Afrikaanse Unie wil banden met diaspora aanhalen

Nieuws

Afrikaanse Unie wil banden met diaspora aanhalen

Farah Khan

13 juli 2003

Waar kunnen de Afrikaanse landen de middelen
bijeenscharen om de droom van een Afrikaanse renaissance te realiseren?
Die vraag staat centraal op de tweede top van de Afrikaanse Unie in de
Mozambikaanse havenstad Maputo. Eén van de antwoorden luidt doen zoals China
en India: meer beroep doen op de diaspora.

De geschiedenis van Afrika is er al eeuwen één van emigratie. Van de tijd
van de slavernij tot de 21ste-eeuwse mondialisering hebben slechte
levensomstandigheden en gebrek aan kansen Afrikanen het ruime sop doen
oversteken. Die trend is niet zomaar om te keren, maar de leiders van de
Afrikaanse Unie die van 10 tot 12 juli toppen in Maputo geloven dat nauwere
banden met de Afrikaanse diaspora het noodlijdende continent een financiële
injectie kunnen geven. Uittredend AU-voorzitter Thabo Mbeki deed deze week
een oproep aan de Afrikanen in het buitenland om hun talent, opleiding en
kapitaal te investeren in het moederland. India en China tonen Afrika de
weg: zij zijn er als geen ander in geslaagd hun uitgeweken zonen en dochters
warm te maken voor investeringen.

De Afrikaanse diaspora vormen een grote en invloedrijke groep mensen. De
Wereldbank schat dat het continent tussen 1960 en 1987 een derde van zijn
kaderpersoneel verloren is door de inkrimping van de Afrikaanse economieën.
Die toplaag vervangen door westerse ‘expats’ kost het continent 4 miljard
euro per jaar, aldus een recente studie van de Universiteit van Natal in
Zuid-Afrika. Zo’n 23.000 universitair geschoolde mannen en vrouwen zouden
elk jaar op zoek gaan naar een job buiten het continent.

Het Instituut voor Migratie, een instelling van de Verenigde Naties,
probeert al jaren om de relaties met de diaspora een formeel karakter te
geven. De instelling probeert ook een inschatting te maken van de
geldstromen die Afrikaanse emigranten naar huis sturen. De laatste jaren is
duidelijk geworden dat de overschrijvingen richting Afrika samen een
miljardenstroom vormen die waarschijnlijk groter is dan alle
ontwikkelingshulp samen, maar er bestaan geen exhaustieve studies over het
fenomeen.

De oproep van Mebki is meer dan een loze noodkreet. Het New Partnership for
Africa’s Development (NEPAD) - een programma om miljarden investeringen en
ontwikkelingsgeld aan te trekken - bevat een initiatief om de steun van de
Afrikanen in de Diaspora (AID) te winnen in de effectieve mobilisering van
middelen via investeringen. Zwarte Amerikanen, Europeanen en Caribiërs
zullen worden aangemoedigd om bij te dragen tot investeringsfondsen voor
privé-investeringen.

In het NEPAD staat ook dat de Afrikanen in het buitenland kunnen en moeten
aangemoedigd worden om een rol te spelen in de verdediging van hun
continent. Ze zijn de geknipte personen om mee te werken aan een
marketingcampagne om het zwartgallige imago van het continent in het Noorden
weg te werken.

Een ander luik van het programma is het stoppen van de brain drain en het
weer naar huis lokken van een deel van de toplaag. Vincent Williams van het
Southern African Migration Project in Kaaptown zegt dat er voor dat eerste
een beter begrip nodig is van de motivatie van de vertrekkers - vaak gaat
het niet alleen om geld. Als je begrijpt waarom mensen vertrekken, kan je er
iets aan doen. Hoogopgeleide Afrikaanse emigranten terug naar huis krijgen
is een moeilijke zaak. Je moet sterke financiële stimulansen aanbieden want
een beroep doen op vaderlandsliefde is niet voldoende.