Amnesty roept Nederland op de mensenrechten te redden

Nieuws

Amnesty roept Nederland op de mensenrechten te redden

Stefania Bianchi

01 juli 2004

Nederland moet van het half jaar dat het voorzitter van de Europese Unie is gebruik maken om het groeiende onevenwicht te herstellen tussen de strijd tegen terrorisme en illegale immigratie enerzijds en de bescherming van individuele rechten anderzijds. Dat stelt de mensenrechtenorganisatie Amnesty International in een rapport naar aanleiding van het begin van het Nederlandse voorzitterschap vandaag (donderdag).

In haar rapport ‘Closing the gap between rhetoric and practice: Amnesty International’s recommendations to the Dutch EU Presidency’ vraagt Amnesty het voorgestelde EU Mensenrechtenagentschap zich te focussen op mensenrechten binnen de EU. Ook wil de mensenrechtenorganisatie een speciale EU-vertegenwoordiger voor de mensenrechten om toe te zien op de situatie in de rest van de wereld. Dick Oosting, de directeur van de EU-afdeling van de mensenrechtenorganisatie, drukt erop dat mooie woorden niet volstaan. Het is tijd om de afspraken die de EU de afgelopen jaren over mensenrechten maakte nu ook in de praktijk te brengen, stelt hij.

Het voorzitterschap van Nederland valt in een internationaal belangrijke periode. Zo moet in december beslist worden of de EU er klaar voor is toelatingsgesprekken met Turkije te gaan voeren. De Europese Commissie, de uitvoerende tak van de EU, komt in oktober met een verslag van het Turkse democratiseringsproces. Op basis van dit rapport zullen EU-leiders beslissen of Turkije wordt uitgenodigd aan de onderhandelingstafel. De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Bot zei vorige week dat er voor te willen zorgen dat de besluitvoering over Turkije eerlijk, transparant en duurzaam verloopt.

Binnen de EU moet Nederland moeten maatregelen tegen de discriminatie van de Roma bovenaan de agenda komen, vindt Amnesty. Volgens de mensenrechtenorganisatie moet de nieuwe voorzitter er verder zorg voor dragen dat de voorgestelde besluiten omtrent de rechten van verdachten en beklaagden geen stap terug betekenen.

De mensenrechtengroepering wil dat de EU-Rusland top, die in november in Den Haag gehouden wordt, een kritisch onderzoek voert naar het gedrag van de Russen in Tsjetsjenië. Ook wil ze dat er druk wordt uitgeoefend op de Sudanese overheid om mensenrechtenmonitors aan te stellen in de door oorlog geteisterde Darfur-regio. Amnesty vraagt het Nederlands voorzitterschap in kaart te brengen wat de Chinese overheid aan haar mensenrechtenbeleid moet doen, voordat de EU kan overwegen het wapenembargo tegen het land op te heffen.

Wat betreft Irak wil Amnesty dat Nederland binnen de EU steun werft voor het sturen van internationale mensenrechtenwaarnemers en voor de eis dat Groot-Brittannië en de Verenigde Staten ”grondige, onafhankelijke en openbare onderzoeken verrichten naar de marteling en mishandeling in Iraakse gevangenissen door coalitiemachten.

Nederland heeft al stappen gezet om de banden met Irak aan te halen. De nieuwe voorzitter heeft de nieuwe Iraakse premier, Iyad Allawi, uitgenodigd om een ontmoeting tussen ministers van Buitenlandse Zaken van EU-landen bij te wonen, op 12 en 13 juli in Brussel. De Nederlandse minister Bot van Buitenlandse Zaken wil met Allawi bespreken hoe de EU het door oorlog geteisterde land tot hulp kan zijn.

Nederland hoopt ook een slepende ruzie over Myanmar op te lossen, en wel op tijd, zodat een EU-Azië-top in oktober kan doorgaan. Dat is onzeker sinds twee ministeriële ontmoetingen werden afgeblazen, maar Bot heeft er vertrouwen in dat, onder zijn voorzitterschap, de ontmoeting wel zal doorgaan. (KS/ADR)