Beste overheid, maak van landbouwgrond een common

‘Beste overheid, zet een nieuwe bril op om samen op een duurzame manier naar het landbouwbeleid te kijken. Start het aankopen van landbouwgrond voor een weerbare economie’, betoogt Bram Stessel met enkele argumenten die steek houden én nog haalbaar zijn ook.

  • © Floris Van Cauwelaert © Floris Van Cauwelaert
  • © Floris Van Cauwelaert © Floris Van Cauwelaert
  • © Floris Van Cauwelaert © Floris Van Cauwelaert
  • © Floris Van Cauwelaert © Floris Van Cauwelaert

Tijdens de sessie ‘Publieke landbouwgrond inzetten voor lokale voedselvoorziening’ op de lokale voedseldag in de Bijloke te Gent ontstond er een interessant gesprek over landbouwgrond en hoe deze in te zetten voor de lokale voedselteelt.

We kregen info over het mooie project dat de gemeente Anderlecht op poten aan het zetten is: gronden, die onteigend werden voor de aanleg van de Brusselse ring, worden nu gebruikt om jonge boeren in spe op te leiden om later zelf een bedrijf op te starten. De stad Oostende en Turnhout startte tevens een eigen CSA-bedrijf. Prachtige initiatieven die bewustwording, de ontwikkeling van een lokale gemeenschap en goede gezondheid promoten.

Na de eerste pioniers van de biolandbouw 30 jaar geleden, met bekende bedrijven zoals o.a. De Dobbelhoeve, De Wriemeling en Den Bovenhoek is er nu een tweede golf van jonge enthousiaste boeren (vaak zonder boerenafkomst) die toekomst zien in kleine lokale bedrijven, vaak zelfoogst-tuinen en CSA-boerderijen.

Maar is deze nieuwe golf geen druppel op een hete plaat? Mogen we niet ambitieuzer zijn en verder in de toekomst kijken?

© Floris Van Cauwelaert

Grondprijzen en pachters

Een groot probleem waar deze jonge enthousiaste boeren voor komen te staan is het verkrijgen van grond. Vaak zijn de prijzen van een landbouwgrond buiten proportie, door speculanten en rijke paardenliefhebbers de hoogte in gedreven.

In onze gemeente betaal je tegenwoordig tot 100.000 euro voor één hectare landbouwgrond, het minimum aan oppervlakte nodig voor de uitbouw van een levensvatbaar CSA-bedrijf. Hoe kan een jong bedrijf zo’n grote investering trekken, laat staan afbetalen op lange termijn? Initiatieven zoals de landgenoten, coöperatieven of crowdfund-acties bewijzen hun nut, maar niet voor iedereen…

Je zou zeggen: boeren kunnen toch land pachten? In praktijk blijkt dit een verouderd systeem. Grondeigenaren wensen hun gronden niet meer levenslang in gebruik te geven aan boeren. Vaak is alle pachtgrond al verdeeld.

De pachtwet is er om boeren te beschermen, maar wat we vandaag zien is dat pachtgronden in bezit blijven van gepensioneerde boeren. Dit kan voor de boer in kwestie nog een mooie bijverdienste betekenen, ze laten de mest van bijvoorbeeld intensieve varkenshouderijen invoeren tegen betaling, of ze kiezen ervoor de pachtgrond te laten bewerken door loonwerkers.

Moeten we niet ruimer kijken? Hoe kunnen we als natie echt een weerbare en gezonde lokale landbouw genereren in tijden van in- en export, monocultuur en marktspelers en grote lobbygroepen zoals Bayer? Hoe kan België, of ruimer gezien Europa, in tijden van crisis of oorlog meer weerbaar worden? Hoe kunnen we als land afstappen van een olie-afhankelijk voedselweb?

© Floris Van Cauwelaert

Een meent

Het antwoord ligt misschien bij de ‘Commons’, of in het Nederlands ‘een meent’. Hier de definities volgens Wikipedia:

“Een meent of mient is een term die vroeger gebruikt werd voor een onverdeelde gemeenschappelijke weide meestal als onderdeel van een gemeynt of marke. Het kwam met name voor op zandgronden. (merk de parallel op met het woord ‘gemeente’) Afhankelijk van de regio en de bodemvruchtbaarheid werd de meent op een zeker moment in het verleden verdeeld tussen de gerechtigden. De negentiende-eeuwse markewetten zorgden voor een grootschalige verdeling.”

“The commons is the cultural and natural resources accessible to all members of a society, including natural materials such as air, water, and a habitable earth. These resources are held in common, not owned privately… the commons is a general term for shared resources in which each stakeholder has an equal interest.”

Deze vorm van door-de-gemeenschap-gedragen landbouw werd toegepast in o.a. Groot-Brittanië en is tot op de dag van vandaag nog steeds gangbaar in bepaalde gebieden in de Zwitserse alpen. In Engeland is er momenteel een organisatie ‘The land is ours’. Zij pleiten ervoor dit systeem opnieuw te gebruiken.

Grondeigenaar als mecenas voor de boer

Een tweede mogelijkheid zou kunnen zijn dat mensen die op zoek zijn naar een investering, landbouwgronden opkopen om door een CSA-bedrijf te laten exploiteren.

Op deze manier wordt enerzijds de lokale gemeenschap gesteund door mensen met kapitaal, investeerders doen anderzijds een waardevolle investering: een win-win situatie. Investeerders zouden op deze manier een sleutelrol kunnen uitoefenen. Door als grondeigenaar de exploitatie over te dragen aan een CSA-bedrijf, dat een duurzaam beheer van de grond toepast, bewerkstelligt hij ook de rurale ontwikkeling van zijn gemeente. Dat kan de lokale economie alleen ten goede komen.

Deze werkwijze wordt o.a. toegepast door b.v. ‘De Landgenoten’ en het Franse ‘Terre de Liens’. Zij zoeken funders in het lokale netwerk van de boer, kopen de grond en verpachten deze aan de boer. Zo zorgen ze ervoor dat het areaal biolandbouwgrond in de toekomst verzekerd wordt.

© Floris Van Cauwelaert

Voedsel = basisrecht

Het landbouwbeleid moet dus radicaal omgevormd worden om jonge boeren kansen te geven, om in onze nationale voedselproductie autonomer te worden, om de eetgewoonten van de burgers te verbeteren en zo ook de kosten in de gezondheidssector naar omlaag te halen.

Kinderen moeten weer beseffen dat groenten uit de grond komen en niet uit plastic verpakkingen.

Anderzijds creëren we een hechte gemeenschap, waar mensen meer waardevolle sociale contacten opbouwen in een zelfoogsttuin of op een boerenmarkt, dan in een neon-verlichte supermarkt. Zodat kinderen weer beseffen dat groenten uit de grond komen en niet uit plastic verpakkingen.

Het is de rol van de overheid om deze veranderingen door te duwen. Waarom kan de staat geen grond kopen en gratis ter beschikking stellen van deze jonge enthousiaste boeren, om zo een kantelmoment te creëren en echt aan de toekomst te werken?

Ik denk ook aan de kerkfabriek, of OCMW’s (vergeet de betekenis achter de letters niet: Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn), die vaak veel landbouwgrond in bezit hebben. Werkzoekenden zouden mee kunnen werken op deze kleine bedrijven die zijn verweven in lokale gemeenschappen. Ze voelen zich nuttig en krijgen voldoening van het lokale netwerk. Vzw’s, zoals o.a. Posthof in Antwerpen, bewijzen dat het kan en dat er ook doorstroming mogelijk is naar de arbeidsmarkt. Daarnaast heb je de honderden zorgboeren die wekelijks enthousiaste mindervaliden mee op hun velden nemen en ze mee betrekken in zeer nuttige taken, anders dan uren slijten in de dure dagcentra.

Kortom: kleinschalige landbouw kan een grotere bewustwording genereren, niet alleen op landbouwgebied, maar ook sociaal van grote betekenis zijn.

© Floris Van Cauwelaert

Landbouwgrond van de gemeenschap?

We moeten dus met nieuwe ogen naar grond durven kijken. Waarom moet landbouwgrond privé-eigendom zijn, als ze een functie van algemeen nut uitoefent?

We moeten dus met nieuwe ogen naar grond durven kijken. Waarom moet landbouwgrond privé-eigendom zijn, als ze een functie van algemeen nut uitoefent? Voedsel is immers een basisrecht. Waarom kan een landbouwgrond niet van de gemeenschap zijn, zoals er vele natuurgebieden ook van de gemeente, provincie of van de staat zijn?

Hoe kan België meer zelfvoorzienend worden? Een rekenvoorbeeld

Een CSA-bedrijf heeft gemiddeld 75m2 nodig om in de jaarlijkse groentevoorziening van 1 persoon te voorzien. 75 X 11.267.910 (Belgen in 2016) = (845.093.250 m2/10 000m2) = 84.509,325 ha. Dus afgerond 84.509 ha, in bewerking door CSA-bedrijven, zou de groentevoorziening van alle Belgen kunnen betekenen.

Het areaal cultuurgrond in België bedroeg 1.333.398 ha in 2014. Dit betekent dat slechts 6,3 % van onze landbouwgrond, gerund door een CSA-bedrijf, onze nationale groentebehoefte kan dekken. Een haalbare kaart lijkt me. De overige 1.248.888 ha kunnen benut worden voor fruitteelt, graanteelt, etc., die ook in een CSA-model te gieten zijn. Neem nu het voorbeeld van ’T Lindeveld uit Oost-Brabant: een granen-CSA.

Zet die nieuwe bril op

Allerbeste overheid, zet die nieuwe bril op om samen op een duurzame manier naar het landbouwbeleid te kijken. Start het aankopen van landbouwgrond voor een weerbare economie. Laat die 84.509 ha een eerste stap zijn in de goede richting. Verzeker een toekomst voor onze kinderen. Gebruik het woord “duurzaamheid” niet als trendy titel voor een werkstuk, maar ontwikkel een landbouw die toekomstbestendig is, zowel in ecologisch, economisch als sociaal opzicht.

Dit artikel verscheen eerst op devollegrond.be

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift