In Beeld: Tunesië worstelt met zijn revolutie

Het is allesbehalve rozengeur en maneschijn in het Tunesië van na de revolutie: torenhoge werkloosheid, ingeperkte vrijheid van meningsuiting, … Animo jong links trok op verkenning en fotograaf Willemjan Vandenplas maakte volgende fotoreportage met 2 bijdrages van Professor Sami Zemni (Ugent).

  • © Willemjan Vandenplas Editor manager Asma Ghribi van 'Tunisia Live', een Engelstalige online krant die nieuws uit Tunesië bundelt. Ongeveer 70 procent van haar lezers woont in het Westen. 30 procent woont in Tunesië, waarvan een groot deel expats zijn. De nieuwssite is opgericht na de revolutie door 2 belangrijke bloggers van de revolutie. Volgens hen is het medialandschap in Tunesië aan het veranderen is. Mensen leren pluralisme kennen in de media. Helaas begrijpen de mensen in Tunesië volgens Tunisia Live het belang niet van neutrale en vrije en onafhankelijke media, die een waakhond zouden moeten zijn voor de Tunesische samenleving. De meeste kranten zijn verbonden aan een bepaalde zuil. Tunisia Liva wordt gedeeltelijk gefinancier door het fixen voor buitenlandse journalisten. © Willemjan Vandenplas
  • © Willemjan Vandenplas Belgische ambassadeur Patrick De Beyter kwam enkele dagen voor de revolutie op post. Hij heeft er al een lange carrière opzitten en Tunesië zou een wat rustiger bestemming voor hem zijn geweest. Helaas brak enkele dagen na zijn aankomst de revolutie uit. Tijdens de eerste dagen van de revolutie was hij vooral bezig met het in veiligheid brengen van Belgen in Tunesië en het beschermen van Belgische bedrijven. Hij werkte dag en nacht om de telefoons van ongeruste familieleden van Belgen te beantwoorden. Zijn taak bestaat er nu in om politieke verslaggeving te doen over de stand van zaken en om de contacten met de nieuwe Tunesische regering te onderhouden. België stuurde de afgelopen 2 jaar experten naar Tunesië om het politieke hervormingsproces te begeleiden. Volgens hem zal het enkele jaren duren voor de democratie degelijk zal werken in Tunesië. © Willemjan Vandenplas
  • © Willemjan Vandenplas Farhat Hashat is de zoon van een van de vier oprichters van de Union Générale Tunisienne du Travail (UGTT). De UGTT is sinds de onafhankelijkheid een onafhankelijke vakbond. Ze is machtig in Tunesië, met zo'n 600.000 leden kunnen ze op elk moment beslissen het land lam te leggen. De UGTT was lang een koepelorganisatie voor verschillende politieke bewegingen, die na de revolutie uit de illegaliteit zijn getreden. De regimes in het land hebben geprobeerd de UGTT in te lijven, maar ze is steeds onafhankelijk gebleven. Ze speelde een belangrijke rol als tegengewicht voor Ennahda, de islamistische regeringspartij. De laatste peilingen geven een sterk verlies aan voor Ennahda, voor een deel te wijten aan de UGTT, die een belangrijke regulerende rol speelt in Tunesië. © Willemjan Vandenplas
  • © Willemjan Vandenplas De grondwetgevende vergadering. De Tunesische revolutie was de aanleiding voor een origineel politiek experiment. Om te breken met decennia van autoritarisme en dictatuur, verkozen de Tunesiërs een grondwetgevende vergadering met als doel het schrijven van een nieuwe grondwet. Hoewel de werkzaamheden van deze vergadering soms moeizaam verlopen, zijn de politieke debatten, conflicten en compromissen een ware democratische leerschool geworden. (tekst Prof. Sami Zemni) © Willemjan Vandenplas
  • © Willemjan Vandenplas De Animo-delegatie ontmoette de Jonge Democratische Tunesische Socialisten. Zij zijn de jongerenbeweging van de regeringspartij Ettakatol (Forum démocratique pour le travail et les libertés). Politieke partijen die na een revolutie aan de macht komen worden vaak afgestraft omdat ze niet snel genoeg de verwachtingen van de bevolking kunnen inlossen. Dit is ook zo voor Ettakatol: ze kennen een grote terugval in de peilingen en moesten er nu verkiezingen uitgeschreven worden, dan zou hun partij niet meer bestaan. De jongerenbeweging werd in 2007 opgericht en werkte lang in de illegaliteit. Na de revolutie verloren ze veel militanten van het eerste uur omdat er veel nieuwe krachten bijkwamen, waarvan sommigen uit opportunisme. © Willemjan Vandenplas
  • © Willemjan Vandenplas Sinds 1956 geniet de Tunesische vrouw van veel meer vrijheden en rechten in vergelijking met vele buurlanden. Deze politiek, geïnitieerd door president Bourguiba (de eerste president van het onafhankelijke Tunesië) en verder gezet door Ben Ali, heeft van de Tunesische vrouw een mondige en actieve burger gemaakt. Sinds de revolutie van 14 januari 2011 zetten de vrouwen hun strijd verder. Niet alleen verwesterde maar ook islamistische vrouwen nemen deel aan het publieke debat. Verschillende maatschappijvisies, en daarmee verbonden denkbeelden over de plaats en rol van de vrouw, staan regelmatig lijnrecht tegenover elkaar. (tekst Prof. Sami Zemni) © Willemjan Vandenplas
  • © Willemjan Vandenplas In Sidi Bousaid ontmoete de Animo-delegatie een holebi-activiste. Ze vertelde dat de situatie voor de holibi's vandaag zeer moeilijk is in Tunesië. Tijdens het regime van Ben Ali concentreerde de overheid zich op de moslimextremisten en werden holebi's met rust gelaten. Er staat in Tunesië een gevangenisstraf van drie jaar op homoseksualiteit. Deze straf werd bijna nooit uitgevoerd voor vrouwen, maar wel voor mannen. Door de vrijheid van meningsuiting krijgen holebi's nu veel meer kritiek dan vroeger, zegt de activiste. Voor haar is de situatie uitzichtloos, ze zou liever naar het buitenland verhuizen. Gelukkig kan ze hier binnen de holebigemeenschap wel zichzelf zijn. Dat ze op straat niet mag doen wat ze wilt stoort haar niet meer. © Willemjan Vandenplas
  • © Willemjan Vandenplas Tareq Dziri is een Tunesische man van 25 jaar en vergezelde voor vier dagen de delegatie. Hij heeft een universitair diploma en bewerkt 26 hectaren land. Helaas is na de revolutie de veiligheid en het transport enorm verslechterd. Hij gelooft als jonge ondernemer dat het klimaat er niet meer is om te investeren. Veel van zijn vrienden zitten in de gevangenis omdat ze hun schulden bij de bank niet meer kunnen aflossen of failliet zijn gegaan. Voor jongeren is privé-initiatief zeer moeilijk. Jonge ondernemers worden op economische en politiek vlak ook niet gerustgesteld door de overheid: op elk moment kan er onrust uitbreken. © Willemjan Vandenplas
  • © Willemjan Vandenplas Delegatielid Sali De Ville met een vluchteling uit het Chouchakamp. Bij het bezoek van het hoofdkantoor van UNHCR was er een hongerstaking aan de gang op de grens met Libië. Bewoners van het kamp eisten een hervestigingsprocedure via het Global Solidarity Initiative. Dit initiatief werd opgericht om de migratiestroom vanuit Libië te verlichten voor het post-revolutionaire Tunesië. Dit hervestigingsprogramma was een succes, maar werd in november 2012 afgesloten omdat er een poolingsmechanisme ontstond volgens UNHCR. Vluchtelingen uit andere Afrikaanse landen kwamen naar Tunesië omdat ze een grote kans hadden op hervestiging naar het Westen. De hongerstakers komen uit deze Afrikaanse landen en eisten een gelijke behandeling als de Libische vluchtelingen. UNHCR kon hier niet mee instemmen. UNHCR vindt dat zij de normale Tunesische asielprocedure moeten volgen en geïntegreerd moeten worden in de Tunesische samenleving. Daarom krijgen ze ook taallessen en vaardigheidslessen in het kamp. © Willemjan Vandenplas
  • © Willemjan Vandenplas In Tunesië kan de hoofddoek vrijer gedragen worden en het standaard Arabisch wordt meer en meer de officiële taal. Er was zelf een periode dat de grondwetgevende vergadering enkel in het in het Arabisch wou communiceren. De Animo-delegatie kreeg geen toegang tot de moskees, een maatregel die pas werd ingevoerd na de revolutie. Ondanks het feit dat Ennahda, de grootste regeringspartij, 40 gesluierde vrouwen en 1 niet-gesluierde vrouw in het parlement heeft, is hun visie op de gelijkheid tussen man en vrouw totaal verschillend van deze van andere, meer progressieve partijen. De Ennahda-vrouwen beweren zelf dat mannen niet gelijk zijn aan vrouwen. Ennahda gaat wel de radicalisering van veel moslims tegen. © Willemjan Vandenplas
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur