecialiseerd in filosofie en humane wetenschappen dan in de sharia. Ik ben gefascineerd door Nietschze, ja, die van God is dood. Mijn doctoraat is een kritiek op zijn filosofie. Ik wil vrij denken en taboes doorbreken. Onze religie nodigt ons uit de rede te gebruiken. Voor elk standpunt willen wij redelijke argumenten aandragen.”

Religie: een reservoir vol waarden

Volgens Mohsen wil An-Nahda de staat niet gebruiken om aan de burgers een islamitische levensstijl op te leggen. “Het Iraanse model is uit den boze” lacht hij, alsof dat de evidentie zelf is. “Wij voelen ons nauwer verwant met Turkije. De Turkse premier Erdogan van de islamistische AK-partij heeft zich laten inspireren door onze leider Ghannouchi! Maar van de wrede laïcite, het bannen van religie uit de publieke ruimte en het binnen dringen in de privésfeer en de vrijheid van de gelovigen, daar walgen we van. Wij zijn voor een democratisch secularisme, waar ook politieke partijen religieuze waarden kunnen verdedigen. Ik houd niet van die intellectuelen die zich laïque noemen en alles haten wat neigt naar waarden en religie. Een maatschappij heeft waarden nodig en religie is daar een rijk reservoir voor. Kijk naar Europa, jullie hebben een gebrek aan richting.”

Mohsen is zelf seculier: een gelovige moslim voor wie religie vrijheid is. “Mijn vrouw en zussen dragen geen hoofddoek. Verbaast je dat?” zegt hij lachend, als we opkijken van onze notaboekjes. “Iedereen is vrij. Niets kan worden gebouwd op vrees. Wij weten wat vrijheid is. Wij werden zelf onderdrukt. Wij gaan niet handelen uit wraak en nu alle macht nemen. Ik handel uit liefde voor de vrijheid, niet uit haat voor onderdrukking.”

Jezelf zijn als moslim

Geluk? Mohsen is kort: “Geluk is jezelf kunnen zijn.” Een paar dagen eerder ontmoetten we nog drie jongeren aan de moskee in Manouba, een wijk in de hoofdstad Tunis. Dhia, Aymen en Fadhel vertelden ons dat ze nu eindelijk zichzelf kunnen zijn en hun geloof vrij kunnen beleven, en niet meer met angst naar de moskee hoeven te gaan. Jezelf kunnen zijn voelt dan als een bevrijding.

“We herontdekken onszelf als moslims. Wij hadden tot nu toe nooit de kans om ons te verdiepen in de islam. De enige God die in Tunesië tot vorig jaar leefde was de ex-president Ben Ali”, zegt Dhia. Nu gaan Dhia, Aymen en Fadhel dagelijks samen naar de moskee. Hun geloof komt niet voort uit familiale druk: ze wonen alleen in de hoofdstad Tunis. Hun ouders leven bij Gafsa, in het zuiden. Ze gaan alle drie vrijwel zeker voor An-Nahda stemmen.

“Wij zijn helemaal geen extremisten” zegt Mohsen. “Dat is één groot misverstand. Jarenlang werd er onder Ben Ali een extremistisch beeld van ons gecreëerd, maar tegelijkertijd werden we monddood gemaakt en konden we geen weerwoord bieden! Nu kunnen we eindelijk vrij spreken en mensen inspireren.”

Mohsen heeft ons zomaar uit het niets meer dan een uur van zijn tijd gegeven. Zegt dit iets over de enorme drang van an-Nahda, zelfs in een slaperig stadje in zuid-Tunesië, om aan de wereld te laten weten dat niemand hen hoeft te vrezen? Mohsen roept dan ook op tot dialoog met het westen.

Vrijheid binnen de eigen ruimte, of opeisen van de hele ruimte?

Tijdens een verkiezingsmeeting van An-Nahda in een buurt van Tunis waren we getuige van hun sterke organisatie en marketingmachine: veel volk, vrouwelijke stewards aan de ingang, posters, t-shirts, badges, een podium met muzikanten,… “Wij waren de eerste strijders voor de revolutie, nu en in het verleden. Wij ontvingen eindelijk de overwinning van God, maar we gaan samenwerken met alle partijen.”

We praatten met een salafist en een seculier meisje. De eerste vindt dat het bestuur en de wetten in Tunesië moeten voortvloeien uit de Koran: “Orthodoxe boeken in de islam zijn een legitieme bron voor wetgeving” zegt hij. Kunnen zij aangepast worden aan de samenleving van vandaag? “Neen, de interpretatie is al gebeurd. Wij moeten de teksten gewoon toepassen.” Deze jongen is ervan overtuigd dat een duizend jaar oude tekst vandaag wetgeving moet inspireren. An-Nahda gaat minder ver.

De tweede voelt zich ongemakkelijk binnen de ruimte die de islamisten nu voor zich opeisen. Na jarenlange onderdrukking onder Ben Ali hebben de islamisten een vrije ruimte gevonden. Binnen die ruimte ervaren zij eindelijk de vrijheid om zichzelf te zijn. Maar seculiere mensen zoals Farah Samti voelen zich binnen die ruimte minder comfortabel en vrij: mannen en vrouwen zaten apart en we konden niet samen met Farah gaan zitten.

Farah is zelf gelovig en bidt 5 keer per dag, maar voor haar is geloof een persoonlijke kwestie. Ze vreest dat An-Nahda hun ruimte gaat uitbreiden tot seculiere en niet-gelovige mensen. Maar volgens een man die jarenlang politiek vluchteling was in Italië zal An-Nahda met hun nieuwe vrijheid niet de vrijheid van anderen afnemen: “Als jij muziek wil luisteren, en ik wil slapen wat doen we dan? Jij zet een hoofdtelefoon op.”

Pieter Stockmans
Majd Khalifeh
foto’s: Xander Stockmans

Dit artikel is onderdeel van het project “Tussen vrijheid en geluk”.
Dit project komt tot stand met de steun van het Fonds Pascal Decroos. Info: www.fondspascaldecroos.be

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur