Armste land Azië moet vrij van schulden blijven

De internationale gemeenschap heeft een unieke
kans om alvast één arm land de problemen te besparen die samenhangen met een
hoge schuldenlast. Oost-Timor wordt pas op 20 mei officieel onafhankelijk en
heeft dus nog een maagdelijke nationale rekening. Maar daar zou snel
verandering in kunnen komen: volgens de laatste prognoses moet de regering
van het straatarme halfeiland de komende drie jaar zowat 100 miljoen euro
meer uitgeven dan er via belastingen, heffingen en buitenlandse hulp zal
binnenkomen. Eerder was de Timorese regering zelfs uitgegaan van een tekort
van 165 tot 195 miljoen euro. Amerikaanse activisten roepen de donorlanden
op die kloof te dichten met giften en niet met leningen. De beslissing
daarover valt waarschijnlijk op een vandaag (dinsdag) in Dili begonnen
tweedaagse donorconferentie.


Donorlanden hebben al aangekondigd dat ze de bijzondere begrotingsproblemen
die Oost-Timor de eerste jaren verwacht, willen helpen wegwerken tot het
eiland een evenwicht heeft gevonden tussen inkomsten en uitgaven. Het geld
dat Oost-Timor verdient met de export van koffie, zal binnen enkele jaren
waarschijnlijk worden aangevuld met opbrengsten uit de exploitatie van de
olie- en gasvelden die schuilgaan onder de zeebodem tussen Timor en
Australië. Toch zullen de 800.000 inwoners van Oost-Timor waarschijnlijk nog
lang afhankelijk blijven van buitenlandse hulp. Na een kwarteeuw van verzet
tegen de Indonesische bezetting ligt de infrastructuur van het eiland
grotendeels in puin; de landbouweconomie heeft ook geregeld te lijden onder
droogteperiodes.

De Oost-Timorese leiders en internationale actiegroepen maken zich zorgen
over de voorwaarden die aan de buitenlandse begrotingshulp dreigen te worden
verbonden. Het ziet er naar uit dat het geld dat vandaag en morgen wordt
toegezegd, terechtkomt in een fonds dat door de Wereldbank zal worden
beheerd. De Bank werkt bij voorkeur met leningen, waardoor Oost-Timor vanaf
de eerste dag van zijn onafhankelijkheid zou kunnen worden opgezadeld met
een forse buitenlandse schuld. Oost-Timor zou liever hebben dat de Verenigde
Naties het hulpfonds gaan beheren - die zouden de begrotingssteun voor
Oost-Timor eerder opvatten als een reeks van giften waaraan niet al te veel
voorwaarden moeten worden verbonden. De Oost-Timorese regering heeft zich
met nadruk uitgesproken voor een financieel beleid dat niet op buitenlandse
leningen is gebaseerd.

We moeten vermijden dat Oost-Timor in de schuldenval terechtkomt en gaat
lijden onder de voorwaarden die de Wereldbank en het Internationaal
Muntfonds opleggen, vindt ook Karen Orenstein van het East Timor Action
Network (ETAN), een Amerikaanse actiegroep. Oost-Timor moet zijn
toekomstige inkomsten kunnen investeren in gezondheidszorg en onderwijs,
eerder dan ze te gebruiken om buitenlandse schulden af te betalen.

Medewerkers van organisaties die zich inzetten voor de kwijtschelding van de
buitenlandse schuld van ontwikkelingslanden, zijn enthousiast: eindelijk
krijgen ze eens de kans preventief iets te ondernemen. Amerikaanse
activisten hebben het Congres en de regering in Washington onder druk gezet
om minstens één vierde van het Timorese begrotingstekort te overbruggen met
giften waaraan geen voorwaarden zijn verbonden, en om andere landen in
internationale instellingen aan te zetten dat voorbeeld te volgen. Een
kleine 50 Amerikaanse volksvertegenwoordigers hebben positief gereageerd op
die campagne.

Volgens een medewerkster van de Wereldbank die niet wil worden genoemd,
heeft de Bank geen onmiddellijke plannen om geld te lenen aan Oost-Timor.
Maar ze vindt wel dat de Bank het best geplaatst is om het donorgeld te
beheren en erop toe te zien dat de belastinginkomsten en de
ontwikkelingshulp oordeelkundig worden gebruikt. Voor de plannen op lange
termijn heeft de regering twee opties, zegt de Wereldbankvrouw. Ofwel
brengt ze de nodige middelen daarvoor in eigen land bijeen door een
efficiënte inning van belastingen, ofwel gaat ze in het buitenland leningen
aan. Oost-Timor komt in aanmerking voor zachte leningen met een looptijd van
40 jaar - die zijn bijna gelijk te stellen met giften. Volgens haar heeft
de Wereldbank de regering in Dili al aangeraden te besnoeien op haar
uitgaven en verder te zoeken naar mogelijkheden om extra inkomsten te
genereren.

Volgens het VN-Ontwikkelingsprogramma (UNDP) wordt Oost-Timor het armste
land van Azië. Het bruto binnenlands product per inwoner bedraagt 478
dollar; de helft van de bevolking verdient minder dan 60 eurocent per dag.
Meer dan de helft van de bevolking kan lezen noch schrijven. Vanaf 2006 kan
het halfeiland rekenen op inkomsten uit de exploitatie van de olie- en
gasvelden voor zijn zuidelijke kust, geschat op een kleine 200 miljoen euro
per jaar.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2916   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift