Oppositie stuurt aan op historisch referendum

Een samenwerkingsverband van 119 Cubaanse
organisaties die kritisch staan tegenover het regime van Fidel Castro, zegt
bijna genoeg handtekeningen bij elkaar te hebben om een referendum af te
dwingen over de politieke toekomst van het Caribische eiland. De
initiatiefnemers van het in april 2001 opgestarte ‘Proyecto Varela’ vragen
een referendum over de vrijheid van vereniging en van meningsuiting, over
een nieuwe kieswet en de organisatie van algemene verkiezingen en over een
amnestieregeling voor politieke gevangenen. Ze willen ook meer ruimte
scheppen voor het privé-initiatief in de economie.


Artikel 88 van de Cubaanse grondwet laat burgers toe zelf wetsvoorstellen in
te dienen. Daartoe moet de indiener wel 10.000 handtekeningen van
kiesgerechtigde Cubanen verzamelen. De controle van die handtekeningen
gebeurt door het Cubaanse parlement.

Oswaldo Payá, de voorzitter van de Movimiento Cristiano Liberación en één
van de organisatoren van Proyecto Varela, stelt dat de oppositie rechten
voor alle Cubanen wil afdwingen, ook voor de landgenoten die aan de
regering verbonden zijn - die hebben immers wel macht en privilegies, maar
geen rechten.

De Cubaanse autoriteiten hebben zich nog niet uitgesproken over het
initiatief. Maar het officiële standpunt over de interne oppositie luidt dat
die minuscule groepjes zich inschakelen in de contrarevolutionaire
strategie van de VS tegen de Cubaanse regering. Ze worden op duizend en
één manieren bijeengebracht, gestuurd en betaald door de SINA, verklaarde
de Cubaanse president Fidel Castro nog eens op 5 maart. De SINA (Oficina de
Intereses de Estados Unidos en Cuba) is de inofficiële ambassade van de VS
op Cuba. De Cubaanse regering blijft ook bij haar standpunt dat ze op het
vlak van de mensenrechten van niemand lessen te ontvangen heeft.

Volgens Payá zullen de handtekeningen aan het parlement worden overgemaakt
met alle gegevens die toelaten om de ondertekenaars meteen te
identificeren. Payá stelt dat het project Varela steun heeft in alle delen
van het land. Het initiatief wordt gedragen door 119 organisaties, maar toch
ontbreken sommige belangrijke oppositiegroepen. Niet vertegenwoordigd is
bijvoorbeeld de zogenaamde Mesa de Reflexión, een gespreksronde van
gematigde oppositiegroepen. Manuel Cuesta Morúa, de voormalige coördinator
van de Mesa en een lid van de Corriente Socialista Democrática Cubana,
betwijfelt of de regering rekening zal willen houden met een de resultaten
van een referendum dat uitgaat van groepen die ze officieel niet erkent. De
leden van de Mesa vinden ook dat het moment niet gunstig is voor vrije
verkiezingen. Zolang Cuba en de VS min of meer met getrokken messen
tegenover elkaar staan, zal de interne oppositie weinig ruimte krijgen en
kan ze dus onmogelijk een goed resultaat behalen bij een stembusgang.

Veel gewone Cubanen hebben nog nooit iets gehoord over ‘Proyecto Varela’. De
officiële media zwijgen het initiatief dood. Van wie er wel al over heeft
horen praten, is een deel tegen het contrarevolutionaire plan; sommige
anderen lijken niet geïnteresseerd.

Proyecto Varela is genoemd naar de priester, filosoof, politicus en
journalist Félix Varela y Morales, één van de belangrijkste denkers in de
Cubaanse onafhankelijkheidsbeweging van de 19de eeuw. Tot de bekendste
ondertekenaars van het voorstel tot referendum horen Héctor Palacios van het
Centro de Estudios Sociales, Elizardo Sánchez Santa Cruz van de Comisión
Cubana de Derechos Humanos y Reconciliación Nacional, Raúl Rivero van het
nieuwsagentschap Cubapress en Gustavo Arcos van het Comité Cubano Pro
Derechos Humanos.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift