Politieke hervorming Uribe zet parlement buitenspel

De kersverse Colombiaanse president Alvaro Uribe
wil nauwer samenwerken met gouverneurs en burgemeesters en tegelijk het
parlement ingrijpend hervormen. De wetgevers vrezen dat ze buitenspel worden
gezet en dat Colombia opschuift naar een regime waarbij de president als
hoofd van de uitvoerende macht de touwtjes in handen krijgt.


Het model van vreedzame samenwerking tussen president en parlement staat op
de helling, aldus politiek analist Pedro Medellín van de stichting Ortega y
Gasset. Colombia is mogelijk op weg naar een regime waarbij de president
bijna als een keizer regeert en de invloed van politieke partijen in een
parlement met twee kamers wordt afgezwakt, aldus Medellín

Uribe wil slechts één parlementaire kamer overhouden met daarin 260
volksvertegenwoordigers, naar eigen zeggen om het wetgevende proces
efficiënter te maken. De president wil het parlement de bevoegdheid ontnemen
om te beslissen over de toewijzing van nationale fondsen aan regionale
regeringen. In de plaats daarvan wil hij de beleids- en
investeringsbeslissingen bespreken met burgemeesters en gouverneurs in
gemeentelijke regeringsraden. De voorbij drie weken werden zulke raden
georganiseerd in vijf van de 32 administratieve departementen in Colombia.

Analisten vrezen dat het systeem zal leiden tot een vorm van politieke
klantenbinding, ten koste van de invloed van het parlement op het beleid.
Uribe beschikt in het parlement immers slechts over de steun van 61 van de
102 senatoren en 97 van de 158 volksvertegenwoordigers. De nieuwe
gemeentelijke raden moeten de president de slagkracht geven om zijn
programma door te voeren die hij in het parlement ontbreekt, aldus Medellín.

Het parlement moet zich echter nog niet direct gewonnen geven. Met een
eenvoudige meerderheid kan het beslissen geen toestemming te geven voor een
referendum over de grondwettelijke hervormingen van Uribe. In dat geval moet
de president 10 miljoen handtekeningen verzamelen - op een kiespubliek van
24 miljoen - om het referendum toch te laten plaatsvinden.

De president moest overigens al een keer in het zand bijten, toen het
parlement besliste niet Uribes kandidaat te benoemen tot hoofd van het
controleorgaan op de overheidsfinanciën, maar die van de liberale partij van
Horacio Serpa, Uribes tegenkandidaat bij de presidentverkiezingen. Volgens
Medellín was dit een schot voor de boeg om de president te waarschuwen niet
te ver te gaan bij zijn politieke hervormingsplannen. Ook zouden de
parlementsleden hebben willen protesteren tegen het plan om managers en
directeur in overheidsinstellingen voortaan te selecteren op basis van hun
verdienste. Voorheen gebeurden de benoemingen volgens een politieke
verdeelsleutel.

Anderzijds is het parlement Uribe wel gevolgd in zijn verzoek om de staat
van commotie uit te roepen. Dat is een soort noodtoestand die in Colombia
bijna permanent van kracht is en waarbij de burgerlijke rechten vrijheden
worden beperkt. Volgens de president is de maatregel gerechtvaardigd door
het escalerende geweld tussen de linkse guerrilla en rechtse paramilitairen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift