'Adoptiekinderen worden verhandeld als koopwaar'

De zwakke wetgeving in sommige ontwikkelingslanden en de grote vraag van kandidaat-adoptieouders in rijke landen hebben een markt gecreëerd waarbij baby’s worden behandeld als koopwaar. Dat zegt Juan Miguel Petit, de speciale rapporteur inzake kinderhandel, kinderprostitutie en kinderporno van de VN.


Petit wees deze week op het groeiende aantal frauduleuze adopties in zijn rapport aan de VN-Mensenrechtencommissie. Adoptieouders zijn soms bereid heel hoge sommen te betalen, en dat lokt dubieuze bemiddelaars aan. Het voorbije jaar ontving Petit opvallend veel klachten over fraude bij adoptie. Petit is niet bevoegd voor adoptie, behalve wanneer adoptiekinderen worden regelrecht worden verkocht. Tijdens de voostelling van zijn rapport aan de Mensenrechtencommissie stelde Petit dat de landen die betrokken zijn bij onregelmatige internationale adopties het excuus gebruiken dat zij verlaten en kwetsbare kinderen een thuis bezorgen, maar dat zij eigenlijk de deur openen voor mensenhandelaars. Dergelijke misbruiken zijn volgens hem te voorkomen door doeltreffender en toegankelijker wettelijke nationale adoptiesystemen met een aangepaste regelgeving.

In vele gevallen van internationale adoptie worden kinderen gewoon weggenomen bij arme gezinnen in de ontwikkelingslanden en zonder hun toestemming ondergebracht bij gezinnen in de industrielanden. Volgens het Kinderfonds van de VN (UNICEF) worden alleen al in Guatemala elk jaar 1000 tot 1500 kinderen verhandeld. Ook in westerse landen worden alleenstaande moeders soms met fraude en dwang overtuigd om hun kind af te staan voor adoptie.

Petit wees ook op het ernstige probleem van de criminalisering en stigmatisering van kinderen die het slachtoffer zijn van seksueel geweld. De minderjarigen lijden niet alleen de schade die de aanvaller hen toebrengt, maar worden ook nog eens gemarginaliseerd in de samenleving. Zeven kinderen die handelaars uit El Salvador verkochten aan een bordeel in Guatemala, werden vorig jaar ‘gered’ door de Guatemalaanse politie en meteen ‘opgesloten om hen te beschermen’. De VN-rapporteur heeft hun vrijlating gevraagd. Een gelijkaardig voorbeeld deed zich voor in Cambodja. Daar arresteerde de politie veertien Vietnamese vrouwen en meisjes. Een rechtbank veroordeelde hen tot twee maanden gevangenisstraf, ook al waren zij het slachtoffer van mensenhandel en uitbuiting. Vaak weigert een samenleving de meest pijnlijke problemen te onderkennen, waardoor de slachtoffers worden gezien als de oorzaak van het probleem. Zo komen kinderen in instellingen of in juridische procedures terecht, waardoor de situatie alleen maar verergert, aldus nog Petit.

De rapporteur bracht verslag uit over zijn missies in 2002 naar Zuid-Afrika en Frankrijk. In Zuid-Afrika kon hij vaststellen hoe de regering zich inspant en ook vooruitgang boekt om decennia van onderdrukking, rassenscheiding en onvrijheid ongedaan te maken. Maar er blijft nog veel werk op de plank. De rapporteur maakt zich vooral zorgen om het toenemende sociale en familiale geweld in Zuid-Afrika. Dat uit zich ook in een hoog aantal verkrachtingen en gevallen van seksueel misbruik. Volgens hem is de Zuid-Afrikaanse regering een beetje te conservatief om openlijk te spreken over problemen die verband houden met seks, ook al zijn daar minderjarigen bij betrokken. Net zo alarmerend is de uitbreiding van de HIV-/aidsepidemie, omdat er geen gratis medicijnen worden uitgedeeld die de overdracht van moeder op kind kunnen verhinderen. Evenmin worden deze middelen gebruikt om het leven te redden van mensen die al besmet zijn met het virus. Petit vindt dat de Zuid-Afrikaanse regering op dat vlak actiever moet optreden.

In Frankrijk stelde Petit vast dat minderjarige immigranten het land binnenkomen of er doorheen trekken naar andere bestemmingen. Deze kinderen zijn vaak het slachtoffer van mensenhandel en uitbuiting, maar sommigen hebben uit vrije wil hun thuisland verlaten en vallen laten in de handen van de maffia. De meeste kinderen komen uit Oost-Europese landen, vooral uit Roemenië, en uit West-Afrika. Volgens Petit is de Franse regering zich bewust van het groeiende probleem van mensenhandel en kinderprostitutie in het land. Het fenomeen wordt toegeschreven aan de stroom mensen die onder druk van de armoede en de sociale onzekerheid op de vlucht gaan, aan het ontstaan van nieuwe misdaadorganisaties die mensen behandelen als een mogelijke bron van winst en ook aan de etnische conflicten in de herkomstlanden. Petit wijst erop dat de Franse instellingen opmerkelijke inspanningen leveren om te vermijden dat de kinderen die het slachtoffer zijn van deze praktijken worden behandeld als misdadigers. Elk jaar zijn er in Frankrijk ongeveer 3000 internationale adopties. De adoptieprocedure wordt streng gecontroleerd en in Frankrijk lijken er geen kinderen te worden verkocht voor adoptie.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift