Haviken maken zich op voor propagandaoorlog

Een groep van invloedrijke neoconservatieve
figuren is een nieuwe campagne begonnen voor ‘de oorlog tegen de terreur’.
Onder de naam Americans for Victory Over Terrorism (AVOT), wil ze groepen
en individuen flink aanpakken die niet begrijpen waar het in deze oorlog om
draait. AVOT bestaat uit een aantal bekende namen uit het tijdperk van
Ronald Reagan. De groep heeft het gemunt op Amerikaanse stemmen die kritiek
hebben op de Amerikaanse strijd tegen het terrorisme.


De steun voor het Amerikaanse beleid is momenteel erg hoog, maar we geloven
dat we de publieke opinie moeten versterken. Zoniet zal de nationale
vastberadenheid na verloop van tijd verzwakken, zo verklaarde de groep in
een paginagrote advertentie in de zondageditie van de New York Times.

De oproep in de Times is opgesteld door een aantal haviken met een
behoorlijke politieke spanwijdte: de voorzitter van AVOT is William Bennett,
onder president Reagan nog minister van onderwijs. Bij de voorstelling van
de groep dinsdag waren ook ex-CIA-baas James Woolsey en Frank Gaffney, de
voorzitter van het Centrum voor Veiligheidsbeleid en een voormalige
militaire adviseur van Ronald Reagan. AVOT wordt voorlopig vooral
gefinancierd door Lawrence Kadish, de voorzitter van de Repulikeins-Joodse
Coalitie (RJC), één van de grootste donoren van de Republikeinse partij.

Uit de jongste opiniepeilingen is inderdaad gebleken dat de steun voor de
‘oorlog tegen de terreur’ in Afghanistan - en de uitbreiding ervan naar de
Filippijnen en Jemen en mogelijk ook naar Irak - nog steeds op ruime steun
kan rekenen bij het Amerikaanse publiek. Maar in het Democratische kamp
vragen sommigen zich openlijk af of de oorlog geen straatje zonder einde
wordt. Ze hekelen ook het feit dat de regering-Bush niet naar de mening van
het Congres vraagt. Ex-president Jimmy Carter liet zich vorige maand
ontvallen dat de term ‘as van het kwaad’ die Bush lanceerde bij zijn State
of the Union simplistisch en contraproductief is.

AVOT heeft de uitspraken van de dissidente Democraten en van Carter
opgenomen in een lijst van citaten. De lijst bevat namen van professoren,
columnisten, auteurs en Congresleden die door hun kritiek steun en ruimte
zouden geven aan ‘de vijand’. De groep stelt voor om dergelijke uitspraken
hard aan te pakken: AVOT wil degenen die eerst Amerika van alles de schuld
geven en onze fundamentele principes niet verstaan of willen verdedigen,
flink aanpakken, aldus de advertentie. Kritiek op de Amerikaanse oorlog
kan de nationale vastberadenheid schaden en de vijand versterken. Bennett
waarschuwt ervoor dat de criticasters van Amerika een stem vinden.

Het initiatief sluit nauw aan bij een eerdere poging om politiek
andersdenkenden in het oog te houden. De Amerikaanse Raad van Alumni (ACTA),
opgericht door Lynne Cheney, de vrouw van vice-president Dick Cheney, en de
conservatieve Democratische senator Joseph Lieberman, publiceerde in
november een omstreden rapport onder de titel ‘De verdediging van de
beschaving: hoe onze universiteiten Amerika afvallen’. Daarin werden 117
gevallen van zogenaamd anti-Amerikanisme beschreven. De conclusie van het
rapport luidt dat de universiteiten de zwakke schakel vormen in het
Amerikaanse antwoord op de aanvallen van 11 september.

Het beeld dat AVOT schildert van de vijand is een groteske overdrijving,
zegt Lewis Lapham, de hoofdredacteur van Harper’s Magazine. AVOT lijkt mij
een nieuwe voorpost van hard neoconservatief rechts. Lapham werd zelf
vermeld in het ACTA-rapport omdat zijn magazine stelde dat de VS zelf
terroristische tactieken gebruikten in de jaren 90, met name bij het
bombarderen van burgerdoelwitten in Bagdad en de Balkan. Lapham wijst erop
dat de groep achter AVOT heel wat invloed uitoefent in de regering-Bush, en
dan vooral in het Pentagon en het kabinet van vice-president Dick Cheney.

Bennett, Gaffney en Woolsey zijn al jaren actief in een netwerk van groepen
met overlappende bestuursraden die aandringen op harde acties tegen de
Irakese president Saddam Hoessein, de islamitische regering in Iran en de
Palestijnse Autoriteit. Negen dagen na de aanvallen van 11 september
ondertekenden Gaffney en Bennett de open brief aan Bush het ‘project voor
een nieuwe Amerikaanse eeuw’. De brief riep op tot de vernietiging van het
al-Qaeda netwerk en een aanval op Irak en mogelijk ook op Iran, Syrië,
Libanon en de Palestijnse Autoriteit. Woolsey weigerde de brief te
ondertekenen omdat hij een frontale aanval inhield op minister van
Buitenlandse Zaken Colin Powell, maar heeft zich sindsdien aangesloten bij
het advies in de brief.

Woolsey werd eind september naar Groot-Brittannië gestuurd als lid van de
Defence Policy Board van het Pentagon om de rol van Irak bij de aanvallen
van 11 september te onderzoeken. Sindsdien is hij één van de meest gevraagde
commentatoren in de Amerikaanse media die zich uitspreken voor het toevoegen
van een Irakees luik aan de oorlog.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift