'Precies twee jaar geleden stapte ik in het vliegtuig, richting een nieuw en ander leven.'

Het is zondag, 7 september. Vandaag precies twee jaar geleden stapte ik met twee koffers en mijn fiets in het vliegtuig, richting een nog onbekende onderneming in een nieuw en ander leven. Tijd is een relatief begrip maar wellicht zijn het wel die twee jaren, en alles wat ik in de loop daarvan heb ontdekt en ondervonden, die ervoor zorgen dat ik begin deze week na een kort en zeer deugddoend verblijf in België weer ‘thuis’ kwam in Ouagadougou. Na een maand hevige regens is Burkina Faso prachtig groen en nagenoeg stofvrij. De licht vochtige warmte is een verademing na de treurige Belgische temperaturen waar ik het af en toe koud van kreeg tot op het bot.

Kilée

De jongens van Kilée

Ik ben ook blij om te kunnen terugkeren naar de eenvoud van mijn leven in Ouagadougou, overdonderd als ik telkens een beetje meer ben door de immense veelheid aan – vooral materiële – keuzes in West-Europa. Opvallend veel mensen in België vroegen me deze keer naar wat ik het meeste mis. Steeds beter besef ik dat ik alleen familie en vrienden mis, een degelijke internetverbinding van tijd tot tijd, en als ik door mijn voorraadje heen ben ook chocolade, maar voor de rest eigenlijk helemaal niets. Ik heb hier alles wat ik nodig heb, inclusief zon en warmte en een droom om aan te bouwen.

‘Ik ben trots op hoe goed die droom het in mijn afwezigheid heeft gedaan.’

Bonne arrivée!

Ik ben trots op hoe goed die droom het in mijn afwezigheid heeft gedaan. Het was een rustige vakantiemaand en de regen deed de marché geregeld in het water vallen, maar bij mijn aankomst zag Le Foyer er uitnodigend uit als altijd, mijn favoriete rijst met groentesaus smaakt nog altijd heerlijk en van Michel kreeg ik een schriftje met een nauwgezet overzicht van de uitgaven en inkomsten van de voorbije weken. Wat perfectionistische puntjes op de i en de glimlach van de gastvrouw, dat is misschien het enige dat eraan heeft gemankeerd.

Het was zalig trouwens om zo met open armen te worden ontvangen: door mijn medewerkers, door de klanten, door de buren in de straat en in de wijk en zelfs door de vendeurs ambulants die het restaurant elke dag platlopen. Dat serveur Ange me bij mijn aankomst maandag aankondigde dat hij eind deze week zou vertrekken, voor een voetbalstage in Togo, en vervolgens na ontvangst van zijn salaris dinsdag zonder meer niet meer opdaagde op woensdag, dat werd ruimschoots gecompenseerd door de vraag van Koro, of zij dan alstublieft vanaf nu ook zijn avondshift mag doen. Waar zou dat timide, norse en niet bijzonder gemotiveerde meisje van eerst zijn gebleven?

Mooie duo’s

Vrijdag vlogen we er meteen weer in met een schitterend concert van Kilée, de groep van twee jonge kerels uit Bobo Dioulasso, die moeilijk meer van elkaar kunnen verschillen qua stijl en stemgeluid maar op die manier een boeiend duo vormen dat rap vermengt met blues en de typisch West-Afrikaanse mandingue. Zo heb ik mijn Foyer het liefst: overvol en enthousiast. Zo werk ik ook het liefst: met mijn hoofd bij twintig dingen tegelijk en met pas lang na middernacht de tijd om te beseffen dat we met zijn allen weer flink wat kilometers hebben afgelegd. Volgende vrijdag staat er met het intimistische Two Moon Junction een duo van een heel ander kaliber op ons podium, en op zaterdag is de Nederlands-Burkinabè verhalenverteller en muzikant Simon Kaboré te gast. En zo gaat dat de komende weken en maanden heel zeker door, met een speciaal feestweekend op 26 en 27 september als Le Foyer één jaar oud is!

‘Jezelf een vraag stellen. Daarmee begint verzet. En dan die vraag aan een ander stellen. Nietwaar?’

“Where are the “helpers” when the going gets tough?”

Veel vragen kreeg ik in België ook over Ebola. Burkina Faso blijft daar vooralsnog helemaal van gespaard maar de ziekte gaat ook hier dagelijks over de tong. Mocht het toch zo ver komen, is de schade wellicht niet te overzien. Nochtans lees en hoor ik steeds vaker dat de ziekte perfect klein te krijgen valt. In Europa of de VS is een epidemie, en zelfs één enkele besmetting, zo goed als ondenkbaar. Dat het in West-Afrika wél uit de hand loopt is in de eerste plaats een zeer pijnlijke illustratie van hoe mank de gezondheidszorg hier loopt, van hoe weinig middelen en mensen er ter beschikking zijn, van hoe iedereen altijd alles op een of andere onmogelijke manier opgelost moet krijgen. Het is voor de getroffen landen bovendien nog maar eens een economische en sociale klap.

En het is – zoals dat mooi wordt uitgelegd in een artikel op de blog van antropoloog Mats Utas - een grimmig voorbeeld van de dubbele standaard die in de humanitaire en ontwikkelingsindustrie zo vaak wordt gehanteerd. Het is overigens precies die vraag over de ‘vrijblijvendheid’ en ‘flexibiliteit’ van engagement die mij ertoe heeft gebracht om te proberen op mijn manier aan ‘ontwikkeling’ te doen. Het is die vraag die ik mezelf elke dag blijf stellen, op zoek naar een antwoord dat zowel integer als realistisch is. “Jezelf een vraag stellen. Daarmee begint verzet. En dan die vraag aan een ander stellen.” Nietwaar?

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Sociaal ondernemer in Burkina Faso

    Mien De Graeve verhuisde in september 2012 naar Burkina Faso. Ze werkte er een jaar lang als vrijwilliger voor het online microfinancieringsplatform Zidisha.