Nu al werk maken van preventie in hongergebieden

De voedselcrisis die zich nu aftekent in
Zuidelijk Afrika, kan zich herhalen als de betrokken landen en de
internationale gemeenschap hun beleid niet omgooien. Dat stelt het
Internationaal Instituut voor Voedselbeleid (IFPRI) in een rapport dat
vandaag (vrijdag) wordt gepubliceerd. Het IFPRI stelt onder meer dat ook de
politiek van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) heeft bijgedragen tot
de tragedie die zich dreigt af te spelen.


Minstens 10 miljoen inwoners van Lesotho, Malawi, Mozambique, Swaziland,
Zambia en Zimbabwe kunnen de komende maanden met ernstige voedseltekorten af
te rekenen krijgen. Op sommige plaatsen slaat de ondervoeding nu al toe; de
komende weken kunnen er al duizenden mensen sterven, aldus IFPRI-directeur
Pinstrup Andersen. Het ziet er zeer slecht uit tenzij er snel veel
voedselhulp in de getroffen gebieden wordt geleverd, zei hij aan IPS.
Volgens het rapport zal in Malawi 70 procent van de bevolking zonder voedsel
komen te zitten en is de situatie in Zambia en Zimbabwe al niet veel beter.

De onmiddellijke aanleidingen voor de voedselcrisis in Zuidelijk Afrika zijn
een verschroeiende droogte, overstromingen en de misoogsten die daar het
gevolg van waren. De slechte oogsten hebben de prijs van maïs, het
belangrijkste voedingsmiddel in de regio, sterk opgedreven. Maar vooral de
chronische armoede en een slecht beleid maakt deze landen kwetsbaar,
benadrukt Kenneth Simler, onderzoeker bij het IFPRI. Niet alleen de
regeringen in de betrokken kunnen fouten worden aangewreven; Simler wijst
ook naar de donoren en de internationale financiële instellingen. Ngo’s
zeggen al maanden dat het IMF mee verantwoordelijk is voor de honger in
Malawi. Het IMF zou de regering van dat land in 2000 geadviseerd hebben een
deel van de maïsreserves te verkopen om buitenlandse schulden te delgen. Het
IMF ontkent die beschuldiging en zegt dat misoogsten, een slecht beleid en
prijsschommelingen op de lokale graanmarkt de ellende hebben veroorzaakt.

Maar Simler wijst ook op het gebrek aan investeringen in infrastructuur.
Door de slecht onderhouden wegen in de regio is het bijvoorbeeld heel duur
om voedsel te vervoeren naar de zwaarst getroffen gebieden. Dat ontmoedigt
boeren om meer te produceren, want door de hoge transportkosten verdienen ze
toch nauwelijks iets extra. Internationale donoren zouden moeten investeren
in het onderhoud van wegen en spoorwegen.

Volgens het Wereldvoedselprogramma (WFP) en andere hulporganisaties is er in
Zuidelijk Afrika voor 507 miljoen dollar aan voedselhulp nodig om de komende
zes maanden een tragedie af te wenden. Die voedselleveringen moeten volgens
het IFPRI-rapport wel omzichtig gebeuren. Ze mogen niet naar centrale
distributieplaatsen aan, maar wel naar de dorpen waar de getroffen mensen
wonen. En er mogen geen te grote hoeveelheden voedsel op de markt gedumpt
worden; dat ontmoedigt de lokale productie en kan nog meer rampen
veroorzaken.

Mijn grootste zorg is wat er na deze noodtoestand gaat gebeuren, stelt
Andersen, die in 2001 de Wereldvoedselprijs kreeg. We moeten ervoor zorgen
dat er een preventief beleid komt. Essentieel is de infrastructuur op het
platteland en zorgen dat de markt zijn werk doet. Andersen wil vooral veel
investeringen in transportinfrastructuur. Kleine boeren moeten volgens hem
ook betere toegang krijgen tot variëteiten van gewassen die bestand zijn
tegen droogte en tot verbeterde zaden en meststoffen.

Maar ook een betere gezondheidszorg is essentieel. Veel van de sterfgevallen
worden immers veroorzaakt door ziekte, zegt het rapport. Ondervoeding maakt
mensen kwetsbaarder en het gebrek aan goede medische diensten versterkt dit.
Daardoor zijn deze landen zo kwetsbaar voor zelfs maar kleine
klimaatveranderingen. Het rapport benadrukt dat een degelijke preventie
enkel mogelijk is als overheden, ngo’s, de privé-sector en internationale
donoren samenwerken: Hongersnoden zijn een teken van een falend beleid.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift