Investeringsplan kampt met geldgebrek en notoiretegenstanders

Er zit al vier miljard dollar in fonds voor het
Puebla-Panamaplan, een erg omstreden plan om de Midden-Amerikaanse regio tot
ontwikkeling te brengen. Dat bleek gisteren en vandaag (vrijdag) op de
vijfde Tuxtla-top, een regionaal forum dat in 1996 werd opgericht om de
samenwerking te bevorderen tussen Mexico en de landen in Centraal-Amerika.
Het geld is vooral afkomstig van de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank
(IDB). De Midden-Amerikaanse regeringen doen voorlopig 320 miljoen dollar in
de pot.


Het PP-plan kan voorlopig nog niet van start omdat de projecten nog niet
voldoende zijn uitgewerkt en er nog onvoldoende fondsen zijn. Het regionaal
ontwikkelingsplan, dat vorig jaar werd gepresenteerd, wil de achtergestelde
gebieden tussen Panama en de Mexicaanse deelstaat Puebla tot ontwikkeling
brengen. Van Puebla tot Panama leven 64 miljoen Mexicanen, Costaricanen,
Salvadoranen, Hondurezen, Nicaraguanen en Panamezen onder de armoedegrens.
Grensoverschrijdende transportcorridors (spoorwegen en autowegen) en
energienetwerken (gas- en elektriciteitsnetten) moeten de regio tot
ontwikkeling te brengen.

Terwijl de staatsleiders van zeven Centraal-Amerikaanse landen en de
Mexicaanse president Vicente Fox in de zuidoostelijke deelstaat Yucatan een
oplossing zoeken voor de financiering van het plan, timmert het Mesoamerican
Forum in de stad Veracruz aan een strategie om de uitvoering van het plan te
dwarsbomen. Dat forum verenigt meer dan 300 ngo’s, vakbonden en inheemse
verenigingen die zich verzetten tegen het Puebla-Panamaplan (PPP). Ze vrezen
dat het investeringsplan, dat tot stand kwam zonder inspraak van de civiele
maatschappij, vooral de belangen van de industrie en de buitenlandse
investeerders zal dienen. Het is een illusie, zo zeggen de ngo’s, te denken
dat je een verpauperde regio met een fragiel eco-systeem tot ontwikkeling
kan brengen met ambitieuze infrastructuurwerken.

Het PPP doet de emoties in Centraal-Amerika hoog oplaaien, onder meer omdat
het een gebied moet industrialiseren en ontwikkelen waar voor de
kolonisering van Midden-Amerika de Maya’s woonden. De afstammelingen van de
Maya’s behoren tot de armste en meest uitgebuite bevolkingsgroepen van
Latijns-Amerika. Ze leven in een regio dat een onvoorstelbare natuurlijke
rijkdom kent maar waarvan de biodiversiteit zwaar onder druk staat.

De Mexicaanse dichter Juan Bañuelos zegt dat het PPP onze landen wil
omtoveren tot maquiladora (industriële exportenclaves). Ook in de
academische wereld is er heel wat weerstand tegen. Alejandro Alvarez, een
economist aan de Autonome Nationale Universiteit van Mexico, omschrijft het
PPP als een poging om de gas- en petroleumbelangen van privé-bedrijven te
consolideren en een muur om de migratiestromen naar de VS tegen te
werken.

De ngo’s kregen al de onvoorwaardelijke steun van de Zapatisten, de
Mexicaanse rebellen die actief zijn in de deelstaat Chiapas. Florencio
Salazar, de Mexicaanse coördinator van het plan, beloofde dat er geen enkel
project zal worden uitgevoerd zonder eerst de lokale gemeenschappen te
consulteren. Salazar vindt de scherpe kritiek op het plan overdreven. Het
PPP heeft respect voor de inheemse gemeenschappen, de boerenbevolking en het
milieu. De officiële documenten tonen dat het plan zich ook zal concentreren
op duurzame ontwikkeling, menselijke ontwikkeling en de preventie van
natuurrampen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift