Half miljoen Afghaanse vluchtelingen in de kou

Nieuws

Half miljoen Afghaanse vluchtelingen in de kou

Half miljoen Afghaanse vluchtelingen in de kou
Half miljoen Afghaanse vluchtelingen in de kou

02 maart 2012

De Afghaanse overheid wordt beschuldigd van onverschilligheid omdat ze te weinig doet voor de meer dan 500.000 dakloze vluchtelingen in het land.

“Het is ongelooflijk te zien hoe mensen, jong en oud, zo’n armoede, vernieling en vuiligheid overleven”, zegt Fatima Popal, een medewerkster van de Aschiana Foundation, na een bezoek aan een van de vluchtelingenkampen in de harde Afghaanse winter, die al aan veertig mensen het leven kostte. Popal zag kinderen zonder schoenen, sokken of jassen in tentenkampen die nauwelijks bescherming bieden tegen de bittere koude.

Toch zijn de tentenkampen het enige toevluchtsoord voor Afghanen die vluchten voor het geweld tussen de taliban en de NAVO-strijdkrachten. Amnesty International schat het aantal vluchtelingen binnen Afghanistan op een half miljoen, en het is zo goed als zeker dat dit aantal zal blijven groeien.

In de kampen zijn de vluchtelingen op zichzelf aangewezen, zeggen hulporganisaties, en de overheid doet vrijwel niets om ze te helpen. “De overheid blijft het groeiende probleem negeren”, zegt Horia Mosadeq van Amnesty International.

Onverschilligheid

In een nieuw rapport, Fleeing war, finding misery, noemt Amnesty de initiatieven van de overheid “inconsistent, onvoldoende en ineffectief”. De Afghaanse overheid heeft “in feite geen plan om met interne vluchtelingen binnen het land om te gaan”, en geeft blijkt van “harde onverschilligheid”.

In sommige gevallen kwam de overheid zelfs specifiek tussenbeide om hulp voor de vluchtelingen tegen te houden. Hulporganisaties mogen bijvoorbeeld niet langer waterputten boren, omdat de overheid vreest dat de vluchtelingen dan permanent zullen blijven.

Gebrek aan middelen

De Afghaanse overheid van haar kant voert aan dat ze niet over voldoende middelen beschikt. “De regering heeft alles gedaan wat ze kon bij het huidige gebrek aan middelen”, zegt Ashraf Haidari, een medewerker van de adjunct-Nationale Veiligheidsadviseur die ooit zelf op de vlucht was.

Maar volgens het rapport van Amnesty vinden de beschikbare fondsen ook niet altijd de weg naar de vluchtelingen. “Veel ministeries missen het professionalisme, de expertise en de politieke wil om de fondsen correct te spenderen”, zegt Mosadeq. Hij wijst erop dat het ministerie voor Vluchtelingen vorig jaar maar 38 procent van het beschikbare budget uitgaf.

De overheid eist bovendien dat de vluchtelingen voor allerlei diensten een identiteitskaart voorleggen, de zogenaamde tazkira (taskera), die ze enkel in hun eigen thuisprovincie kunnen opvragen. Die reis is zowel fysiek als financieel zwaar en risicovol voor de vluchtelingen.