Bloedige strijd om macht en rijkdom in Libië

De luchthaven van de Libische hoofdstad Tripoli werd op 24 en 25 november gebombardeerd door de luchtmacht van één van de twee regeringen die momenteel heersen over Libië. Beide worden gesteund door tal van milities, en strijden om internationale erkenning en controle over de olierijkdommen van het land. Analisten waarschuwen westerse regeringen het Libische conflict niet te zien door de lens van de oorlog tegen terreur en pleiten voor een regering van nationale eenheid.

  • © Darrin Zammit Lupi Eerste Minister Abdullah al-Thinni van de in het Oosten gevestigde ‘Tobroek-regering’ stelde dat zijn regering luchtaanvallen had bevolen op de enige overgebleven functionerende luchthaven van de hoofdstad, die gecontroleerd wordt door een rivaliserende regering. © Darrin Zammit Lupi

Willem Staes

26 november 2014
MO*wereldbloggers

De Mitiga Luchthaven in de Libische hoofdstad Tripoli werd op 24 en 25 november tot twee keer toe gebombardeerd. Eerste Minister al-Thinni van de in het Oosten gevestigde ‘Tobroek-regering’ stelde dat zijn regering luchtaanvallen had bevolen op de enige functionerende luchthaven in Tripoli.

“Dageraad” vs “Waardigheid”

Sinds afgelopen zomer kent Libië twee regeringen: één gevestigd in de hoofdstad Tripoli, en een andere in de Oost-Libische stad Tobroek.

De regering in Tripoli wordt gesteund door de zogenaamde Dageraad-coalitie, een verzameling van islamitische milities en moslimbroeders. Daartegenover staat de regering in Tobroek, die gesteund wordt door de troepen van generaal Haftar, de nationalistische Zintanmilities, en hoge functionarissen en zakenlui uit het Kaddhafitijdperk.

Sinds afgelopen zomer kent Libië twee regeringen

De afgelopen maanden is er ook steeds meer sprake van buitenlandse strijders die aan de zijde van Ansar al Sharia in Libië (ASL) vechten tegen de troepen van Haftar. De Libische generaal ontplooide in mei 2014 “Operatie Waardigheid” om Libië te ‘bevrijden van de jihadisten.’ Deze jihadisten behoren wel niet tot de Dageraad-coalitie.

Het nieuwe in juni 2014 verkozen parlement en regering moest na hevige gevechten tussen milities uitwijken naar de Oost-Libische stad Tobroek. De Islamitische Misratamilities erkenden de legitimiteit van dit parlement niet, en riepen eind augustus het oude Algemene Nationale Congres opnieuw bijeen dat een alternatieve regering installeerde in Tripoli.

Het Libische Grondwettelijk Hof annuleerde begin november de verkiezingen die het parlement in Tobroek aan de macht brachten. Westerse regeringen blijven sindsdien ambigue over welke regering ze erkennen.

Bloederig opbod

Volgens de website Libya Body Count kwamen sinds begin 2014 meer dan 2400 mensen om het leven bij gevechten tussen de milities.

Alle strijdende partijen in Libië bezondigen zich volgens de aanklager van het Internationaal Strafhof, Fatou Bensouda, aan oorlogsmisdaden. Tijdens haar briefing aan de VN-Veiligheidsraad klaagde ze twee weken geleden het totale gebrek aan verantwoording aan voor mogelijke oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid in Libië.

Ook Amnesty International beschrijft in een recent rapport talloze standrechtelijke executies, ontvoeringen en marteling door alle betrokken partijen. Er is ook steeds meer sprake van gerichte moorden en bomaanslagen doorheen het land.

Het VN-Vluchtelingenagentschap UNHCR schat dat sinds mei 2014 bijna 400.000 Libiërs intern ontheemd zijn door het escalerende geweld tussen de verschillende strijdende partijen.

VN probeert te bemiddelen

In Westerse hoofdsteden gaan ondertussen steeds meer alarmbellen af over de veiligheidssituatie in Libië. Het land is een regionaal knooppunt van wapensmokkel, terwijl ook verschillende belangrijke mensensmokkelroutes naar Europa traditioneel via Libië lopen.

Het hoofd van de VN-missie voor Libië (UNSMIL), Bernardino Léon, verzamelde eind september rivaliserende parlementsleden uit Tobroek en Tripoli in de Libisch-Algerijnse grensstad Ghadames. De VN hoopt zo een politieke dialoog op gang te brengen die moet leiden tot de vorming van één nationaal parlement wiens legitimiteit door alle partijen erkend wordt.

Regionale “proxy oorlog”?

Waarnemers waarschuwen ondertussen dat Libië steeds meer het toneel wordt van een “proxy oorlog” tussen regionale Arabische grootmachten.

Egypte, de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) en Saoedi-Arabië steunen de Tobroekregering en Haftar in hun strijd tegen ‘extremistische jihadisten’ en Libische Moslimbroeders die vanuit Libië ook Egypte en de wijdere regio zouden bedreigen. Qatar (en in mindere mate Turkije) steunt op haar beurt de Libische Moslimbroeders.

Mattia Toaldo van de European Council on Foreign Relations (ECFR) waarschuwt westerse regeringen niet blindelings in zo’n ‘oorlog tegen terreur’-discours mee te stappen.

‘Het probleem is dat de definitie van wie een ‘terrorist’ is volgens de regering in Tobroek beperkt is tot de Dawncoalitie. Dat zijn echter net de actoren met wie de verkozen regering moet onderhandelen als ze wil proberen het conflict op te lossen. De Dawncoalitie als een terreurbedreiging omschrijven en hiervoor de steun van westerse regeringen vragen zal zonder twijfel het vooruitzicht op eender welke oplossing vernietigen’, aldus Toaldo in een artikel voor de ECFR.

‘Libië is Irak of Syrië niet’

De Britse journalist en Libiëkenner Hugh Miles benadrukt dat het Libische plaatje veel complexer is dan ‘islamisten’ versus ‘anti-islamisten’. ‘Het gaat ook om stammentwisten, persoonlijke vetes en regionale territorialiteitstwisten. De milities willen vooral zichzelf verrijken en gaan zich steeds meer gedragen als warlords. Dat is het grote drama: de milities geven niets om de nationale welvaart of belang, hoewel er genoeg taart is om te verdelen.’

Libië is wel Syrië of Irak niet, zegt Miles. De gevechten concentreren zich vooral rond Tripoli, en het normale leven gaat gewoon voort in grote delen van het land. De Britse journalist erkent dat jihadistische elementen actief zijn in het oosten van het land, maar benadrukt dat deze relatief geïsoleerd staan.

Wat nu?

Toaldo klinkt pessimistisch aan de telefoon vanuit Londen over hoe het nu verder moet in Libië. ‘Gesprekken zijn moeilijker dan ooit na de luchtaanvallen van vandaag (25 november). Het Ghadames-proces is op sterven na dood: de verschillende strijdende partijen lijken momenteel simpelweg niet geïnteresseerd te zijn in dialoog, en lijken nog steeds te denken dat als ze hun vijand overwinnen ze internationale erkenning zullen krijgen.’

‘Deze oorlog draait in de eerste plaats om de controle over financiële instellingen en olierijkdommen’

De analist van de ECFR waarschuwt westerse regeringen opnieuw om geen partij te kiezen. ‘Het Westen moet beide coalities duidelijk maken dat geen van beide internationale erkenning zal krijgen zolang het vechten voortgaat en er geen regering van nationale eenheid wordt gevormd. Dat is een belangrijke hefboom: onder bestaande VN-reguleringen heeft enkel een internationaal erkende regering toegang tot de opbrengsten uit de olieverkoop.’

Toaldo benadrukt dat de meerderheid van de Libische milities onder controle van één van beide regeringen staan. ‘De meeste militieleden worden uitbetaald door één van de twee regeringen. Ze kunnen dus wel degelijk tot de orde geroepen worden’, zegt Toaldo.

Beide partijen verkiezen volgens hem echter hun eigen belangen veilig te stellen. ‘In Libië zijn er twee gevechten: een gevecht om de overhand te halen op het terrein, en een strijd voor de financiële en energie-instellingen. Libië is in theorie een erg rijk land, deze oorlog draait in de eerste plaats om die rijkdommen.’

De vraag is of westerse regeringen een duidelijke positie zullen durven innemen. Toaldo: ‘Regionale grootmachten voeden momenteel doelbewust het vuur in Libië. Het is nog maar de vraag of het Westen hen ter verantwoording zal durven te roepen op een moment dat ze diezelfde landen nodig hebben voor de strijd tegen IS. Dat is de kern van het probleem: de milities hebben voldoende binnenlandse redenen en regionale steun om de strijd nog lange tijd verder te zetten.’

Laat een reactie achter

Javascript is vereist om dit formulier te gebruiken.

LEES OOK

copyright n/a
De meeste landen boeken vooruitgang bij het uitbannen van clustermunitie.
Maher27777 (CC 0)
NV-A-fractievoorzitter Peter De Roover riep vorige week op om opnieuw militair in te grijpen in Libië.
moyomogwai (CC BY-NC-ND 2.0)
Als de politieke situatie in Libië niet snel verandert, loopt het land het risico in te storten. Dat zegt de speciale VN-vertegenwoordiger voor Libië, Martin Kobler.

Meest recent van Willem Staes

UNODA (CC0)
NoNukesBlog #5: Quo vadis, nucleaire NAVO?
Het is gebeurd. 122 landen keurden vrijdag in New York een internationaal verbodsverdrag goed dat kernwapens verbiedt. Kernwapens zijn vanaf nu illegaal onder internationaal recht.
© Vrede vzw
NoNukesBlog #4: Nucleaire Gollums in Brussel
In maart 2017 gingen binnen de Verenigde Naties historische onderhandelingen van start, die deze week zullen leiden tot een nieuw internationaal verbodsverdrag op kernwapens.
© Willem Staes
NoNukesBlog #3: Lobbyen voor een kernwapenverdrag
In maart 2017 gingen binnen de Verenigde Naties historische onderhandelingen van start, die deze week zullen leiden tot een nieuw internationaal verbodsverdrag op kernwapens.
Tim Wright (CC BY 2.0)
NoNukesBlog #2: De laatste rechte lijn naar een kernwapenverbod
In maart 2017 gingen binnen de Verenigde Naties historische onderhandelingen van start, die deze week zullen leiden tot een nieuw internationaal verbodsverdrag op kernwapens.