Welcome to South Africa

Contrasten en Community Art

Ik moet toegeven dat ik er al beter heb uitgezien. Dit is niet meteen een intrede van groot succes. Na dertien uur vliegen, met mijn snikkende hoofd naar ’t raampje gekeerd, kan ik eindelijk langs de paspoortcontrole in de luchthaven van Kaapstad. ‘Hey, angel. Oh, a litte girl from Europe”.  Merci. Dat is de goeie beschrijving. Dat is precies hoe ik mij voel. ‘And you’re coming here for theatre?’

  • © Margot Van Wauwe Gesprek in Xhosa op ons balkon, ASSITEJ in Vrygrond. 26/1/2015 © Margot Van Wauwe
  • © Margot Van Wauwe Vrygrond 26/1/2015 © Margot Van Wauwe
  • © Margot Van Wauwe Vanuit de trein in Steenberg Station, onderweg naar ASSITEJ. © Margot Van Wauwe
  • © Margot Van Wauwe Onderweg naar Observatory. © Margot Van Wauwe
  • © Margot Van Wauwe Zonsondergang op Lion's Head. 6/2/2014 © Margot Van Wauwe

Een dikke bruine vrouw met fijn geëpileerde wenkbrauwen komt langzaam op mij afgelopen. Eindelijk voel ik iets van herkenning, een kleine warmte door mijn lijf. Ik denk dat het komt doordat ze de pas aanneemt van Baloe de beer: mijn eerste hoofdrol ooit. ’Oh God, darling, I couldn’t find you. Welcome, though.’

Ze leidt me naar haar oude witte auto. Na enkele keren proberen, start de motor met een grote stank.

Aangezien de radiospeler niet meer is dan een gat waaruit zo’n twintigtal gekleurde elektriciteitsdraden hangen, geniet ik hoofdzakelijk van het accent van mijn eerste Zuid-Afrikaanse vriendin. Ze heeft het vooral over haar kiddo’s en verzekert mij dat mijn witte huid hier als vlees op de braai (Afrikaans voor ‘barbeque’ of ‘grill’) zal branden.

‘You heard about the paranoid people in this country, the ones who are scared of everything? I’m one of them.’

Aangekomen in het huis waar ik zal verblijven, gelegen in de buitenwijk Southfield, komt een koelere sfeer op mij afgelopen. Een grijsharige magere blanke vrouw opent haar grote ijzeren poort door op één van de gekleurde knopjes op het blokje in haar hand te drukken. In haar ogen heeft ze iets schuchters, iets achterdochtigs.

Ze laat me alle alarmen zien en ik krijg enkel praktische instructies. Het groene lampke moet branden als ge passeert, anders gaan de sirenes aan. En altijd uw deur vastdoen. In mijn kamer staan twee eenpersoonsbedjes. Vanuit de keuken hoor ik slechte Amerikaanse popmuziek. Op dat laatste na voelt alles, alles, hier vreemd.

De komende dagen droom ik over naar buiten gaan en ben ik bang de schuchtere blik van de magere vrouw aan te nemen wanneer ik tussen de tralies van haar poort doorkijk.

© Margot Van Wauwe

Onderweg naar Observatory.

De wereld voorbij de beveiligde poort 

Diezelfde week nog word ik door mijn dikke Zuid-Afrikaanse vriendin met fijn geëpileerde wenkbrauwen opgehaald. Een kleine tien minuten later ben ik in Vrygrond township. Een rommelige combinatie van kleine zelf gebouwde huisjes uit hout, golfplaten en auto-onderdelen. Ergens doen de huizen me denken aan de kampen die ik als kind bouwde in de tuin. Maar dit is geen kinderspel, dit is harde realiteit. In het midden van de straat loopt een naar ik vermoed tweejarig jongetje met een luier op zijn hoofdje. Hij houdt de armen in de lucht en lacht uitgelaten, een baard van stof en modder.

Ik ontmoet een op deze plek opgegroeide acteur. Hij heeft voordien gewerkt met de groep waar ik mee aan de slag zal gaan; een achttal jongeren tussen 14 en 16 jaar uit de community die vrijwillig theaterlessen komen volgen. Hij vertelt mij dat ze niet het zelfvertrouwen en de moed hebben om te dromen. Maar deze jonge man is voor hen een voorbeeld. Misschien kan het toch, worden wat je wil. Het krioelt hier van jong talent. Helaas worden zij maar al te vaak niet opgemerkt. 

‘Look around: it ’s a mess here. They have the stories. You want drama; you will have drama.’

Elke namiddag op hetzelfde uur komen enkele kinderen mij gedag zeggen in ’t kantoor van ASSITEJ. Ze blijven maar heel even, geven een knuffel, en zijn dan plots weer weg. Ze komen net terug van de Capricorn Primary School aan de overkant van de straat. Bijna elke scholier in Zuid-Afrika draagt een schooluniform. Een grijze klassieke broek of plooirok, een witte blouse, en zwarte lederen - maar in feite plastieken, niemand zeggen - schoenen. Een mooi contrasterend tafereel: de netjes opgeklede kinderen als kleine zakenmensjes rondlopend tussen het puin der townships. 

Community art en hartzeer 

Mijn eerste weekend woon ik een theaterconferentie voor jonge artiesen bij in The Magnet Theatre in Observatory. De aanwezigen bestaan vooral uit almuni van het Full Time Training and Job Creation Programme dat enkele jaren voor getalenteerden omvat ter voorbereiding op de universiteit. Men heeft het vooral over de rechten van zwarte artiesten, tot het moment waarop iemand in de zaal opmerkt dat men de kleurlingen alweer eens vergeet te benoemen. Later komen de vrouwelijke artiesten aan bod, waarvan nog veel te vaak iets anders verwacht wordt dan louter het acteerspel. 

Verdriet en woede maken pas later plaats voor een opener dialoog. Het weekend wordt voor mij toegankelijker, en vooral comfortabeler, wanneer men beslist het over ‘de artiest’ te hebben, ongeacht kleur of geslacht. Ik heb mij in elk geval nog nooit zo blank gevoeld. 

‘Let’s talk about ‘artists’. Not about black, coloured, or white. Not about male or female.’

Tussen de gesprekken door krijg ik een krachtig optreden van Muziek Sensation te zien, een groep jonge a capella zingende mannen. Een combinatie van Xhosa en Engels.

Ze hebben het over de pijn in het hart. Het geluid klinkt echter hoopvol en energiek. Ik ben voor ’t eerst ontroerd. ‘Poverty makes us kill each other. We don’t care about one another. And when a child grows up without a father. Life is harder, with only a mother.’ - Songtext.  

Na enige tijd voel ik mij steeds meer welkom. Ik ben geïnspireerd door de daadkracht en passie van deze jonge mensen. Het gevecht dat zij aangaan zorgt voor knagend en sterk werk. Plots besef ik wat ik als Belgische creatieveling soms vergeet: er zijn de schenen om tegen te schoppen, er is het ploeteren dat nooit ophoudt, er is de droom die grotendeels voor altijd louter droom zal zijn. Laat dat ons nu net in leven houden. 

De wat mij betreft beste quotes van deze drie dagen voor u op een rij:

  • Know who you are, and where you come from. Respect yourself, and your work.
  • We are too scared. We cannot cry for it anymore.
  • If I behave like ‘a female artist’, I don’t bring my baby with me to hide it after the scene.
  • Even on top of a festival for female artists is standing a man.
  • Stop waiting for people who will bring you money. Lift your ass up and do it yourself.
  • To be or not to be. It’s both. Black or white. It’s both. Art or business. It’s both. 
  • The ones who made it, have left the enemy feeling behind.

Daar waar alles tegenstrijdig voelt 

Onderweg naar huis ben ik hoofdzakelijk moe van alle indrukken. De contrasten in en rondom deze stad, en het heen en weer geslinger van Eerste naar Derde Wereld, maken me moe.

Wanneer ik op een vrije avond na een uur klimmen op Lion’s Head de gehele stad, de bergen, en de oceaan kan zien, voel ik geen volledige voldoening. Het uitzicht strekt zich niet uit tot over de cape flats (wat in het Afrikaans ‘Die Kaapse Vlakte’ betekent en soms ook wel ‘Apartheid’s dumping ground’ wordt genoemd). Dit beeld is een liegende postkaart. Ik fantaseer over een tocht naar de top met mijn groep jongeren uit Vrygrond.

© Margot Van Wauwe

Zonsondergang op Lion’s Head. 6/2/2014

Na een zonnige tijd op het strand in ‘surfparadijs’ Muizenberg, word ik op klaarlichte dag overvallen door enkele jonge gangsters die vermoedelijk met een auto vanuit omgeving Lavender Hill – een vredelievende naam voor een plek vol geweld – een dagelijks rondje robbing doen.  Geen veilige knuffels of verwonderde blikken en geruststellende reacties bij mijn collega’s de volgende dag. Nee: ‘Girl, welcome to South Africa!‘


Gelukkig is daar steeds mijn dikke vriendin met fijn geëpileerde wenkbrauwen die alles weet te relativeren. Haar ervaringen met betrekking tot criminaliteit hier zijn werkelijk heel theatrale verhalen. Maar iedereen op straat, al is het degene die per ongeluk met zijn auto tegen de bumper van haar rammelkar rijdt, blijft zij aanspreken met ‘darling’, ‘sweetheart’, of ‘my love’. En dat is precies zoals Nelson Mandela het graag had gewild.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3253   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur

  • Theatertalent in Zuid-Afrika

    Margot Van Wauwe startte na haar theateropleiding aan de Fontys Hogeschool voor de Kunsten in Tilburg een Postgraduaat Noord-Zuid aan Vives in Kortrijk.