De vluchtigheid van het voogdijschap

Over loslaten en gemengde gevoelens

pixabay (CC0)

 

Denise De Bondt ziet ze komen en gaan, de jonge vluchtelingen die ze als voogd onder haar hoede krijgt. Dit jaar moet ze zeven keer afscheid nemen van “haar” kinderen. En dat gebeurt steeds met gemengde gevoelens.

Het is een steeds terugkerende cirkel, een jojo. Je wordt door de FOD justitie aangesteld als voogd van een nieuwe jongere die helemaal alleen, zonder ouders, in ons land is toegekomen.

Meestal maak je dan kennis met een klein, verdrietig hoopje ellende. Ontreddering, ongeloof, uitputting, verwarring , schichtig. Soms zijn ze ook niet meer zo klein, grote lummels van tieners, opstandig, boos, gekrenkt, vol onbegrip. Maar steeds gekwetst en beschadigd. Ze missen hun ouders, hun zussen en broers en schoolkameraden, hun vertrouwde omgeving, hun ganse leven zoals zij het tot nu toe gekend hebben.

Je tracht er dan als voogd te zijn voor hen, voor zover ze je toelaten. Ze hebben ondertussen immers geleerd om alles en iedereen te wantrouwen. Je tracht de beschadigingen toe te dekken, pleisters op de wonden te plakken,….

Je weet ook dat sommige wonden nooit zullen helen en op een dag etterend zullen openbarsten.

Meer dan pleisteren kunnen we meestal niet doen want ergens van binnen weet je zeker dat het wonden zijn die blijven in dat jonge lichaam, in die prille levens. Wonden die in het beste geval heel langzaam evolueren naar littekens die hen hun leven lang herinneren aan de gruwel die hun jong leven heeft geteisterd. Oorlog, ontbering, de beelden van verderf, bombardementen, mishandeling, uitbuiting en misbruik, gemis, missen,… heel erg veel missen.

Je weet ook dat sommige wonden nooit zullen helen en op een dag etterend zullen openbarsten. Mijn hoop is dan dat er op dat moment iemand voor hen zal zijn die de zorg zal opnemen en de wonden zal verzorgen.

Je tijd als voogd is vluchtig, beperkt, afgelijnd. En binnen die beperkte tijd tracht je hen zo goed mogelijk bij te staan. Het gevoel is ook heel dubbel want je moet als voogd ook telkens die wonden weer terug openrijten. Je laat ze hun vluchtverhaal vertellen aan jou, telkens weer tot het helder en duidelijk is, het verhaal terug oprakelen met alle details bij hun advocaat, bij het interview op de Dienst Vreemdelingenzaken, bij het gehoor op het Commissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen, soms nog bij een beroep in de rechtbank,… telkens weer die herbeleving van de gruwel, telkens weer door die sterke emoties.

En telkens weer tracht je hen tussen deze moeilijke momenten in te ondersteunen, emotioneel op te lappen, een stukje meer vertrouwen te winnen, hen beter te leren kennen, tot het volgende moeilijke moment er weer aan komt. Telkens weer opnieuw met vallen en opstaan.

Met de meeste jongeren groeit gelukkig, stap voor stap, een speciale band. Een beetje vertrouwen. Je voelt dat ze, als ze het moeilijk hebben, op je steunen. Anderen blijven zich altijd een stuk afschermen, slagen er niet in om je echt hun volle vertrouwen te geven.

En dan komt onvermijdelijk altijd het moment dat de voogdij is afgelopen. Sommigen worden veel te snel 18 en moeten het dan alleen en zonder voogd zien te rooien. In het beste geval is er dan de mogelijkheid geweest om vooraf begeleide ondersteuning te regelen. Soms lukt dat ook niet omdat ze nog op één van de ellenlange wachtlijsten staan, of omdat hun asielprocedure nog maar net gestart is en ze nog in een voorziening van Fedasil verblijven.

Soms eindigt je voogdij omdat ze als minderjarige verblijfdocumenten hebben gekregen in ons land en ze er in geslaagd zijn om hun ouders naar ons land te laten komen. Altijd een bijzonder gelukkig moment als je er in slaagt om ouders en kind, na soms vijf jaar en langer, terug met elkaar te verenigen. Zo emotioneel, zo mooi, al sta ik ook hier meestal met een heel dubbel gevoel naar te kijken.

Zeven keer afscheid nemen dit jaar, met telkens gemengde gevoelens.

Bijzonder fijn en ontroerd over het herenigingsmoment, maar toch altijd met de onderliggende hoop en bezorgdheid of het gezin er samen in zal slagen om hier een mooie toekomst op te bouwen. Dit in de wetenschap dat er heel wat hindernissen te nemen zullen zijn vooraleer dat allemaal vlekkeloos loopt. Andere cultuur, andere taal, andere gewoonten, hele lijst van verplichtingen, en in de meeste gevallen een pak meer regels en reglementeringen dan in hun herkomstland.

Sommige ex-pupillen blijven nadien contact houden, sommige heel close, zij blijven vrienden, voor het leven. Anderen nemen iets meer afstand. Nog anderen zijn dan weer heel blij om vanonder het juk van de voogd vandaan te zijn en die hoor je niet meer rechtstreeks.

Al kan ik het niet laten om ze onrechtstreeks nog op te volgen om te zien hoe ze verder gaan met hun leven hier. Via hun vriendenkring en sociale media krijg ik dan een beeld over hun verdere stappen, ik kan het nooit helemaal loslaten. Ik denk dat dit herkenbaar is voor vele collega’s voogden.

In de loop van dit jaar zijn of zullen zeven jongeren onder mijn voogdijvleugels verdwijnen.

Eéntje omwille van een geslaagde gezinshereniging, en zes omdat ze volgens onze wetgeving “meerderjarig” worden of geworden zijn. Ze mogen dan “meerderjarig” zijn, maar behoudens enkele uitzonderingen zijn ze dikwijls verre van volwassen, laat staan zelfredzaam in onze samenleving.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
De zeven zitten ook in uiteenlopende stadia van hun procedure. Sommigen hebben reeds een vorm van verblijfspapieren ontvangen, anderen zitten nog volop in een procedure. De jongeren die dit jaar afscheid nemen hebben ook uiteenlopende nationaliteiten, ze komen uit Afghanistan, Albanië, Syrië.

Zeven keer afscheid nemen dit jaar, telkens met gemengde gevoelens. Je weet dat enkelen het heel goed zullen doen, enorm veel veerkracht hebben, maar dat er anderen zijn die zeer diep gaan zinken en je kan dan alleen maar wensen dat ook zij de moed en de kracht zullen vonden om later terug uit dit diepe dal te klimmen.

Ik heb er jaren geleden, en ook veel pupillen geleden, voor gekozen om voogd te zijn. Je weet dat je hen leert kennen, een stukje meeloopt in hun leven en dan terug afscheid neemt, moet loslaten. Zo hoort het ook. Maar toch….sta mij toe om dit telkens toch met gemengde gevoelens te doen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Voogd van Niet Begeleide Minderjarige Vluchtelingen

    Naast een druk professioneel leven is zij sinds 2015 ook voogd van een aantal Niet Begeleide Minderjarige Vluchtelingen ( NBMV ).  De teksten gaan over haar ervaringen als voogd, ma