Kritische kanttekeningen bij toegezegde hulp

De Timorese regering en haar internationale
achterban zijn blij met de forse steun die rijke landen en internationale
instellingen woensdag hebben toegezegd aan het einde van een tweedaagse
donorconferentie in Dili, maar Amerikaanse activisten plaatsen wel
kanttekeningen bij de eventuele voorwaarden die aan de hulp verbonden zijn
en de mogelijke onderschatting van het Timorese begrotingstekort. Oost-Timor
wordt op 20 mei formeel onafhankelijk.


De internationale gemeenschap zegde Oost-Timor woensdag meer dan 360 miljoen
dollar steun toe voor de komende drie jaar. Dat bedrag komt bovenop de 81
miljoen dollar die eerder al in een multilateraal trustfonds voor het arme
halfeiland gestort waren.

We zijn absoluut in de wolken, dit is veel meer dan we verwacht hadden,
verklaarde de Timorese onderminister van Buitenlandse Zaken Fernando de
Araujo woensdag. John Miller van het Amerikaanse East Timor Action Network
(ETAN) zegt dat het engagement van de donorgemeenschap hem goed doet, maar
merkt wel op dat het nog af te wachten valt of de steun beschouwd kan worden
als een gift waaraan verder geen voorwaarden zijn verbonden. Misschien
hebben de donoren hun hulp verbonden aan de eis dat Oost-Timor een bepaald
economisch beleid gaat voeren - daarvoor zullen we de kleine lettertjes
moeten lezen, aldus Miller.

De steun lijkt ruimschoots voldoende om het verwachte begrotingstekort te
dekken. Aanvankelijk had de Oost-Timorese regering dat deficit op 160
miljoen dollar geraamd, maar voor de donorconferentie verminderde dat cijfer
tot 90 miljoen - op enigszins wonderbaarlijke wijze, vindt Miller. Ze
hebben gewoon de verwachte inkomsten opgedreven en de uitgaven verminderd.
Volgens Miller zijn sommige veronderstellingen in de begroting
onrealistisch.

Oost-Timor heeft voor zijn begroting wel felicitaties gekregen van de
Wereldbank. Klaus Rohland, de directeur voor Azië en de Stille Oceaan,
juicht de sterke sociale oriëntatie van het financiële plan toe. Oost-Timor
wil het komende fiscaal jaar meteen 39 procent van zijn middelen uitgeven
aan onderwijs en gezondheidszorg, en zal dat aandeel tegen 2006 zelfs
optrekken tot 48 procent. Dat weerspiegelt het engagement van de regering
om werk te maken van de ontwikkeling van die sectoren, vindt Rohland.
Volgens het VN-Ontwikkelingsprogramma kan meer dan de helft van de bevolking
van Oost-Timor lezen noch schrijven; de gemiddelde levensverwachting
bedraagt slechts 57 jaar.

Oost-Timor rekent vooral op de inkomsten uit de exploitatie van olie- en
gasvoorraden in de Timorzee om binnen drie à vijf jaar meer op eigen benen
te gaan staan. Australië en Oost-Timor hebben daarover al een bilateraal
akkoord gesloten, dat Oost-Timor de komende 20 jaar meer dan 3,6 miljard
dollar zou moeten opleveren. Maar het akkoord moet nog goedgekeurd,
ondertekend en geratificeerd door de regering en het parlement in Dili die
maandag hun volle bevoegdheden krijgen.

VN-secretaris Kofi Annan is dit weekend op Oost-Timor voor de officiële
machtsoverdracht tussen de Overgangsadministratie van de VN die het bestuur
over het gebied in oktober 1999 overnam van Indonesië, en de nieuwe
Oost-Timorese instellingen. Annan wil dat de VN nog drie jaar nauw betrokken
blijven bij de opbouw van de nieuwe staat. Volgens hem zal Oost-Timor nog
lange tijd financiële hulp nodig hebben. Momenteel verdient de helft van de
bevolking geen 60 eurocent per dag.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2925   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift