Namibiërs nog niet klaar voor partnerschap EU

Een handelsakkoord tussen de EU en zuidelijk Afrikaanse landen is dichtbij, maar zal de deadline van dit jaar niet halen. Dat concluderen Zuid-Afrika en Namibië, die hebben gesproken over economische integratie in de regio.

“Zelfs voor de EU is tijd niet meer echt het probleem”, aldus de Zuid-Afrikaanse minister van Handel, Rob Davies. “Ze vinden het belangrijker om te investeren in een sterke relatie.” Hij sprak met de Namibische minister van Handel, Hage Geingob, tijdens een topontmoeting tussen beide landen.

De Zuid-Afrikaanse president Jacob Zuma zei een “snelle oplossing” te verwachten van de nog openstaande geschilpunten. Zijn regering steunt Namibië, ook al hebben andere landen in de regio al eerder een interimakkoord getekend. Ondanks de druk uit Brussel blijft Namibië vinden dat het openen van de markt voor goedkope Europese producten te gevaarlijk is voor de toekomstige groei. “Volgens onze inschatting zou het akkoord enorm veel schade hebben berokkend aan de regionale economie”, aldus Davies.

Afrikaanse integratie


Zuid-Afrika en Namibië, de voorzitter van de Zuidelijk Afrikaanse Ontwikkelingsgemeenschap (SADC), wilden vooral met elkaar praten over de verdere integratie met de andere twee handelsblokken, de Gemeenschappelijke Markt voor Oostelijk en Zuidelijk Afrika (COMESA) en de Oost-Afrikaanse Gemeenschap (EAC).

De regio, waar 26 landen met een bevolking van 578 miljoen mensen toe behoren, heeft in 1991 in Abuja al besloten toe te werken naar een vrijhandelszone. Het heeft nu een bruto nationaal product van in totaal 1,6 biljoen dollar (1,1 biljoen euro), gelijk aan dat van Brazilië en Rusland. De economische vooruitzichten zijn zonnig, concludeerde de onderzoekstak van McKinsey afgelopen juni, vanwege de doorgevoerde hervormingen, de hoge prijzen van grondstoffen en de opkomst van een middenklasse.

Zuid-Afrika en Namibië hebben ook besproken hoe ze de Zuidelijk Afrikaanse Douane-unie (SACU), die ze met Botswana, Lesotho en Swaziland hebben, beter kunnen benutten om de infrastructuur te verbeteren, zodat de mijnbouw en landbouw er ook iets aan hebben. De landen spraken verder over de trans-Kalaharispoorlijn, natuurbescherming, industriële standaarden, luchtvaart, groene energie en de ontwikkeling van het gasveld in Kudu, in Namibië.

De Afrikaanse buren willen ook meer waarde gaan toevoegen aan mineralen, zoals titanium. “We krijgen misschien een paar duizend doller voor titaniumdioxide uit Zuid-Afrikaanse mijnen”, aldus Davies. “Als we dit kunnen verwerken tot een titaniumlegering, krijgen we er honderd keer zoveel voor.”

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift