Wegenwedloop in Butembo

De hele stad volgt met stijgende verbazing hoe krampachtig de overheid aan de modernisering van de wegen werkt.

  • Pek smelten op een houtvuur terwijl de asfaltmachine onder zeildoek staat
  • Graag op de foto voor dit historisch gebeuren
  • Handelaars wiens boetiek noodgedwongen gesloten blijft kunnen niet rekenen op een schadevergoeding
  • Burgerzin of waanzin, een peklaagje op een aarden weg?
  • Succes heeft vele vaders, maar straks, na de zoveelste ontgoocheling...?
  • Nooit gezien in Butembo: straatverlichting! En dan nog met zonnepanelen.
  • Berg kiezelstenen aangemaakt door Sinohydro in 2011 maar nooit gebruikt

Vraag het aan om het even welke Bubolees, en allemaal halen ze hun schouders op: ettelijke keren hebben bezoekende politici beloofd werk te maken van het asfalteren van de wegen in Butembo, maar nooit heeft iemand woord gehouden.

In een stad van 800.000 inwoners zou een verharde weg uiteraard indruk maken. Het is eigenlijk niet in te beelden dat er anno 2015 nog ergens in de wereld een stad van die omvang bestaat waar de mensen in het regenseizoen door het slijk ploeteren en in het droge seizoen stofmaskers moeten opzetten om naar de markt te gaan. Dan moet zulke belofte wel electoraal succes meebrengen.

Dat is alleszins wat president Kabila zelf moet gedacht hebben. In 2006 was hij persoonlijk naar Butembo gekomen om de asfalteringswerken van de hoofdweg eigenhandig te lanceren. Per slot van rekening is dat de weg die Caïro met Kaapstad verbindt. De ruggengraat van Afrika. In Butembo heet de weg zelfs Avenue du Président de la République. Een beter idee kon hij niet vinden. In zijn aanwezigheid is een machine daar een onduidelijk zwart goedje komen uitgieten, maar enkele weken later was daar alweer niets meer van te merken. Wat een afgang!

Compleet

Hij heeft dat heel goed beseft, want in het vooruitzicht van de verkiezingen van 2011 zou hij het anders spelen. In het kader van het grote grondstoffencontract met de Chinezen, kwam het Chinese bedrijf Sinohydro aan in Butembo en begon aan heuse wegenwerken. De weg werd geëffend, waterafvoerkanalen werden gemetst in natuursteen aan beide kanten van de weg. Een gigantisch berg grint werd gemalen in het vooruitzicht van de asfaltering.

Berg kiezelstenen aangemaakt door het bedrijf Sinohydro in 2011 maar nooit gebruikt

Kabila kwam weer op campagne, legde nog een eerste steen van een waterkrachtcentrale waarvan de tweede nooit is gevolgd en dacht dat hij weer goede cijfers zou halen. Maar toen zijn propagandastoet wegreed van de meetingplaats naar zijn boerderij in Musienene, hadden opposanten posters van Kabila in de modder gelegd en kon de wagen van de president niet anders dan er met hemzelf in over te rijden.

En toen kwamen de verkiezingen. In Butembo kwam Kabila maar op de derde plaats terwijl hij 5 jaar voordien de grote overwinnaar was geweest. De vernedering was compleet. De wegenwerken werden stilgelegd en de Chinezen verdwenen met de Oosterzon. Geen mens die eraan twijfelde dat dit een wraakactie was van de kleinzerige president.

Parlementaire vraag

In november 2013 kwam hij terug naar Butembo, om het goed te maken, dacht iedereen. Hij heeft eerst alle geld nodig gehad om de oorlog te winnen, voerde hij aan. Nu de M23-rebellen overwonnen waren, zou alles anders worden. Maar hij overtuigde niet. Zijn nieuwe belofte dat de werken uiterlijk januari 2014 zouden worden hervat, werd zelfs in de radioberichten voorzien van de voetnoot dat hij dit al wel eens eerder had beloofd… En uiteraard gebeurde er niets.

Een verkozene van Butembo, Crispin Mbindule, stelde een parlementaire vraag naar de redenen van het stopzetten van de werken en kreeg van de minister van openbare werken uitgebreid antwoord. Maar wat een antwoord. Sinohydro had de werken voor miljoenen voorgeschoten tot ze op hun tandvlees zaten. De overheid heeft toen wat willen bijspringen, maar die heeft toch geen geld. Maar dat zou nu veranderen. De mijncontracten met de Chinezen zouden nu snel geld gaan opbrengen en vanaf juni 2014 zouden de werken kunnen hervatten. En weer gebeurde er niets.

Tot de gouverneur van de provincie een klein jaar geleden een initiatief nam. Hij had in de provinciehoofdstad mogen ervaren hoe profielversterkend een paar kilometer asfalt wel niet zijn. Zijn electorale vervaldatum was intussen al ruim overschreden door het onvermogen (of de onwil?) van de regering om de provinciale verkiezingen te organiseren, dus moest hij de extratijd in zijn voordeel zien te gebruiken.

Rue de l’Ambiance

Nu zelf op eigen houtje de hoofdweg gaan asfalteren, dat zou een belediging voor zijn baas zijn. Dan maar zo dicht mogelijk erbij in de buurt blijven, of waarom niet, hem zelfs insluiten: hij besloot om de twee parallelwegen, aan beide kanten van de hoofdweg, aan te pakken.

En zo geschiedde. Opnieuw werden afwateringskanalen aangelegd, maar nu werd de aarden bovenlaag ook enigszins verhard door er Romix in te mengen. Geen mens heeft me kunnen uitleggen wat dit dan wel mag zijn. In alle geval, de weerstand tegen de regen was er inderdaad wat door vergroot. In plaats van twee maanden duurde het vijf maanden eer de eerste nid de poules weer opdoken.

De werken vielen enkele maanden stil, en net toen de mensen begonnen te zeggen dat het een zelfde verhaal zou worden als de hoofdweg van de president, verschenen lantarenpalen op zonne-energie in het straatbeeld van de rue de l’Ambiance. Wat een innovatie! Een straatbeeld met lantarenpalen op een rij in Butembo! En in de eerste straathelft werken ze zelfs!

“Wie gelooft die mensen nog?” veranderde snel in “met deze man wordt alles anders”. En dat was genoeg om ook de president weer in actie te doen schieten. Hij had gehoord dat Julien Paluku, de gouverneur, de asfaltering begin vorige week in eigen persoon zou komen inhuldigen, dus liet hij weten dat de asfaltering van de hoofdweg snel zou worden hervat. Prompt verschenen spandoeken, die hij wellicht zelf heeft betaald, in het straatbeeld om hem daarvoor te bedanken. Maar het is op de rue de l’Ambiance, de westelijke parallelstraat, dat ieders blik was gevestigd.

Pek

De dag van de inhuldiging kwam de gouverneur niet opdagen. “De machines zijn nog niet klaar’, werd er gefluisterd. “Ach, ze houden ons nog maar eens voor gek”, klonken de wijsneuzen. Ik kon er intussen allang niet meer bij welke pantomime hier werd opgevoerd. Maar het ergste moest nog komen.

“De asfaltering is begonnen”, klonk het op vrijdag. Bloednieuwsgierig ging ik zaterdag kijken. Ik was niet de enige. Duizenden mensen losten elkaar af om zich een beeld te kunnen vormen van wat er gaande was.

Ik zag een tiental arbeiders in fluohesjes aan de slag. De eerste 100 meter van de weg was met prikkeldraad afgespannen. Enkele metalen olievaten stonden op een houtvuur te dampen. De vloeibare inhoud werd in een draagbaar vat overgegoten en de gelijkgemaakte aarden weg werd over zijn hele breedte met het goedje ingesmeerd. Het leek wel pek. “Dat is de lijm die het asfalt op de aarde zal vastleggen”, zei de vuurstoker me, haast verontschuldigend.

Middeleeuws

Of ik een foto mocht maken, vroeg ik aan één van de mannen. Geen bezwaar, hij glunderde, ging meteen poseren met een brede glimlach. Ik verplaatste me, stelde me nu vlakbij de vaten op, en vroeg of ik ook daar een foto mocht nemen. Ga je gang, was het gulle antwoord.

Toen ik scherpstelde voor mijn vierde foto hoorde ik opeens een menselijke donderslag. “Wie heeft u de toestemming gegeven om hier foto’s te komen maken?” Een reus van een kerel, blijkbaar de opzichter maar wel in een gewoon polohemd, geen hesje. Het stadsrumoer viel ogenblikkelijk stil. Honderden hoofden draaiden zich naar mij.

“Uw mensen hier”, gebaarde ik kalm.

“Dat recht hebben ze niet. Alleen ik heb daar het recht toe en van mij krijg je geen toestemming. Wie van jullie heeft hier die toestemming gegeven?”, bulderde hij. In mijn ooghoek zag ik de twee betrokken mensen uit mijn gezichtsveld vluchten.

“Maar mijn beste meneer, waar maakt u zich toch druk over?”, leidde ik hem af. “Dit zijn hier toch openbare werken. Van alles wat zich in het openbaar afspeelt mogen we toch foto’s nemen, in een vrij land als Congo? U moet begrijpen dat wij samen met de hele bevolking al zolang vol ongeduld zitten te wachten op de asfaltering dat we dit graag wereldkundig maken nu het eindelijk zover is. Wij willen zo graag fier kunnen zijn op onze stad”, gaf ik hem nog mee.

“Fier, fier”, hoorde ik hem nog grommelen, “over die middeleeuwse werkmethodes die ze ons hier laten uitvoeren, zeker?”.

De man had natuurlijk een punt. Hem werd niet gegund om enige beroepsfierheid te kunnen ontwikkelen. Ook hij voelde zich duidelijk een speler in de pantomime die niemand nog begreep. En zijn frustraties zaten hem hoog.

Handelaars wiens boetiek noodgedwongen gesloten blijft kunnen niet rekenen op een schadevergoeding

Vrienden

Om ze af te reageren nam hij zijn GSM uit zijn zak en zette zich in de houding om mij te fotograferen. “Zie je wel, u neemt toch ook op foto’s op straat”, zei ik tergend. “U vraagt zelfs helemaal géén toestemming”. Waarop ik een grappige snoet trok vlak voor zijn lens, tot jolijt van de massa. Ook zijn assistent haalde zijn toestel boven. Ik liet hen maar begaan.

Ik bleef nog enkele minuten rondhangen tot ik dacht dat iedereen me was vergeten. Maar net toen ik al een tiental meter was opgestapt, donderde dezelfde stem weer. “Eéh monsieur, attendez, venez ici”. Ik liet me niet intimideren en stapte hem opnieuw tegemoet.

“Wij Congolezen, wij zijn zo. Eerst moeten we altijd eens goed ruziemaken met mensen die we pas leren kennen. Om daarna de beste vrienden te worden”.

Ik zag aan zijn ogen dat hij het meende. “Dus dat betekent dat we nu al vrienden kunnen zijn?”, vroeg ik hem, waarop ik hem mijn hand toestak.

Hij gaf me een stevige handdruk en er kwam een zweem van opluchting over zijn gelaatsuitdrukking. Bij mij ongetwijfeld ook, want er trok een golf van gemurmel door de massa die alles in spanning had gevolgd.

Inhuldiging

Begin deze week dan zouden de machines gerepareerd zijn en zou de gouverneur alsnog de inhuldiging van de werken doen. Zelfs zijn collega gouverneur uit Zuid-Kivu, Marcellin Cisambo, werd mee uitgenodigd En inderdaad, ’s maandags verschenen een asfalteermachine en een grote pletwals in het straatbeeld. Gejuich alom. Een nieuwe volkstoeloop om de tuigen te bewonderen. Ze werden bij het begin van de straat achter elkaar gezet, onder permanente politiebewaking, alsof ze er elk moment konden invliegen. En daar bleef het bij.

’s Anderendaags deed het gerucht de ronde dat er nog een belangrijk wisselstuk ontbrak dat nog uit Zuid-Afrika moest komen. De twee machines werden aan de kant gezet en onder zeildoek geborgen, tot verbijstering van de hele bevolking, mezelf inbegrepen.

Succes heeft vele vaders, maar straks, na de zoveelste ontgoocheling…?

Waarom

De lofboodschappen voor de gouverneur op Facebook verstomden en werden snel bedolven onder een wijde variatie aan speculaties. Het moest beslist Kabila geweest zijn die, omdat hij niet kon verdragen dat de Avenue du Président de la République in de schaduw zou komen te staan van dat gouverneurtje, de werken heeft laten stopzetten om de zijne op de hoofdstraat weer op te starten. Of misschien heeft het bedrijf “sehemu yangu” niet betaald (“mijn aandeel” wil dat zeggen. Voor elk initiatief dat niet van de president komt vraagt hij eerst zijn aandeel, anders mag het initiatief niet van start gaan). Positievelingen denken dan weer dat de uitleg wel eenvoudiger moet zijn. Dat het teveel regent om de werken te kunnen starten bijvoorbeeld. Of dat de hoofdingenieur nog niet is aangekomen.

Anderen zien er toch eerder een complot in. “De gouverneurs van Zuid- en Noord-Kivu samen op reis, daar zit iets achter dat we niet mogen weten. Ze hadden een façade nodig om hun ware bedoelingen te camoufleren: ieders aandacht afleiden met die nepasfalteringen, maar ondertussen onder één hoedje spelen met de buurlanden om misschien wel een nieuwe inval voor te bereiden”.

Ik kan er perfect inkomen dat de wildste ideeën worden gespuid wanneer een overheid haar bevolking zó voor gek zet. Dat is eigenlijk erom vragen. Ze oogst wat ze zaait.

Nog anderen grijpen dan terug naar tradities. Zoals vaak wanneer rationele verklaringen zoek lijken, rijst ook nu het vermoeden dat enkele tovenaars de machines hebben behekst omdat er geen traditionele inhuldiging van de werken is geweest. Er werd geen enkele geit geofferd, stel je voor, dat is toch het noodlot afroepen over het project!

Gisteren om 14u29 en vanochtend om 6u42 opnieuw, nog feller, beefde de aarde. Geen twijfel meer mogelijk: de voorouders moeien zich ermee. Of ze met hun rommelende dreiging nu de asfaltering gaan vooruit helpen of integendeel plengoffers eisen tot ze genoegdoening zullen krijgen, durft alsnog niemand zeggen. Als het bovennatuurlijke er zich mee moeit, kan je niet voorzichtig genoeg zijn.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3153   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur