Leerlingen NT2 van Annemie schrijven over hun eerste ervaringen in België

‘Ik wist dat het leven hier beter, maar niet makkelijker zou zijn’

Kris Roderburg (CC BY-SA 4.0)

Deze week vlagde ik weer een klasje uit. Voor de kerstvakantie hielden ze zich nog druk bezig met het schrijven van nieuwjaarsbrieven naar hun future me. Ze hebben veel geleerd in hun module NT2 3.2. Heel veel.

Wat NT2 is? Nederlands als tweede taal, de benaming voor het vak Nederlands dat we geven aan volwassenen met een andere moedertaal. 3.2 is voor een standaardcursist de achtste module uit de reeks van tien die er te volgen zijn. Die standaardcursist heeft er acht keer 120 lesuren Nederlands opzitten. Dat is min of meer hetzelfde aantal lesuren als een standaardleerling van mijn generatie op de lagere én middelbare school kreeg voor Frans.

Wij deden er toen acht jaar over. De cursisten die Nederlands leren bij ‘GO! CVO Antwerpen’ doen het in een jaar of twee, op zijn snelst. Ik weet niet of u zo’n standaardleerling was. Maar als u het was, realiseer u dan nu even hoe goed uw Frans is. Of was. Uw geschreven Frans, want deze module is een module waarin we lezen en schrijven oefenen.

De cursisten die slagen voor deze module kunnen teksten zoals deze lezen en begrijpen, kritisch mijn mening onderscheiden van de feiten, een uitdrukking die hen onbekend is opzoeken. Ze kunnen hier een samenvatting van maken, mocht dat gewenst zijn, ze kunnen hun eigen mening erover formuleren, u ervan overtuigen, en u uitnodigen tot het geven van de uwe. En dat alles met gebruik van de correcte woorden en werkwoordsvormen, in het gepaste register, en met niet meer dt-fouten dan u maakt. En ze kunnen hun verhaal vertellen. In werkelijk foutloos Nederlands? Kan u dat in uw schoolfrans? Of na uw jaren avondschool Spaans? Ik niet, u mag dat gerust weten. Of iedereen geslaagd is? Helaas niet. Of was dat bij u op school wel altijd het geval misschien, voor het vak Frans?

Maar ze kunnen hun verhaal vertellen, deze blijvers, en daar mag u even van meegenieten.

***

‘Mijn eerste dag in België zal ik nooit vergeten. Het was de moeilijkste dag van mijn leven, maar de volgende dag werd ik naar Wallonië gestuurd, naar een centrum van het Rode Kruis. Ik woonde er op een heel mooie plek, dichtbij de Franse grens, middenin de natuur, waar de mensen met vakantie gaan. Het leek het paradijs! Ik volgde er twee modules Frans. Na 8 maanden mocht ik vertrekken, en kon ik kiezen waar ik wilde wonen. Na veel zoeken vond ik een appartement in Antwerpen. En toen begon ik de Nederlandse taal te leren. Ik vind dat het Nederlands niet gemakkelijk is, maar als ik blijf proberen, zal ik het wel onder de knie krijgen.’

‘Als nieuwkomer had ik problemen in de omgang met mensen, omdat ik nog geen Nederlands sprak, en mensen op straat of op openbare plaatsen verwachten dat je Nederlands met hen spreekt. “Je bent in België, je moet Nederlands spreken”. Het interesseert hen niet dat je nog maar een paar maanden hier bent. Daardoor was ik verlegen om te zeggen dat ik nog geen Nederlands sprak, en antwoordde ik op alle vragen “ja”, ook al begreep ik de vraag niet. Totdat ik op een dag op bezoek was bij een vriend die net verhuisd was. Hij liet me even alleen terwijl hij naar de winkel ging, maar zo gauw hij weg was, kwam er iemand van een elektriciteitsmaatschappij langs. Hij stelde me vragen die ik niet begreep, en ik beantwoordde ze allemaal met “ja”. Ten slotte moest ik nog even mijn handtekening zetten. Ik twijfelde nog, maar ik deed het toch. Enkele dagen later kreeg mijn vriend een boete. Het is verboden om je tegelijkertijd bij 2 elektriciteitsmaatschappijen aan te sluiten.’

‘Als je Nederlands begint te leren, is het eerste enorme probleem nieuwe woorden leren en onthouden. Met die basis kan je al communiceren met de mensen op straat of in de winkel, wat je een goed gevoel geeft. Daarna komt het tweede probleem: grammatica. De regels van het gebruik van “de” en “het”, de regels van het adjectief met of zonder -e enzovoort. En dan komt het derde aspect van taal en communicatie: de dialecten. Mensen denken nu dat ik Nederlands kan spreken, dus beginnen ze in het dialect tegen me te praten. Maar ik versta geen dialect! Ik geef niet op, maar heb me gerealiseerd dat een nieuwe taal binnen de eerste drie jaar onder de knie krijgen een moeilijke taak is, ook voor een meertalig persoon.’

‘Mijn dochter was 12 jaar toen we naar België kwamen. Zij zat in een OKAN-klas in Vilvoorde, en daarna heeft zij haar diploma secundair onderwijs behaald. Ze studeert nu architectuur aan de universiteit van Antwerpen. Ik leerde eerst Frans, omdat ik in Brussel woonde, maar ik vond werk in Antwerpen, en daarom verhuisden we. Ik had al een beetje Nederlands geleerd in Brussel, maar de Antwerpenaars spreken niet zoals de Brusselaars. Dus probeer ik nu opnieuw mijn taal te verbeteren.’

‘Voor sommige mensen is het leven moeilijk en voor sommige mensen is het leven gemakkelijk. Mijn ervaring in België is niet zo plezant omdat ik een allochtoon ben. Ik behaalde mijn hogeschooldiploma in Brussel, in het Frans, maar ik vond geen werk en kreeg niet de kans om ervaring op te bouwen. Voordat je als Afrikaan een kans krijgt, moet je meer doen dan een Belg of een andere Europeaan.’

‘Ik kom uit Ghana, en daar moet je iedereen ’s ochtends met “goedemorgen” begroeten. Dus toen ik nieuw was in België, begroette ik elke ochtend beleefd alle mensen op straat, maar de mensen bekeken mij alsof ik van een andere planeet kwam. Ik zei aan mijn man dat ik dacht dat de mensen hier niet van mensen uit Afrika houden. Maar mijn man zei me dat ik “hallo” moest zeggen in plaats van “goedemorgen”, en nu ben ik verslaafd aan die “hallo”. Maar wat zullen de mensen in Ghana denken als ik daar met vakantie ben? Ik hoop dat het goed zal gaan met mijn “goedemorgen” daar, en dat ik er niet per ongeluk het onbeleefde “hallo” gebruik!’

‘Toen ik naar België kwam, dacht ik dat Europa ‘the place to be’ was. Maar wat een schok was dat! Het leek alsof ik in Afrika was: ik zag veel zwarte mensen op straat, ze kwamen uit verschillende Afrikaanse culturen en spraken verschillende talen. Er lag veel rommel op straat. De huizen waren oud. Ik zag bedelaars en daklozen in de straten van Brussel en ik kon mijn ogen niet geloven. In mijn eerste appartement zaten ratten en kakkerlakken, en toen het regende, lekte het dak. Wat een teleurstelling was dat!’

‘Ik studeerde in Polen, want ik wilde altijd al lerares worden. Hier werkte ik een paar jaar als schoonmaakster, hoewel dat niet mijn droomjob was. Ik had geen tijd om Nederlandse les te volgen. Na 5 jaar besliste ik dat ik iets moest doen om mij in dit land goed te voelen, want zo kon het niet verder. Ik heb dus verlof genomen op mijn werk om weer naar school te gaan. Mijn Nederlands is voor mij nog niet goed genoeg, maar ik voel me al beter dan vroeger. En het zal nog beter worden!’

‘Toen ik hier aankwam, begon ik meteen Nederlands te leren, maar door mijn drie zwangerschappen moest ik stoppen met de lessen. Nu mijn kinderen groter zijn, heb ik tijd om een opleiding te volgen, Ik heb een opleiding tweetalig bediende gevolgd in Brussel, en daarna als administratief medewerker in een school gewerkt. Ik sprak er veel met mijn Nederlandstalige collega’s, maar ik ben bang dat het te laat is om mijn Nederlands helemaal goed te krijgen.’

‘Toen ik naar België kwam, was ik heel enthousiast. Ik wist toen nog niet dat er een barrière zoals de Nederlandse taal op mijn weg lag. In september 2007 begon ik direct met de Nederlandse les, en in oktober met de integratiecursus. Ik kreeg veel hulp van de vriendelijke vrouwen van de gemeente Malle. Na de tweede module Nederlands volgde ik een vooropleiding social profit, ’s avonds ging ik naar de Nederlandse les, en tussendoor werkte ik als poetsvrouw en zorgde ik voor mijn gezin. Uiteindelijk werd dat veel te zwaar, en moest ik mijn opleiding stopzetten. Ik ging voltijds poetsen maar kreeg rugproblemen en moest ook daarmee stoppen. Het ergste is dat ik naar Niel ben verhuisd. In Niel heb ik nog altijd geen Vlaamse vriendin. Ik heb er wel kennisgemaakt met buitenlanders die minder Nederlands praten dan ik.’

‘Voor een persoon die Urdu spreekt, is Nederlands een totaal andere taal. Ik was gemotiveerd, maar in het begin was het toch heel moeilijk. Ik hoorde mensen spreken, maar ik kon hen niet verstaan. Ik vond dat ze snel spraken, en dat hun uitspraak niet duidelijk was. Nu ben ik al 10 jaar in België, en ik ben blij dat ik hier ben. Nu kan ik de mensen begrijpen en met iedereen praten.’

‘Ik ben in Tibet geboren, maar ik ben in India opgegroeid omdat China ons land binnengevallen is. Voordat ik naar België kwam, woonde ik 6 jaar in Italië, maar mijn man woonde en werkte hier. Ik ben gelukkig hier in dit vrije land, maar wanneer Tibet op een dag vrij zal zijn zou ik graag terug naar Tibet verhuizen. Ik wil graag de Belgische regering en bevolking bedanken voor hun generositeit om buitenlanders hier te laten wonen.’

‘De dag dat ik aankwam op Belgische bodem wist ik dat het leven hier beter, maar niet makkelijker zou zijn. Ik wist dat ik weer onderaan moest beginnen en alles opnieuw moest leren, zoals bijvoorbeeld de Belgische cultuur. Wat ik meteen opmerkte, was dat het leven na 18 uur een beetje ophield in België, en in Marokko begint het leven juist na 20 uur. […] Mijn ervaring met het zoeken van een job was spannend. Ik stapte een interimkantoor binnen, in de hoop dat ze me een plekje op de arbeidsmarkt konden bezorgen. Ik was realistisch en ik wist dat ik niet dezelfde soort job zou kunnen krijgen als in Marokko. Maar ik blijf in België en zie hier een mooie toekomst. België is mijn thuis!’

‘Toen ik nog in mijn land woonde, had ik een mooi leven, maar vanaf de eerste dag hier veranderde mijn leven helemaal. Een jong meisje in een vreemd land. Niemand hier om mij te steunen. Het was niet gemakkelijk. Ik schrijf dit verhaal met tranen in mijn ogen. Ik kreeg hier zoveel problemen met de man met wie ik trouwde! Hij was agressief, en was verslaafd aan drugs. Gelukkig is die tijd voorbij.’

‘Ik woon als sinds de zomervakantie van 1999 in België. Mijn man en ik kochten enkele jaren geleden een huis in Wijnegem. Na een grote verbouwing van 2 jaar, zijn we het nu eindelijk aan het inrichten. De gezellige leefruimte, de keuken, en het terrasje buiten zijn al klaar. De kamers voor onze 2 jongetjes wachten nog eventjes op afwerking. Dat is mijn leven nu, maar toen ik 20 jaar geleden naar België kwam, was het niet altijd leuk, fijn en gemakkelijk. Mijn oudste zus had me naar hier uitgenodigd, als toerist. Ze toonde me het unieke centraal station, het Rubenshuis, de Antwerpse zoo, de Schelde, de Meir en veel, veel meer. Na die vakantie was het tijd om werk te zoeken, maar met mijn Engels zat er niet anders op dan schoon te maken in privéhuizen. Emigreren is niet gemakkelijk, er zijn veel dingen aan Polen die ik mis (vooral mijn ouders), maar wij moeten de positieve kanten zien, en het geluk in onszelf vinden…’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
‘In het begin was spreken moeilijk maar stap voor stap werd mijn taal beter. Ik heb me ingeschreven bij veel organisaties waar ik Nederlands kan oefenen. Nu heb ik veel Belgische vrienden die ik elke week ontmoet. Elke dag leer ik nieuwe woordenschat en voel ik dat mijn Nederlands beter wordt. Soms heb ik een klein probleempje met de structuur van de zinnen: de woordvolgorde is soms raar. Maar ik geef niet op. Ik blijf me inspannen voor het Nederlands.’

‘Een nieuwe taal leren is niet gemakkelijk, vooral als de taal een ander alfabet heeft. Het moeilijkste is om helemaal opnieuw te beginnen, zoals een kind. Mijn eerste maanden in België waren moeilijk, want toen sprak ik nog geen Nederlands. Ik woonde in een dorp, en moest een half jaar wachten voor er een cursus Nederlands begon. Ik heb ondertussen al veel modules gevolgd, maar spreken vind ik nog altijd een beetje moeilijk omdat ik niet echt durf te praten. Daarom heb ik vrijwilligerswerk gedaan. Nu volg ik twee vakken aan AP-hogeschool in de hoop dat ik daar snel aan de opleiding orthopedagogie kan beginnen.’

‘De eerste stap die nieuwkomers in België zetten, is het leren van de nieuwe taal. Het omschrijven van je emoties en ervaringen is niet vanzelfsprekend in een taal die je aan het leren bent. In deze blog mag je jouw verhaal vertellen over je ervaringen in dit nieuwe thuisland, en over de herinnering aan je oude land.’

***

Ze zijn hier. En ze blijven hier. Het zijn uw tandarts, uw baas op ’t werk, uw fietskoerier, uw grafisch ontwerper en uw poetsvrouw. Doe hen de groeten van mij. Ze hebben mij veel geleerd.

Dank daarvoor, Sara, Solange, Geraldine, Ziad, Khalid, Victor, Sinan, Gönül, Rabia, Rachida, Abdel, Salah, Hamed, Julie, Tsering, Gina, Natalia, Kasia, Ahmet, Hiba en Wafa.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift