Zuurstof voor Afrika

Essay van lezer Kristien Vanspauwen
Eind juni lanceerden MO*, AIR FRANCE KLM en Koning Boudewijnstichting een grote zomerwedstrijd waarbij twee lezers van MO* een reis naar Zuid-Afrika konden winnen. Deelnemers moesten voor 15 augustus een essay over de relaties tussen Afrika en het Westen insturen. In totaal kregen we maar liefst 41 inzendingen binnen. Uit deze 41 inzendingen heeft een jury de 6 beste essays uitgekozen. We presenteren hier een van de 6 genomineerde essays.

Het probleem van Afrika is in feite ook het onze, zo wordt de laatste tijd steeds duidelijker: een losgeslagen kapitalisme dat hele volkeren in de ellende stort en slechts enkelen superrijk maakt. Net als de strijd voor het klimaat moet die tegen de armoede globaal en op alle fronten gevoerd worden. Allemaal samen om de catastrofe af te wenden.

Een mix van machteloosheid en onverschilligheid. Dat is wat veel mensen voelen als ze aan de toekomst van Afrika denken. Wat kunnen we aan zo veel ellende doen, en is het onze verantwoordelijkheid nog wel? Zeker, de kolonisatie is een donkere periode in onze geschiedenis, en laat nu nog sporen na. Maar het gros van de Afrikaanse landen is al sinds de vroege jaren zestig onafhankelijk. De meeste Europeanen van nu waren toen niet eens geboren. Is nu niet het moment gekomen waarop het Afrikaanse continent zelf zijn problemen moet oplossen?

Neokolonialisme

Wat hebben wij daar nog mee te maken? Meer dan we denken. Na het kolonialisme is er immers een veel perverser en sluwer fenomeen opgestaan: het neokolonialisme. Ludwig Apers illustreert dit treffend in zijn misdaadroman “Ituri”:

Laat de advocaten de details van de concessie uitwerken, ik wil dat jij ervoor zorgt dat de eerste tot de laatste diamant die in die streek gevonden wordt, binnen de kortste keren bij onze mensen terechtkomt. (…) Van Heerde zoog aan zijn Montecristo (…) Hij hulde zich in een rookwolk en grijnsde. Toen de damp wegtrok, dook achter hem een foto op van hemzelf, minzaam glimlachend in de camera, terwijl hij een lint doorknipte bij de opening van een schoolgebouw in Harara.” (pg 24)

Moderne westerse mensen brengen een groot deel van hun tijd door met verdienen en weer uitgeven van geld. Alles is maak-, koop-, en verhandelbaar. Kapitalisme is overal. Omwille van onze welvaart halen we Afrikaanse – en andere — landen leeg voor eigen gewin. We geven een aalmoes in de plaats, om ons geweten te sussen.

Ons comfort is namelijk voor een groot deel gebouwd op grondstoffen uit o.m. Afrika: onze gsm’s, computer- en tv-schermen, auto’s, vaatwassers en magnetrons kunnen niet zonder. Maar wordt de plaatselijke bevolking daar rijk van? Oorlogen, massaverkrachtingen en slavenarbeid zijn hun deel.
Westerse multinationals wachten in het beste geval gewoon af en doen zaken met de krijgsheer die het pleit wint. Het kapitalisme in zijn meest cynische gedaante. Want hierbij worden mensenrechten geschonden. Is er haast geen oog voor sociale rechtvaardigheid.

Klimaatstrijd als voorbeeld

Wat betekent dit voor de toekomstige relaties tussen het Westen en Afrika? Dat het anders en eerlijker moet, uiteraard. We zijn die weg al ingeslagen: er zijn de millenniumdoelstellingen.
Schuldenlastvermindering is mogelijk geworden. Via microkredieten kunnen prachtige initiatieven opbloeien, gedragen door en voor de lokale bevolking.

“Het is nieuwsgierigheid die de blanke over de wereldzeeën heeft voortgedreven tot in het hart van Afrika. En het is hebzucht die hem er heeft gehouden. (…) Ze kennen het land niet, ze kennen de wetten niet die het land heeft voortgebracht. (…) De blanken zijn dwazen, hoe kunnen zij zaken doen met dingen die geschapen zijn voor iedereen? (…) Neem dus deze stenen mee, zij behoren jou toe, zoals ze mij toebehoren. En als je wil, kom dan terug. We zullen je verwachten.” (Ludwig Apers, “Ituri”, pg 252-253)

We zijn ons echter, in ons dagelijkse leven, veel te weinig bewust van de gevolgen van ons consumptiegedrag voor andere delen van de wereld. We hebben het te druk om erbij stil te staan. Maar vooral: het blijft te verborgen.
Hier ligt volgens mij een grote kans. Leggen we bijvoorbeeld de link naar de ecologische beweging, dan zien we dat hier een steeds groter algemeen bewustzijn groeit. Bewegingen, van politieke partijen over groene energieleveranciers tot lokale initiatieven, hebben ons er intussen allemaal – die enkele klimaatsceptici laten we buiten beschouwing – wel van overtuigd dat we zuiniger met onze planeet moeten omspringen. Wat we ook steeds meer en vaker proberen te doen. Dàt bewustzijn hebben we nodig als het om neokolonialisme, globalisering en ongebreideld kapitalisme gaat.

Want wat in Afrika – en in andere arme delen van de wereld – gebeurt, overkomt mensen hier ook. Ook hier worden fabrieken gesloten en mensen bedankt voor hun diensten, omdat hun werk elders goedkoper kan worden gedaan. Ook hier belanden daardoor hele families in slechte papieren.
De bandwerker bij Opel en de mijnwerker in Congo zijn, ondanks de grote onderlinge verschillen, elk op hun eigen manier slachtoffer van hetzelfde cynische marktmechanisme: zoveel mogelijk winst maken ten koste van sociale voorzieningen. In die zin is de strijd voor een socialer Europa en die voor meer rechtvaardigheid en welvaart in Afrika dezelfde: de strijd tegen de macht van het geld, die steeds driester in het rond maait en ook in het Westen een groeiend aantal slachtoffers maakt.

Van globalisering tot globale solidariteit

Als die boodschap beter in de verf wordt gezet – door ngo’s, door de media, in de politiek – dan komt er een beweging die veel beter en breder gedragen wordt door solidariteit. En net zoals de strijd voor een beter klimaat, moeten we ook deze strijd niet in de laatste plaats zèlf voeren, in ons dagelijkse leven en in onze eigen huiskamer. Want de tijd waarin we voor initiatief alleen naar de overheid keken, is voorbij.

In deze woelige financiële tijden lijkt me het draagvlak voor fundamentele veranderingen groter dan ooit. Het gaat niet langer om een keuze tussen het een of het ander: ofwel voor onze eigen sociale rechten strijden, ofwel arme landen steunen. Het streven naar een socialer Europa en een welvarender Afrika zijn niet tegengesteld aan elkaar, maar complementair. Dat moeten mensen beseffen, daaraan moeten we werken. Zodat ook Afrikaanse mensen hun eigen toekomst beter zullen kunnen boetseren.

De andere genomineerde essays

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2925   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift