Afrikaanse literatuur op z'n best

Een gambit is een openingszet in het schaken. Deze verhalenbundel is een openingszet, een aanzet om andere uitgeverijen, schrijvers en redacteuren meer van dergelijke prachtige verhalen en verhalenbundels te laten publiceren; een aanzet ook om de literaire wereld te laten zien hoe Afrikaanse literatuur op zijn best, van met name jonge, opkomende auteurs, er kan uitzien.

  • Curt Carnemark / World Bank (CC BY-NC-ND 2.0) De bundel Gambit. Newer African Writing bewijst dat Afrika barst van jonge, creatieve schrijvers, die zich met verve kunnen meten met de grotere verhalenvertellers van de gevestigde literaire canon. Curt Carnemark / World Bank (CC BY-NC-ND 2.0)
  • European Parliament (CC BY-NC-ND 2.0) Wole Soyinka, Nigeriaans auteur en eerste Afrikaanse Nobelprijslaureaat. European Parliament (CC BY-NC-ND 2.0)

De samenstellers van de bundel stellen het in de inleiding als volgt: ‘Gambit aims to open up the conversation about what is (or is not) African writing, who or what African writers are and represent, and how this conversation can broaden the reader’s understanding of places and people so foreign to their own experiences. Further Gambit seeks to challenge the publishing industry’s assumptions of quality African and world literature and to encourage similar publishing efforts elsewhere.’

Interviews

Gambit. Newer African Writing bevat negen korte verhalen van jonge, opkomende Afrikaanse schrijvers. Elk verhaal wordt voorafgegaan door een interview met de betreffende schrijver. Normaal gesproken is dat een mooie combinatie: door hetgeen de schrijver te vertellen heeft, kun je zijn of haar verhaal beter kaderen, en vice versa.

Althans, zo zou het kunnen zijn. Maar – en dat is meteen het enige minpunt aan deze bundel – er is hier weinig sprake van wederzijdse bevruchting: in geen enkel interview wordt ingegaan op het verhaal dat erna volgt.  Als lezer ben je benieuwd hoe het verhaal past binnen het oeuvre van de auteur; welke tendensen er zichtbaar zijn in het verhaal; hoe het verhaal past binnen de literaire traditie van het herkomstland van de auteur, etc. Je komt het op basis van de interviews niet te weten.

Dat neemt niet weg dat de interviews wel allemaal van een hoog niveau en zeer lezenswaardig zijn. Ze gaan in op de invloed van de leefomgeving van de schrijver, op de invloed van andere boeken en schrijvers, op de keuze van de schrijver voor fictie of poëzie, op de keuze tussen het schrijven van kortverhalen of romans, op de rol van het Engels binnen het werk van de schrijver, en op het belang van (westerse) erkenning voor een opkomende Afrikaanse schrijver.

European Parliament (CC BY-NC-ND.0)

Wole Soyinka, Nigeriaans auteur en eerste Afrikaanse Nobelprijslaureaat.

De hofleverancier van literatuur uit Afrika

Er is een nieuwe generatie schrijvers opgestaan die het niet primordiaal vinden om westerse erkenning te krijgen.

Elk interview wordt dus gevolgd door een kortverhaal.  De negen prachtige verhalen in het boek komen van schrijvers uit Zimbabwe, Botswana, Malawi, Somalië en Nigeria. De meeste schrijvers komen wel uit Nigeria, wat maakt dat je als lezer – ook uit de interviews trouwens – veel te weten komt over de staat van de literatuur uit dat land, tot in de jaren tachtig de hofleverancier van literatuur uit Afrika.

Zo leren we dat er na de generatie Soyinka, Achebe en Clark nog maar weinig belangwekkend poëtisch werk uit Nigeria is verschenen. Daarentegen lijkt het kortverhaal er te floreren, net als elders in Afrika trouwens.

De Nigeriaanse auteur Richard Ali maakt de volgende, belangrijke opmerking over de jongste Afrikaanse literatuur:

‘I foresee the rise of ideologies of Nigerian and Africa writing from this generation; we will leave ideas and factions and schisms — the whole works. And we will leave a mark. We are already making an impact, because for us the purpose of tradition is to aid us to be at the start of a new tradition. There are no foreign influences to overwhelm, for we have seen the harm of unoriginality and, I am hopeful, we largely value our creative authenticity.’

Hiermee raakt Richard Ali de kerngedachte van dit boek aan: er is een nieuwe generatie schrijvers opgestaan, die schrijven vanuit Afrika, vanuit en over een lokale context, en die het niet primordiaal vinden om (westerse) erkenning te krijgen, die de inhoud van hun werk niet laten bepalen doordat ze de Nobelprijs of the Man Booker Price willen winnen.

De schrijvers in deze bundel zeggen bijna steevast dat ze in eerste instantie schrijven vanuit hun buik, vanuit een urgentie omdat de verhalen al lang in hun hoofd zitten of omdat ze gewoon mooie verhalen willen schrijven. Ze beamen dat erkenning belangrijk is, maar dat die evengoed vanuit een lokale setting kan komen.

Een belangrijke drijfveer van de samenstellers van deze bundel, Emannuel Iduma en Shaun Randol,  is om juist deze nieuwe, opkomende generatie van Afrikaanse schrijvers een stem te geven en de erkenning die ze verdienen, vanuit een niet-westers perspectief, los van de heersende, vooral westerse, literair-kritische canon.

Ze slagen daar met verve in; ze brengen verhalen die vlot leesbaar zijn, met een goede plotstructuur en karakterontwikkeling.

Universele thema’s

Een kenmerk van grote literatuur is verder dat universele thema’s zoals eenzaamheid, verlangen, vervreemding, racisme, etc. subtiel uitgewerkt worden. Dat is zeker het geval in de verhalen in dit boek. Wat bijvoorbeeld te denken van het beklijvende verhaal Talk to me van Dami Ajayi (Nigeria), over een jong koppel dat uitgekeken op elkaar raakt, wat ook letterlijk verbeeld wordt doordat de vrouw meer kijkt naar het schermpje van haar nieuwe Blackberry, dan naar haar man.

Ook het jonge koppel in het verhaal Back to Love van Donald Molosi (Botswana) heeft elkaar niets meer te zeggen. Zij is Amerikaanse, hij van Botswaanse afkomst. Ze zitten in een restaurant waar de Vermeer in de inkomhal net zo fake is als het gesprek tussen de twee “geliefden” in ’t bijzonder en het conversatieniveau van de gemiddelde Amerikaan in ‘t algemeen.

De setting van het restaurant staat zo symbool voor de Amerikaanse, en bij uitbreiding, de westerse samenleving: naar buiten toe soms indrukwekkend, maar van binnen kunstmatig, toch in ieder geval door de ogen van een niet-westerling zoals Thera, de Botswaanse jongeman. De gesprekken die er gevoerd worden zijn oppervlakkig en ontberen empathie. De bejegening van niet-westerlingen is in ’t beste geval vriendelijk, in ’t slechtste geval racistisch, maar meestal zweeft het daar ergens tussenin.

Krassen op de ziel

De bundel bewijst dat Afrika barst van jonge, creatieve schrijvers.

Vooral deze twee verhalen, maar ook andere in de bundel, geven de lezer een grote mate van onbehagen, ze laten krassen op de ziel achter, omdat ze zo herkenbaar zijn. Uit de verhalen spreekt een gevoel van vervreemding, van desoriëntatie, hetzij binnen een (andere) cultuur, hetzij binnen een gezins- of liefdesrelatie.

De verhalen halen de grote levensthema’s boven: verdriet, rouw, racisme, tribaal geweld, etc. Ze brengen de condition humaine ten volle tot leven. Maar dat moet, zoals de Nigeriaanse schrijver Abubakar Adan Ibrahim zo mooi zegt, misschien ook wel het doel van elke schrijver zijn:

‘Essentially, I think the purpose of the writer is to cast light on the dark side of things – of feelings and thoughts and actions that define the way we live and the way we perceive things. I think the writer is the chronicler of the human experience against the backdrop of change, which in itself is constant.’

De bundel Gambit. Newer African Writing bewijst dat Afrika barst van jonge, creatieve schrijvers, die zich met verve kunnen meten met de grotere verhalenvertellers van de gevestigde literaire canon. En een van de belangrijkste doelstellingen van het boek was net om deze jongere, nog onbekendere Afrikaanse schrijvers een forum te geven.

Uitgeverij The Mantle, trouwens ook een interessant online platform voor Afrikaanse literatuur, heeft een mooie gambit, een openingszet gedaan door deze prachtige verhalen voor een breed publiek te publiceren. Mission accomplished zou ik zeggen.

Gambit. Newer African Writing door Emmanuel Iduma & Shaun Randol, 306 pagina’s, ISBN 9781938022883.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3181   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift