Nieuw systeem geeft patenten uit ontwikkelingslanden impuls

Het aantal patentaanvragen ingediend door uitvinders
en onderzoekers uit ontwikkelingslanden, is vorig jaar met meer dan zeventig
procent gestegen. Ook voor die landen werpt het Samenwerkingsverdrag voor
Patenten (PCT) zijn vruchten af. Dat zegt de Wereldorganisatie voor
Intellectuele Eigendom (WIPO).


Van 25 tot 27 maart vindt in Genève, de thuisbasis van de WIPO, een
conferentie plaats over het internationale patentensysteem. Een patent biedt
bescherming aan de uitvinder of onderzoeker die iets nieuws bedenkt of
ontdekt, en blijft gewoonlijk twintig jaar geldig. De huidige werking en
toekomstige uitdagingen van het nieuwe PCT-systeem zullen in Genève
besproken worden. Het Samenwerkingsverdrag voor Patenten vereenvoudigt de
procedure sterk: een patent dat volgens dit systeem uitgereikt wordt, geldt
voor alle 116 landen die het verdrag geratificeerd hebben.

Ook onderzoekers uit ontwikkelingslanden hebben de voordelen van die
procedure goed begrepen: het aantal aanvragen uit die landen stijgt sneller
dan het aantal aanvragen uit geïndustrialiseerde landen. De laatste vijf
jaar vertienvoudigde het aandeel van aanvragen uit ontwikkelingslanden van
0,5 tot 5,2 procent van het totaal. In 2001 verwerkte de WIPO meer dan
honderdduizend aanvragen, goed voor een stijging tegenover het jaar daarvoor
met 14 procent. Veel ontwikkelingslanden deden het opmerkelijk goed.
Zuid-Korea en Mexico verhoogden hun aanvragen voor patenten met de helft.
Het aantal Indiase aanvragen verdubbelde, terwijl het Chinese aantal bijna
verdriedubbelde.

Volgens WIPO-baas Kamil Idris tonen die cijfers aan dat het nieuwe systeem
van intellectuele eigendom van grote waarde is voor landen die een duurzame
economische groei willen bevorderen en de levensstandaard willen verhogen.
Zonder dit systeem zouden de aanvragers voor elk land afzonderlijk een
aanvraag moeten indienen, wat voor hen financieel en administratief een te
zware last zou vormen.

Idris meent dat de huidige toename van patentaanvragen ook deels te danken
is aan de uitbouw van een digitale patentenbibliotheek door de WIPO. Die
online-catalogus bevat 350.000 monografieën over patenten en is gratis
toegankelijk voor onderzoekers in universiteiten en bedrijven in
ontwikkelingslanden. De databank werkt duidelijk drempelverlagend voor
patentaanvragers.

De ontwikkelingslanden die het grootste aantal patentaanvragen indienden,
waren Zuid-Korea, China, Zuid-Afrika, India, Singapore en Brazilië. Bij de
instellingen en bedrijven is het Chinese biotech-firma Biowindow de grootste
aanvrager, gevolgd door het Indiase Centre for Scientific and Industrial
Research, dat vooral technisch georiënteerd is. Daarna komen de
Zuid-Koreaanse elektronicareus Samsung en de Universiteit van Fudan in
China. Castelo roemt het voorbeeld van koploper Zuid-Korea, dat de vruchten
plukt van twee decennia zware investeringen in onderzoek en ontwikkeling.

Ondanks de groeiende participatie van ontwikkelingslanden in het
WIPO-systeem blijft de kloof met de geïndustrialiseerde landen ook op deze
lijst erg groot. De VS staan bovenaan, met maar liefst 38,5 procent van alle
aanvragen van 2001 op hun conto. Duitsland volgt met dertien procent, Japan
met elf, bijna twee derde van alle aanvragen van vorig jaar komt uit die
drie landen.

link: www.wipo.o

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2916   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift