Zuiden van Libanon ligt nog vol clustermunitie

Vijf jaar na de oorlog tussen Israël en Libanon ligt het zuiden van Libanon nog veel clustermunitie. Op miljoenen vierkante meters kan een verkeerde stap dodelijk zijn. Er vielen al meer dan vierhonderd slachtoffers, meestal onder de burgerbevolking.

Zelfs in de zomerhitte zijn de heuvels in het zuiden van Libanon een indrukwekkend gezicht – een lappendeken van groene, bruine en rode velden, alleen onderbroken door slaperige dorpen, rotsformaties en stoffige paden.

De meeste inwoners hier hangen af van de landbouw. Maar in de plaats van gewassen te zaaien of hun kuddes te laten grazen, bekijken ze de heuvels al vijf jaar argwanend. De velden verbergen duizenden stuks clustermunitie, wachtend op hun volgende slachtoffer.

“Elke dag vinden we clusterbommen tussen de huizen en in de velden”, zegt Ali Shuaib, verbindingsman van de Mines Advisory Group, een Britse ngo die landmijnen en andere oorlogsrestanten in Libanon opruimt. “Er zijn tientallen van deze dorpen in het zuiden.”

Vier miljoen clusterbommen

Libanon had al flink te lijden gehad onder landmijnen sinds de burgeroorlog van 1975-1990 en de daaropvolgende bezetting van Israël. Maar de 34 dagen durende Israëlische aanval in juli 2006 leidde tot een nooit eerder geziene uitzaaiing van clustermunitie. Volgens Human Rights Watch werd sinds de Golfoorlog van 1991 nergens ter wereld zoveel clustermunitie gebruikt als toen in Libanon.

Tijdens de laatste 72 uren van de gevechten, op een moment dat de VN-Veiligheidsraad al de resolutie had aangenomen om de vijandigheden te staken, dropte Israël meer dan vier miljoen clusterbommen op Zuid-Libanon. Minstens 40 procent kwam niet meteen tot ontploffing, zeggen de VN. Daardoor werden bommen de facto landmijnen.

Miljoenenverlies

Zolang de clusterbommen er liggen, kunnen ze nog tientallen jaren schade aanrichten. Volgens de ngo Handicap International valt 95 procent van de slachtoffers onder de burgerbevolking. Sinds het eind van de vijandigheden vijf jaar geleden werden al 408 Libanese burgers gedood of gewond door clustermunitie. Ruim een kwart van deze slachtoffers was minderjarig.

De bommen brengen ook de Libanese economie schade toe. In Zuid-Libanon draaide de economie al niet goed, de clusterbommen hebben dat nog verergerd door ruim een derde van de landbouwgrond onbruikbaar te maken. Daardoor gaan miljoenen euro’s aan inkomsten verloren, zegt majoor Pierre Bou Maroun van het Libanese leger, die alle ontmijningsoperaties in het land coördineert. In 2007 alleen al liep Libanon 127 miljoen euro aan landbouwinkomsten mis als gevolg van de clustermunitie.

VN-conventie voor clustermunitie

Israëls massale gebruik van clusterbommen in Libanon versnelde het internationale verbod op clustermunitie, dat er in 2007 kwam. 107 landen – maar niet de VS, Israël en China – stemden toen voor de VN-conventie over clustermunitie. Die verbiedt het gebruik, de productie, de opslag en het transport van alle vormen van clustermunitie. Het verplicht de landen ook gecontamineerde zones binnen de tien jaar te ontmijnen, alle voorraden binnen de acht jaar te vernietigen en de slachtoffers hulp te bieden.

Libanon was in december 2008 een van de eerste landen die de conventie ondertekenden en eist bij de uitvoering ook een internationale leidersrol op. Zo is Beiroet deze week gastheer voor de tweede internationale conferentie van landen die de conventie hebben ondertekend.

De conferentie “is een gouden kans voor Libanon”, zegt Haboubba Aoun, een van de Libanese vertegenwoordigers van de Clustermunitiecoalitie. “We hopen dat de rest van de wereld meer aandacht zal krijgen voor het clusterbomprobleem in Libanon en dat men zal beslissen om door te gaan met de opruiming en de hulp aan slachtoffers.”

22 miljoen vierkante meter

Ondanks voortdurende financieringsproblemen boeken opruimingsteams grote vooruitgang. Van de 2259 bekende mijnenvelden zijn er 1578 opgeruimd, zegt majoor Bou Maroun.
Maar daarnaast zijn er nog 22 miljoen vierkante meter besmette gebieden. En in dat cijfer zitten nog niet eens zwaar gecontamineerde zones zoals de Blauwe Lijn, de grens tussen Libanon en Israël, waar de VN-vredesmacht Unifil voor de opruiming instaat.

Met voldoende financiering en steun kan Libanon tegen 2016 vrij zijn van clustermunitie, zegt Bou Maroun.

Onder internationale indruk heeft Israël aan het Libanese leger kaarten bezorgd met de doelwitten van de clusterbombardementen. Maar, zegt Bou Maroun, deze kaarten zijn “papier voor de papiermand” want ze tonen geen coördinaten van die doelwitten.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift