Te snelle en foute evaluatie van de lage emissiezone

De Lage Emissiezone (LEZ) van Antwerpen kwam negatief in het nieuws. Volgens verschillende kranten en sites is de LEZ niet relevant, het aantal dagen dat de norm van PM10 is overschreden is immers toegenomen luidt het. Dat PM10 niet alleen gerelateerd is aan autoverkeer wordt snel vergeten in het opstellen van sprekende titels. Hieronder een nuance.

Pixabay (CC0)

 

PM10 of particulate matter 10 zijn stofdeeltjes die kleiner zijn dan 10 micrometer en groter dan 2,5 micrometer. Belangrijke natuurlijke bronnen zijn zanddeeltjes uit woestijnen en zeezout dat tot meer dan 500 kilometer landinwaarts nog steeds een effect heeft. Belangrijke menselijke bronnen zijn landbouw (ongeveer 50% van de menselijke bronnen in 2000), industrieel stof van de haven of bouwprojecten in de stad en verkeer (zowel uitlaat als niet-uitlaat). De natuurlijke bronnen hebben een bijdrage die tot tienmaal groter is dan de menselijke bronnen zoals verkeer.

Daarbij komt dat weeromstandigheden een invloed hebben op de concentratie PM10 in de lucht. Droogte en weinig wind beperken het verdunningseffect en zorgen ervoor dat fijn stof blijft hangen. Uit metingen van de VMM blijkt dat er dit jaar meer piekdagen waren voor PM10 in heel Vlaanderen, het is dus niet enkel beperkt tot de Lage Emissiezone (LEZ) van Antwerpen. Een lokale ingreep heeft weinig impact op een (inter)nationaal fenomeen als PM10; de piekdagen van PM10 zonder enige nuance causaal koppelen aan de lage emissiezone is fout. Zeker in krantenkoppen.

Een lokale ingreep heeft weinig impact op een  fenomeen als PM10; de piekdagen van PM10 zonder enige nuance causaal koppelen aan de lage emissiezone is fout. Zeker in krantenkoppen.

Het bestuderen van roet (PM2,5) zou een duidelijker beeld schetsen van de impact van de lage emissiezone, met de nuance dat resultaten van zes maanden geen volledig beeld kan opleveren. De lage emissiezone weert immers de meest vervuilende wagens die een van grootste bronnen van roet vormen in de stad. Blijkbaar daalt het roetaandeel in de LEZ en blijft het stabiel op meetpunten buiten de zone.

De lage-emissiezone in Eindhoven lijkt zonder bijkomende maatregels geen significant positief effect te hebben, meent De Morgen. Het stadsbestuur van Eindhoven zou willen inzetten op het terugdraaien van het aantal wagens in de kern.

Daar heeft Antwerpen nog groeimarge; de stad kan meer inzetten op het potentieel van openbaar vervoer. Zo kan de stad de trams op de leien een groene golf geven zodat de tram overal door kan rijden en dus een interessant alternatief wordt voor de auto. De vergeten pre-metrohaltes onder de Turnhoutsebaan openen en eindelijk laten renderen kan ook meer wagens uit de stad houden.

Beter meten

De waterbus, betaald door de stad Antwerpen, kan de stad ook nog beter afstellen met ander openbaar vervoer; bussen, trams en treinen. De waterbus kost geld en kan dus maar beter renderen. Een uitgebreid netwerk zoals tussen Rotterdam en Dordrecht (22 kilometer) is realistisch, dan moet de waterbus wel tot Rupelmonde en Temse varen om zoveel mogelijk dichtbevolkte dorpskernen aan de Schelde te bedienen. Een eventuele zijlijn via Niel tot Boom kan ook bestudeerd worden. 

De lage emissiezone afschieten komt te vroeg, we hebben meer meetdagen nodig. 

Buiten de lage emissiezone is er ook nog werk voor Antwerpen; veel fietspaden zoals het fietspad van de Krijgsbaan aan het Schoonselhof liggen naast de baan en dan worden fietsers blootgesteld aan uitlaatgassen. Eerdere studies raden aan om lage hagen te planten om de uitlaatgassen gedeeltelijk weg te filteren. Dat maakt het gezonder en aangenamer de fiets te nemen. 

De berichtgeving over de LEZ focust eenzijdig op de piekdagen van fijnstof PM10 terwijl dat niet de juiste parameter is om de LEZ te evalueren. Roetdeeltjes (PM 2,5) van onder andere dieselwagens zijn een betere parameter. Ook is de termijn van zes maanden te kort om nu al de lage emissiezone te evalueren. Wetenschappelijke metingen dienen op zijn minst gegevens van een jaar te hebben; zo kunnen wetenschappers de invloeden van de seizoenen bekijken en in rekening brengen bij de resultaten en conclusies.

De lage emissiezone afschieten komt te vroeg, we hebben meer meetdagen nodig. Antwerpen kan wel al nadenken om maatregelen te treffen om de lage emissiezone optimaal te laten renderen, lees: auto’s meer en meer weren door goede alternatieven beter en volledig uit te werken.

Alec Lamberts studeert chemie aan de Universiteit Antwerpen. Hij schreef dit stuk als een kritische wetenschappelijke reflectie op de actualiteit: de opgeklopte commotie rond de LEZ. 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Alec Lamberts (1998) studeert scheikunde aan de Universiteit Antwerpen en woont in Steendorp. Hij zit in de redactie van het magazine van KLJ nationaal, is podiumdichter en regisseur.