Mensenrechtensituatie in Joegoslavië blijft veronder Europese normen

Sinds de val van het bewind van Slobodan Milosevic
twee jaar geleden heeft de Federale Republiek Joegoslavië wel enige
vooruitgang geboekt op het vlak van de mensenrechten. Maar volgens
mensenrechtengroepen volstaat dat nog lang niet voor de integratie van
Joegoslavië in de Europese instellingen.


Joegoslavië wil graag toetreden tot de Raad van Europa, het Stabilisatie- en
Associatieproces van de Europese Unie en het Partnerschap voor
Vrede-programma van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie NAVO. Maar
daarvoor moet het voldoen aan een hele reeks internationale normen, ook op
het vlak van de mensenrechten. Volgens plaatselijke mensenrechtendeskundigen
is de situatie de laatste tijd wel verbeterd. Pesterijen van politieke
tegenstanders en sociale actievoerders komen niet meer zo vaak voor, de
vrije meningsuiting wordt minder beperkt, er zijn minder vaak politieke
rechtszaken en er is minder sprake van straffeloosheid voor oorlogsmisdaden
en vervolging van etnische minderheden.

Maar toch lijkt het nieuwe bewind niet bereid de grote problemen aan te
pakken. Na een decennium onder Milosevic blijft de Servische samenleving nog
altijd diep verdeeld over wat de aanleiding vormde tot de bloedige oorlogen
van de jaren 1990. Velen koesteren nog altijd de standpunten die werden
verspreid via Milosevic’ propaganda die de minderheid van Serviërs in
Kroatië, Bosnië en Kosovo wilde verdedigen. De oorlogen maakten 200.000
dodelijke slachtoffers en meer dan twee miljoen vluchtelingen, vooral
niet-Serviërs.

Het meest recente rapport van Human Rights Watch over Joegoslavië vermeldt
vier terreinen waarop de nieuwe leiders niet voldoen aan de internationale
normen. In de eerste plaats aarzelt de overheid mee te werken aan het
internationaal oorlogstribunaal in Den Haag omdat de bevolking zo sterk
verdeeld is. Ten tweede lijkt zij ook maar met tegenzin bereid de
oorlogsmisdaden te vervolgen voor nationale rechtbanken. Er zijn wel
relevante wetten opgesteld, maar ze worden traag en schoorvoetend toegepast.
Daarbij wordt vaak het excuus aangevoerd dat de waardigheid of de
soevereiniteit van de staat behouden moet blijven, alsof gerechtigheid niet
van tel is, zegt Biljana Vuco van het Joegoslavische Comité van Juristen
voor de Mensenrechten. De twee andere terreinen die te wensen overlaten,
zijn de beteugeling van het geweld door de politie en van de discriminatie
van de Roma-minderheid. Ook hier lijkt er onvoldoende politieke wil te zijn
om deze punten aan te pakken.

De Joegoslavische overheid heeft vrij gematigd gereageerd op het rapport.
Wij weten waar wij nog verbeteringen moeten doorvoeren. Wij zullen al het
mogelijke doen om de normen te halen die de Raad van Europa en andere
internationale instellingen ons hebben gesteld, meldt Dragoljub Micunovic,
woordvoerder van het Joegoslavische parlement. Volgens politieke analisten
hoopt Joegoslavië tegen eind dit jaar lid te kunnen worden van de Raad van
Europa. Maar om daarvoor ook maar in aanmerking te kunnen komen, moeten nog
meer dan 12.000 wetten, wetsvoorstellen en reglementen worden aangepast.

Wij hebben oorlog gevoerd met al onze buren. Ons land is totaal verwoest.
Dat moeten we nu onder ogen zien. Anders kan er geen sprake zijn van
gerechtigheid en verzoening, zegt Natasa, hoofd van het Centrum voor
Humanitair Recht. Intussen is in Joegoslavië het eerste nationale
oorlogsproces in jaren gehouden. Drie weken geleden is een voormalig
reservist uit het leger veroordeeld tot acht jaar cel voor het doden van
twee etnisch Albanese burgers in Kosovo in 1999. Tijdens zijn proces
protesteerden oorlogsveteranen in het zuidelijke stadje Prokuplje. De
aanklager en de rechter ontvingen anonieme doodsbedreigingen.

Politieke analisten menen dat de nieuwe regering die na Milosevic is
aangetreden zich verzoenend heeft opgesteld tegenover de structuren van het
voormalig bewind omdat zij bang was voor een burgeroorlog en geen grote
kloof wilde tussen het gerecht, het leger en de politie. Volgens
mensenrechtengroepen gaat de politie op het platteland nog altijd heel wreed
te werk. Zij heeft het nu niet langer gemunt op de politieke tegenstanders
van Milosevic, maar valt jongeren en de Roma-minderheid lastig. De Roma
vormen elf procent van de 7,4 miljoen Serviërs. Sinds de val van Milosevic
hebben de aanklagers nooit opgetreden tegen het wangedrag van de politie of
de dagelijkse verspreiding van etnische en religieuze haat, weet Biljana
Vuco. De intolerantie en de haat zitten zo diep ingeworteld dat die zelfs
niet meteen zullen verdwijnen als alles zou lopen zoals het hoort. Dit land
heeft nood aan meer dan wetten alleen om de toestand te normaliseren. Er is
een totale reorganisatie nodig.
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift