Vissen in de woestijn

In de Egyptische hoofdstad Caïro
is geregeld vis te koop uit de woestijn. Tien jaar geleden werd in de oase
van Dakhla een visserijproject gelanceerd dat nu elke maand acht tot tien
ton vis oplevert. De visserijcoöperatie in het midden van de gloeiend hete
Westelijke Woestijn moet een deel van de vangst buiten de oase verkopen - er
zit immers een reukje aan de vis.


Veel inwoners van Mut Talata, Qalamoun en Gharb el-Maghoub, drie dorpen in
de oase, halen hun neus op voor de vissen die uit drie enorme, nabijgelegen
waterreservoirs komen. Onder de oase gaan grote watervoorraden schuil die de
kunstmatige bevloeiing mogelijk maken van dadelpalmen, fruitbomen en akkers
met groenvoer. Het overtollige irrigatiewater wordt opgevangen in drie grote
spaarbekkens. Tien jaar geleden werden in die reservoirs bolti’s uitgezet,
een tilapiasoort die in de Nijl voorkomt. Tilapia is een tropische vissoort
die razendsnel groeit. Maar aanvankelijk leken de zomertemperaturen van 45
graden in de schaduw er wat te veel aan voor de bolti’s. De hitte en het
gebrek aan zuurstof in het water werd veel vissen fataal. Later bleken de
bestanden ook uitgedund te worden door de grote hoeveelheden pesticiden en
kunstmest die met het irrigatiewater naar de reservoirs vloeien. In één
bekken werd de visvangst verboden omdat de vervuiling te erg was; sinds juli
vorig jaar mag er ook niet meer worden gezwommen.

Maar volgens Moustafa Soliman, de directeur van de visserijcoöperatie in de
oase, is het probleem van de watervervuiling nu opgelost. De waterkwaliteit
zou de afgelopen maanden sterk verbeterd zijn. Nu wordt er dus weer in de
drie spaarbekkens gevist. De coöperatie heeft 45 vissers aangetrokken uit de
traditionele vissersdorpen langs de Nijl. In witte roeibootjes doorkruisen
die de reservoirs om er hun netten uit de werpen. Volgens Soliman halen ze
per maand 8 tot 10 ton vis boven, waarvan het grootste deel ter plaatse
wordt verkocht.

Maar niet iedereen in de oase hecht geloof aan de succesverhalen van
Soliman. Omar Ahmed, de directeur van het Toerismebureau van Dakhla,
voorspelt dat de hitte in de zomer weer een slachting zal aanrichten onder
de vissen. Bovendien kan volgens hem het pesticidenprobleem niet opgelost
worden: de reservoirs hebben geen overloop en verliezen alleen water door
verdamping. Daardoor wordt de concentratie van het gif almaar groter. In
Asmak we Teor el-Wadi, het enige visrestaurant in de oase, sudderen makrelen
op de grill - een zeevis die uit verafgelegen vissershavens wordt
aangevoerd. Volgens Mohammed Ali, een plaatselijke boer, belandden er tot
twee jaar geleden wel eens bolti’s uit de reservoirs op de grill van het
visrestaurant. Maar volgens hem wordt de hele vangst nu verkocht aan kopers
van buiten de oase die van niets weten.

Maar de idee om vissen te kweken in de woestijn lijkt wel aan te slaan in de
oase. In Budkhulu, een ander dorp in de oase, heeft burgemeester Kamel
Hussein Mohammed een aantal kleine vijvers gegraven waarin hij jonge vissen
heeft uitgezet. Het water in de vijvers komt rechtstreeks uit een bron en is
dus niet vervuild - je kan het drinken, zegt de burgemeester. Doordat het
water constant wordt ververst, blijft het ook veel koeler. De vissen krijgen
tarwe en maïsvlokken, en worden volgens de regels van de kunst van de ene
vijver naar de volgende overgeheveld naarmate ze groeien. Het project loopt
nog maar zes maand, maar de eerste resultaten zijn indrukwekkend: in
Budkhulu komen er al bolti’s van één kilogram op de tafel. Het enige
probleem vormt een roofzuchtige eendensoort die zich schuilhoudt in het riet
aan de oevers van de vijvers: jonge vissen zijn voor hen niet veilig. Maar
daar trekken we ons niets van aan, zegt Hussein Mohammed - we eten ook
eend.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2916   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift