Waarom de democratie terrein verliest

Autoritaire leiders zijn in opmars, terwijl veel democratieën krasselen. De eeuwige overwinning van de democratie, uitgeroepen na de val van het communisme, lijkt niet meer zo zeker. Wat is er aan de hand?

  • © Lectrr © Lectrr
  • © Lectrr © Lectrr
  • © Lectrr © Lectrr
  • © Lectrr © Lectrr

John Vandaele

MO*redactie
Globalisering & wereldpolitiek, Oost-Azië, Centraal-Afrika
30 november 2016

Na de val van de Berlijnse Muur schakelden nogal wat landen over op politieke systemen met democratische kenmerken – vrije verkiezingen, een vrije pers, vrijheid van meningsuiting en van vereniging, en de rechtsstaat waarbij wetten boven leiders staan maakten daar in mindere of meerdere mate deel van uit. In 1989 riep de jonge politicoloog Francis Fukuyama zelfs het einde van de geschiedenis uit: voortaan zouden liberale democratie en vrijemarkteconomie heersen, overal en eeuwig.

Maar die eeuwigheid blijkt nogal kort te zijn, want de jongste jaren gaat het weer de andere kant op. Rusland houdt alleen nog de schijn op met een soort van verkiezingen, voor de rest vertoont het Poetin-regime alle kenmerken van een dictatuur: amper nog diversiteit in de pers, een gerecht dat luistert naar de president, wie te veel kritiek uit, riskeert zijn leven… In Hongarije kijkt Orbán op naar Poetin en knaagt hij aan de persvrijheid. Ook in Polen staan liberale vrijheden op de helling. En wat te denken van het Turkije van Erdoğan? In Afrika blijken nogal wat “verkozen” leiders moeite te hebben om afscheid te nemen van het hoogste ambt: om hun greep op de macht te verlengen, herschrijven ze in de gauwte de grondwet. In China trekt president Xi Jinping de macht naar zich toe, weg van het collectievere leiderschap van de voorbije jaren.

Zelfs in de kerngebieden van de democratie, West-Europa en Noord-Amerika, staat het systeem onder druk. De politiek lijkt er steeds minder in staat om beslissingen te nemen. Er zijn ook verontrustende tekenen dat de stem van het volk gesmoord wordt door technocratische hocus pocus en lobbymacht van de rijken.

Hoe komt dat?

Het voorbeeld van de hegemoon

© Lectrr

Een deel van de verklaring is geopolitiek. Toen na de val van de Berlijnse Muur veel landen democratischer werden, was dat niet alleen het gevolg van de inherente aantrekkelijkheid van de democratie – al was de dramatische ondergang van het autoritaire communisme onvermijdelijk een zware klap voor de geloofwaardigheid van dat model. Het feit dat de VS nu de enige supermacht waren, en daarom de retoriek over de democratie opvoerden, speelde een even grote rol.

Als je wint, heb je vrienden, rijen dik… zongen Herman Brood en Henny Vrienten ooit. Dat geldt ook in de politiek: het land dat de (koude) oorlog wint, heeft meer vrienden. Na de Koude Oorlog gingen meer landen de nieuwe wereldleider volgen. Het aantal landen waar verkiezingen worden gehouden steeg van 45 in 1970 naar 120 aan het einde van de jaren negentig.

China’s grote economische succes kwam er zonder verkiezingen, zonder rechtsstaat, zonder vrije pers, zonder vrijheid van meningsuiting.

Maar het omgekeerde geldt evenzeer. De financiële crisis ondergroef het geloof in het westerse model: de zogenaamd superieure democratieën baarden de grootste financiële crisis in zeventig jaar. Daar komt bij dat het grote succesverhaal van de jongste twintig jaar, China, geen democratisch land is.

Deze volkrijkste natie ter wereld slaagde er in enkele decennia in de (op een na) grootste economie ter wereld te worden en immens veel mensen uit de armoede te tillen. Zonder verkiezingen, zonder rechtsstaat, zonder vrije pers, zonder vrijheid van meningsuiting, maar steunend op hun aloude traditie van autoritaire maar degelijke bureaucratie.

Automatisch schept zo’n indrukwekkend voorbeeld, geopolitiek gezien, een tegenwicht. Leiders die altijd al met enige dubbelhartigheid de democratie hadden omhelsd, zien in het Chinese succesverhaal het gedroomde argument om er afstand van te nemen. Dat dit helpt om de eigen (soms belaagde) positie te verstevigen, is uiteraard minstens even belangrijk als de inhoudelijke overtuiging en de vaststelling dat verkiezingen vaak niet leiden tot beter bestuur. Voor Afrikaanse leiders is het tevens een hele geruststelling dat ze nu ook krediet kunnen krijgen bij een speler – China – die niet constant loopt te zeuren over democratie en mensenrechten.

Gooi daar nog retoriek over decadente westerse waarden en de eigen (vaak autoritaire) tradities overheen, en je hebt het Poetin-model.

Er lijkt iets te grommen diep in de ingewanden van de westerse politiek, maar wat?

Ten slotte, en dat is minstens even belangrijk, worstelen de vaandeldragers van de democratie met zichzelf. Wat denken ze in Beijing van de semipermanente blokkering van de Amerikaanse politiek? Lachen de rode mandarijnen in hun vuistje dat een liegende politieke rabauw als Donald Trump president van de Verenigde Staten wordt? Ook de meeste Europese democratieën komen niet erg daadkrachtig voor de dag. Dat een referendum, dat werd uitgevochten met valse informatie, de Britten uit de Europese Unie laat stappen, is evenmin grote reclame voor de democratie.

Er lijkt iets te grommen diep in de ingewanden van de westerse politiek, maar wat?

Fukuyama’s voorspelling

Laten we even terugspoelen naar 1990 en de voorspelling van Fukuyama, na de val van de Berlijnse Muur, dat de combinatie van de liberale democratie met de vrije markteconomie feitelijk het enige geloofwaardige model was geworden. Die visie is gebaseerd op de veronderstelling dat mensen in staat zijn politiek en economisch voor zichzelf te beslissen en dat, als mensen dat in vrijheid kunnen doen, we dan in de beste der werelden belanden.

Dat optimisme werd gebruikt om de globalisering aan te jagen: op de grote wereldmarkt was de aarde vlak, met kansen voor iedereen. We zouden er allemaal beter van worden, we zouden onze leiders kiezen en nog lang en gelukkig leven.

© Lectrr

We werden er níet allemaal beter van. Wie goed keek, kon dat al een tijdje zien. In het boek De stille dood van het neoliberalisme uit 2007 konden we al schrijven dat de lonen in de VS al dertig jaar stagneerden, en dat ook in België, dat zich sterk had verdedigd tegen de krachten van inkomensongelijkheid, de huurders en het armste deel van de huiseigenaren na betaling van hun woonkosten in 2006 minder aan inkomen overhielden dan in 1985.

Uit een onderzoek uit 2006 van het German Marshall Fund bleek dat zowel in Duitsland en Frankrijk als in de VS een meerderheid van de bevolking vond dat handelsbelemmeringen moesten behouden blijven omdat ze lokale bedrijven beschermen, ook als dat ten koste gaat van de economische groei.

In 2007 berekende de Europese denktank Breugel al dat in de EU jaarlijks 570.000 goede banen verloren gingen door globalisering. Een studie uit 2016 toont aan dat de invoer van Chinese producten in de Verenigde Staten tussen 1999 en 2011 één miljoen banen heeft gekost. Als je er de toeleveraars bijtelt, kom je aan de 2,4 miljoen banen. 2,4 miljoen gezinnen en dus 7,2 miljoen mensen die direct getroffen zijn door de handel met China.

Mondiaal kapitalisme is een systeem waarin mensen hun kapitaal en arbeid vrij mogen verkopen. Migratie is dus onlosmakelijk verbonden met globalisering en dat heeft grote impact in de meeste westerse landen, waar anti-immigratiepartijen al jaren goed scoren.

De ontevredenheid gist dus al lang, maar het beleid stoomde gewoon door. De verwerping van de Europese grondwet in Nederland en Frankrijk werd gezien als een verwerping van de kleine-globalisering-met-regels die de EU is. Maar natuurlijk paste men er wel weer een mouw aan: de grondwet, die zeer veel nadruk legt op vrije markten, moest en zou er komen.

De elite luisterde niet en tot die elite behoorden soms ook sociaaldemocraten. ‘Als sociaaldemocraten vaststellen dat hun basis niet echt beter wordt van mondialisering, dan kunnen ze dat niet blijven negeren. Om de ongelijkheid draaglijk te houden en de mondialisering overeind, heb je overheden nodig die kansen en middelen beter verdelen,’ schreef ik in 2007. Dat traditioneel links dat vaak niet deed, ondergroef zijn geloofwaardigheid om later corrigerend op te treden.

Globalisering holt democratie uit

Europese staten bleven doorgaan met het afsluiten van rulings die multinationale ondernemingen gunstige fiscale akkoorden opleverden, waardoor zij veel minder belastingen betalen dan kmo’s of burgers. Soms werd de Europese constructie gebruikt om de nationale democratieën opzij te schuiven. Denk aan hoe in Griekenland en Italië de financiële markten en de EU ervoor zorgden dat een democratisch verkozen regering werd vervangen door technocraten.

Zorgen de Europese sixpacks en twopacks er niet voor dat het begrotingsbeleid meer en meer op Europees niveau wordt bepaald – en dus niet meer in de natiestaten, waar de democratie het meest leeft?

Amerikaanse beleidsmakers hoeven niet omgekocht te worden: ze doen spontaan wat rijke mensen willen.

In de VS is de ongelijkheid nu zo groot geworden dat rijke mensen grotendeels de beleidsagenda bepalen. De uitspraak uit 2010 van het Hooggerechtshof in de zaak van Citizens United maakte het mogelijk dat bedrijven onbeperkte hoeveelheden geld in de verkiezingen investeren. En dus zijn politici constant op bedeltocht om geld. Dat heeft gevolgen. Het onderzoek van politicoloog Larry Bartels toonde aan dat Amerikaanse senatoren zesmaal gevoeliger zijn voor de belangen van de rijken dan voor die van de middenklasse. ‘Er is geen aantoonbaar bewijs dat de kijk van hun kiezers met een laag inkomen enig effect heeft op hun stemgedrag,’ aldus nog Bartels.

Amerikaanse beleidsmakers hoeven niet omgekocht te worden: ze doen spontaan wat rijke mensen willen. Dat verklaart voor een groot stuk de financiële crisis van 2007: de politiek durfde niet ingaan tegen de bankiers. Dat is ook de reden waarom er in de VS en elders zo’n haat is gegroeid tegen de elites: veel mensen hebben het gevoel dat het er niet toe doet hoe ze stemmen. De traditionele partijen zetten het beleid gewoon door: meer globalisering, meer migratie, meer ongelijkheid, meer fiscale onrechtvaardigheid…

De olifant van Milanovic

Daardoor ontstonden buiten de traditionele partijen nieuwe bewegingen of partijen. Occupy in de VS en Europa, Podemos in Spanje, Syriza in Griekenland, de Vijf-Sterrenbeweging in Italië. Daarnaast bleven de anti-immigratiepartijen, die soms uitwaaierden in de richting van anti-islampartijen, successen boeken.

Voorts brachten onderzoekers de realiteit van de portemonnee steeds duidelijker in kaart. De Franse econoom Thomas Piketty beschreef in zijn boek Kapitaal in de 21ste eeuw de groeiende ongelijkheid in inkomen en vermogen op indrukwekkende wijze: de periode tussen 1914 en 1980 van dalende ongelijkheid was niet de regel van een ontwikkeld kapitalisme, zoals de Amerikaanse econoom Simon Kuznets ons jarenlang had voorgehouden, maar de uitzondering, aldus Piketty. Zijn boek maakte van ongelijkheid een van dé politieke thema’s.

In 2016 zette Branko Milanovic, net als Piketty jarenlang onderzoeker van ongelijkheid, zijn olifant op tafel. Hij bracht in kaart wat velen al vroeger hadden aangevoeld. De grote winnaars van de globalisering zijn de groeiende middenklasse in de opkomende landen (vooral China) en de 1 procent rijksten in de rijke landen. De grote verliezers zijn een deel van de middenklasse in de rijke landen die hun goedbetaalde baan hebben verloren. Hij goot een en ander in een grafiek die eruitzag als het profiel van een olifant. Een olifant die het sprookje dat de neoliberale globalisering alleen maar winnaars kent definitief vertrappelt.

Ook de journalistiek deed haar duit in het zakje: het internationale consortium van onderzoeksjournalisten maakte met een reeks megalekken (ook in MO*) duidelijk dat echt rijke mensen nauwelijks nog belastingen betalen in het tijdperk van de globalisering. Naarmate de mythes werden doorgeprikt, nam het spanningsveld tussen globalisering en democratie toe. 2016 is misschien wel het kanteljaar: voor het eerst worden politieke keuzes gemaakt die de globalisering terugdringen.

Democratie knaagt aan de globalisering

Toen de voorverkiezingen begonnen, in 2015, beloofde presidentskandidaat Donald Trump om een muur te bouwen tussen de VS en Mexico, en de vrijhandelsverdragen te verscheuren die Amerikaanse banen hadden geëxporteerd. Politieke experts gaven Trump geen kans, maar zie, de woede over de onrechtvaardige globalisering is kennelijk zo groot, dat die primaire slogans volstonden om van Trump de Republikeinse kandidaat te maken. Dat een kandidaat als Trump een kans maakt, hebben al te inhalige elites aan zichzelf te danken, foeterde Martin Wolf, de hoofdeconoom van de Financial Times. Trumps succes noopte Clinton ertoe om ook afstand te nemen van het vrijhandelsakkoord van de Stille Oceaan, dat ze eerder steunde.

Op 23 juni 2016 kozen de Britten, ook al tegen de verwachtingen in, voor de Brexit. Marine Le Pen in Frankrijk en Geert Wilders in Nederland scoren electoraal met de belofte om uit de EU te stappen. Wallonië houdt in zijn eentje het Europese handelsakkoord met Canada tegen het licht. Is de democratie op weg om de globalisering een halt toe te roepen?

Fukuyama besefte te weinig dat een mondiale markt moeilijk verzoenbaar is met nationale democratieën.

Toen Fukuyama het einde van de geschiedenis uitriep, was hij veel te algemeen. En hij verloor de schaal uit het oog. Hij besefte te weinig dat een mondiale markt moeilijk verzoenbaar is met nationale democratieën. Econoom Dani Rodrik stelde enkele jaren geleden dat drie dingen niet met elkaar te verzoenen zijn: democratie, globale economische integratie en nationale soevereiniteit. Twee van de drie zijn haalbaar, maar de drie kan je nooit ten volle verzoenen. Vrijheid van kapitaalverkeer ondergraaft de vrijheid van staten om hun belastingtarieven autonoom vast te stellen. De vrijheid van staten om eigen normen in te voeren zal dan weer de vrijheid om te kopen en verkopen over de grenzen heen inperken.

Migratie

Migratie zet de dingen nog het meest op scherp. Het recht van mensen om hun arbeid elders aan te bieden om hun lot te verbeteren, is eigen aan globale economische integratie, maar het botst met het burgerschap, waarvan de leden van een natie de toegang bepalen. Het is een botsing tussen individualisme en een gemeenschap die haar eigen keuzes maakt, en zelf beslist wie bij de club hoort en wie niet. Op dat spanningsveld tieren succesvolle partijen dezer dagen welig.

Het is opmerkelijk dat Branko Milanovic en Bart De Wever hier tot dezelfde compromissen komen

Natuurlijk, migratie blijft de beste manier om de inkomens van landen dichter naar elkaar toe te laten groeien, maar het botst op die collectieve burgerrechten. Het is opmerkelijk dat Branko Milanovic en Bart De Wever hier tot dezelfde compromissen komen: ken migranten het burgerschap slechts gedeeltelijk toe, beheers zo de spanningen die de migratie opwekt en behoud de sociaaleconomische voordelen ervan.

We staan voor een keuze

De onrechtvaardigheid en het wantrouwen zitten nu zo diep dat de situatie explosief wordt. De elites die de globalisering hebben aangejaagd moeten beseffen dat ze voor de keuze staan. Als er geen andere globalisering komt, dreigt er een spiraal van protectionisme waarbij de Trumps van deze wereld muren bouwen en handelsverdragen verscheuren.

© Lectrr

Laten we die keuze wat verder uitwerken.

Of men probeert er meer globalisering door te drukken, tegen de democratie in. Dat betekent meer plutocratie in de VS met de rijken die het beleid bepalen, met het risico op een terugslag zoals met Trump. In de EU betekent het meer europeanisering van de beslissingen (zonder verdere democratisering van de EU), waarbij men bijvoorbeeld niet langer handelsverdragen aan nationale parlementen voorlegt, zoals Guy Verhofstadt voorstelt. Dit leidt tot verdere polarisering, meer wantrouwen tegenover het beleid, en meer stemmen voor populistische en extremistische partijen, met aan het eind wellicht een heilloze spiraal van protectionisme.

Ofwel probeert men alsnog een hervormde globalisering op de rails te krijgen. Een globalisering die progressieve belastingen om de ongelijkheid te verminderen niet langer bemoeilijkt. Een globalisering die de macht van de geldmarkten aan banden legt, zodat overheden een investeringsbeleid kunnen voeren. Een globalisering waar arbeidsrechten niet langer uitgehold worden door handel. Een globalisering waar een CO2-heffing ervoor zorgt dat handel niet meer op een oneerlijke manier bevoordeeld wordt tegenover lokale productie.

De vraag is hoe dat kan worden gerealiseerd en wie de geloofwaardigheid heeft om zo’n programma te verdedigen? Hoever raken nationale regeringen hierin zonder in een protectionisch leer om leer gevangen te raken? Hoever raken nationale regeringen hiermee zonder internationale samenwerking? En hoever raakt internationale samenwerking in een tijd die fragmentering en wantrouwen tegen internationale structuren in de hand heeft gewerkt?

Aan de verre einder, zo signaleert filosoof Philippe Van Parijs, moeten we naar internationale beslissingen die democratisch gedragen zijn. Ongetwijfeld, maar dat lijkt niet meteen voor morgen. Voorlopig moeten Brussel en Washington, en al die andere (hoofd)steden, met geloofwaardige antwoorden komen. Dat wordt al moeilijk genoeg.

Dit artikel werd geschreven voor het winternummer van MO*magazine. Voor slechts €20 kan u hier een jaarabonnement nemen!

Op 13 december organiseert MO* in Vlaams-Nederlands Huis deBuren een gespreksavond over het onderwerp van bovenstaand artikel. Ontdek hier het programma van de gespreksavond en schrijf je in via info@mo.be.

Laat een reactie achter

Javascript is vereist om dit formulier te gebruiken.

Rudi Dierick

Zou de allerbelangrijkste reden waarom politiek in democratische landen steeds minder beslissingen kan nemen, niet gewoon gelegen zijn in de extreme overmacht van de binnenlandse lobby’s. Als de machtshebbers teveel particuliere belangen voorrang geven - zoals Arco/ACW hier - welk moreel en politiek gezag hebben ze dan nog?

Luke

Democratie? Welke democratie? Is het “verschijnsel” geen illusie? Ik stem al heel mijn leven op telkens andere partijen, van zwart en knalblauw, over geel en groen naar donkerrood en nooit verandert er iets. Ik zie enkel iedere keer bij een nieuwe regeringsvorming dezelfde ongewenste gezichten opduiken. Onze parlementen lijken soms eerder op slaapzalen, op andere momenten dan weer eerder op “Commedia dell’arte”. Daarom zijn er waarschijnlijk ook zoveel parlementen….om alle burleske opvoeringen te kunnen huisvesten.

Dictaturen komen alleen maar aan de macht omdat  “democratie” niet (meer) werkt. Het politieke krakeel van de Weimar Republiek en de economische crisis maakte de opkomst van Hitler mogelijk. Hij werd democratisch verkozen, mensen!

Ruslands bevolking verlangde naar een sterke man zoals Putin, dit na de rampzalige economische experimenten en het casino-kapitalisme van de jaren 90. Hij is er en heeft geen haast om weer van het toneel te verdwijnen. De Russen schijnen er blij mee te zijn. Omdat ik iedereen gelukkig wil zien, aanvaard ik dan ook zonder problemen hun democratische keuze.

De Amerikaanse politiek-economische klasse heeft Trump mogelijk gemaakt, zelf geschapen,  zoals het monster van Frankenstein ook ooit werd gecreëerd. Decennia lang een groot deel van de bevolking van zich  vervreemden bleek de methode bij uitstek om een aardverschuiving. te veroorzaken. De man had zelf nooit verwacht om te winnen, hij moet nu totaal verrast rondkijken om gelijkgezinden te vinden voor een team en daarnaast de nieuwe first-lady overtuigen om toch maar haar intrek te nemen in dat Witte Huis. Eerst moeten wel de zwarte huurders tijdig eruit. Nu ja, ik wens de nieuw president veel geluk met het uitmesten van de Washington Augiasstal.

Wat Europa betreft…tja, gezien figuren zoals Juncker, De Gucht en Verhofstadt durf ik niet goed het woord “democratie” verder nog in de mond te nemen… Had Lenin nog geleefd, hij zo volmondig dergelijk systeem als een “plutocratie” hebben geduid. Ik zou hem verdorie nog gelijk geven ook!

Tja, misschien zijn een Putin, een Trump, uiteindelijk beter dan een niet werkende democratie die de problemen niet aankan, die de problemen voor zich uitschuift, uiteindelijk zelf problemen veroorzaakt en die ons tenslotte allen als lemmingen naar de afgrond voert.  Zelfs de Grieken vonden een “dictator” in momenten van crisis noodzakelijk. En wij beroemen ons toch altijd op ons Grieks-Romeins verleden, of niet soms?

Wij dwepen ook altijd met de verwezenlijkingen van de Franse Revolutie. Willen we dat? Willen onze politici ons uiteindelijk dwingen tot dergelijk scenario? Revoluties kunnen soms wel eens pijnlijk zijn, heren, al was het maar om de guillotine.

Wat gebeurt er als we nu eens allen democratisch zouden beslissen om de democratie af te schaffen?  Lijkt me een leuke denkoefening.

John Apers

Misschien zijn de mensen het ook ergens beu dat linkse, rechtse en ander slag van volksvertegenwoordigers samen champagne drinken, kaviaar eten en dit op kosten van “het volk”.

Datzelfde volk is in de loop der jaren, er wel op vooruit gegaan qua levensstandaard. We komen tenslotte uit grotten nietwaar?

Echter al eeuwenlang worden de “zwakkeren” verplicht om te “betalen” voor de “sterkeren”. Mijn persoonlijke leven lang, hoor ik toppolitici schreeuwen dat zij de boel zullen veranderen. Nog niet veel van gemerkt.

Als er dan enkelingen opstaan waarvan iedereen der elite (lees politieke klasse en aanverwanten) een afkeer heeft… vind ik het “normaal” dat die stemmen kunnen sprokkelen.

België is slechts een postzegel groot doch heeft zes (6!) regeringen !

De partij die oproept om daar een einde aan te maken, bvb één regering voor ons land… die krijgt mijn stem. Ongeacht rechts-links-gelovig-extremistisch… pro- of contra Europa. Mijn voorkeur is pro maar soit.

mvg

Bert Laon

Weinig oprecht, die bezorgdheid over de democratie in een publicatie die tegelijk vreselijk dictator Fidel Castro ophemelt. In Cuba zijn er geen vrije verkiezingen, geen vrije pers en tegenstanders van het regime zitten in de gevangenis waar folteringen plaatsvinden. Allemaal niet erg voor MO*, want Castro is van het linkse kamp, dus hij is een goeie.

MO* heeft evenmin sympathie voor de gebeurtenissen in Brazilië waar een corrupte president door het parlement werd afgezet. De democratie deed zijn werk, wat MO* blijkbaar sterk betreurt. Hetzelfde verhaal in Argentinië waar corrupte Cristina Kirchner democratisch verdreven werd. Voor de pogingen van de Venezolaanse oppositie om op democratische wijze, dwz door een referendum de dictator Maduro van de macht te verdrijven, heeft MO* dan weer minder sympathie. Ik stel vast dat MO* krokodillentranen huilt. MO* heeft zich meermaals als weinig democratisch getoond. Voor MO* zegeviert enkel de democratie wanneer de uitkomst de redactie bevalt. Dat was niet het geval bij de Brexit of bij het referendum in Colombia, waarop MO* prompt pleitte om dergelijke referenda dan maar beter niet meer te houden. Het volk bleek nogal makkelijk misleid te worden, was het argument.

Meer uit het dossier RIP liberale wereldorde?

© European University Institute (CC BY-SA 2.0)
Dat zegt de Poolse politicoloog Jan Zielonka. En hij heeft het niet eens over de aanslag in Berlijn. ‘Verwacht zware turbulentie vanaf 2017.
© Reuters
Ethiopië is de voorbije jaren vaak opgevoerd als een voorbeeldige ontwikkelingsstaat. De protesten en de repressie van het voorbije jaar sloegen dikke barsten in dat imago.
CC IoSonoUnaFotoCamera
Op 9 november herdenkt Duitsland een lange reeks beladen gebeurtenissen: de moord op de democratische politicus Robert Blum (1848), de oprichting van de Weimarrepubliek (1918), Hitlers putsch in Be
lostintheredwoods (CC BY-ND 2.0)
In hedendaagse democratieën moeten verkozen politici steeds meer samenwerken met burgers en hun organisaties als ze dingen voor elkaar willen krijgen.

Meest recent van John Vandaele

© Kenny Katombe/Reuters
‘Alleen een volksopstand kan in Congo voor verandering zorgen’
‘Alleen een volksopstand kan voor verandering zorgen’, zegt abbé Nshole, de secretaris-generaal van de Congolese bisschoppenconferentie, in een gesprek met MO*.
Tim Deschaumes (CC BY 3.0)
Reactie van een Gutmensch op heer Boudry
Maarten Boudry, een filosoof uit het Gentse, noemde me onlangs in een interview in Knack, wat misprijzend, een Gutmensch.
Sebastiaan ter Burg (CC BY 2.0)
Hoe Michel Bauwens Gent een “partnerstad” ziet worden
De stad Gent vroeg de gerenommeerde transitiedenker Michel Bauwens om ’s werelds eerste stedelijke “commons” transitieplan uit te tekenen.
© www.negenduust.com
De stad als identiteit: ‘In Gent heerst een soort taboeloosheid’
‘Schrijf jij maar eens iets over de Gentse identiteit’, zei de hoofdredacteur die mijn gevoelens voor mijn stad kende. Dat bleek evenwel makkelijker gezegd dan gedaan.
Nooit meer tonen X

Ontdek

MO*nieuwsbrieven

Schrijf je in op onze gratis nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het belangrijkste mondiaal nieuws.

Facebook/Twitter

Blijf op de hoogte van het belangrijkste mondiaal nieuws.

MO*magazine

Abonneer je op ons unieke kwartaalmagazine voor slechts € 28.

Een abonnement nemen

MO*papers

Abonneer je op de gratis digitale achtergronddossiers (pdf) over actuele mondiale thema’s.